Review

Klassiek: Erik Satie - Vexations

Reinbert de Leeuw. Foto GPD Beeld
Reinbert de Leeuw. Foto GPD

AMSTERDAM - 'Zeer langzaam' (Très lent) schreef de Franse componist Erik Satie als tempoaanduiding boven zijn raadselachtige pianostuk Vexations, dat dit weekeinde in het Muziekgebouw aan 't IJ werd gespeeld tijdens het World Minimal Music Festival. De uitvoering duurde 21 uur.

Maar hoe langzaam is très lent nou eigenlijk precies? Vraag het de acht pianisten die zich van zaterdagavond elf uur tot zondagavond acht uur over Vexations buigen en ze geven allemaal een ander antwoord. "Tja, niemand weet hoe langzaam 'zeer langzaam' is," zegt Reinbert de Leeuw een half uur voor aanvang van de marathonuitvoering in de Klankspeeltuin, met gemakkelijke stoelen en ligkussens voor het publiek.

Om 5 voor elf neemt De Leeuw, die de eerste twee uur van Vexations zal spelen, plaats aan de vleugel, waar hij zich 'in diepste stilte en door ernstige onbeweeglijkheden' voorbereidt op wat komen gaat, precies volgens het voorschrift van Satie. Als De Leeuw de eerste tonen begint te spelen van het stukje van ongeveer anderhalve minuut, dat in totaal 840 keer zal worden herhaald, zit de Klankspeeltuin propvol. Er moeten zelfs mensen staan.

Al na zeventien minuten sluipen de eerste vier mensen zo zachtjes mogelijk de zaal uit. Anderen komen binnen. Als er ergens een lekkerder stoel vrijkomt, verplaatst men zich. Er is veel gekraak van stoelen.

De Leeuw speelt intussen in diepe concentratie het ongrijpbare bas-thema en de twee nog ongrijpbaardere harmonisaties daarvan - vooral verminderde drieklanken. Hij leest het stuk, dat op één A-viertje past, twee uur lang van blad - zoals iedereen. "Ik kan alle pianomuziek van Satie uit het hoofd spelen, maar bij Vexations durf ik dat niet aan, omdat het zo krankzinnig genoteerd is. Ik ben als de dood dat ik een vergissing maak."

Alle Vexations-pianisten onderschrijven dat. Nora Mulder heeft zelfs een eigen transcriptie gemaakt. Aan het einde van De Leeuws speelbeurt, om 1 uur 's nachts, zijn nog dertig man publiek over. Tijdens de vier (!) uur durende sessie van pianist nummer twee, Reinier van Houdt, dunt het gezelschap verder uit.

Om vier uur in de nacht zijn nog zeven mensen over. Drie van hen liggen te slapen en één hoort bij de organisatie, die turft hoeveel herhalingen al zijn gespeeld.

Slapen gaat erg goed op Vexations. Maar luisteren levert meer op. Nachtwanen bijvoorbeeld. Ondergetekende begint tijdens Van Houdt onmiskenbaar te hallucineren. Ik hoor samenklanken die helemaal niet worden gespeeld en omdat de acht pianisten ieder afzonderlijk een eigen dynamiek, frasering en tempo hebben, klinkt Vexations tot op het allerlaatst volkomen nieuw.

Als Nora Mulder om tien voor vijf het roer van Van Houdt overneemt en ze het tempo aanzienlijk terugschroeft, is het alsof ik de muziek weer voor het allereerst hoor. Ik kan het thema nog steeds niet meefluiten. Ook na 21 uur niet trouwens. Satie was een genie.

De afwisseling van die acht pianisten is een wonderbaarlijke ervaring, omdat iedereen er iets volstrekt eigens van maakt. Bij Cees van Zeeland voel je een prettige puls. Bij John Snijders juist niet. Ivo Janssen tovert met kleuren. Gerard Bouwhuis speelt met de balans. Reinier van Houdt zoekt naar de ondergrens van de dynamiek.

En bij Marcel Worms begint opeens de dalende grote terts dis-ces in het thema opeens enorm te irriteren. Bizar. Als Bouwhuis zondagavond precies om acht uur voor de allerlaatste keer de verminderde drieklank cis-e-g speelt, is er applaus. Ik klap het hardst en het langst. Misschien ook wel voor mezelf. Omdat ik de enige idioot ben die 21 uur is blijven luisteren. (ERIK VOERMANS)

Meer over