'Hondenpoep zit in de psyche'

null Beeld

De Hondenlobby Amsterdam zet zich in voor verbetering van de positie van de twintigduizend honden in de stad en hun baasjes. Het beleid is hondonvriendelijk, zegt projectleider Eva van Joost: 'Er is veel negatieve beeldvorming.

Wat wil de hondenlobby?

''Een diervriendelijk hondenbeleid. In Amsterdam is het zo geregeld dat alle stadsdelen voor een deel zelf invulling mogen geven aan het beleid.

Wij praten met stadsdeelbestuurders en ambtenaren over wat wij belangrijk vinden. Zo veel mogelijk losloopgebieden in de stad, om een speerpunt te noemen. Steeds meer parken zijn verboden voor honden. De plekken waar ze wel vrij mogen rondlopen, worden kleiner. Er wordt te weinig rekening gehouden met het welzijn van de dieren.''

Lukt het u daar verandering in te brengen?

''Dat verschilt per stadsdeel. Zuideramstel is een voorbeeld van een redelijk diervriendelijk hondenbeleid. Daar heeft men ook het voordeel van veel groene plekken. Het Centrum vind ik tegenvallen. Daar is heel veel asfalt, heel weinig park en tot nog toe ook nog eens heel weinig animo om iets te doen.''

De hond wordt gezien als lastpak.

''Dat klopt. We hebben als Hondenlobby net een brandbrief gestuurd naar de gemeente om te protesteren tegen de manier waarop honden de laatste jaren in het beleid puur als veroorzakers van overlast worden neergezet. Dat leidt tot negatieve beeldvorming. Hondenbezitters worden zwaar gediscrimineerd. Honden zijn serieuze gebruikers van de openbare ruimte. Ze maken sinds mensenheugenis deel uit van het leven van het stad. Ze verdrijven de eenzaamheid van mensen en vervullen een nuttige rol binnen gezinnen met kinderen. Die kant wordt onvoldoende belicht.''

Het beleid richt zich met name op de bestrijding van hondenpoep.

''Ook wij vinden dat eigenaren de poep moeten opruimen. Maar ik heb de indruk dat het probleem ook wel wat wordt overdreven. Het probleem van de hondenpoep heeft zich vastgezet in de psyche van de mens. Als je mensen vraagt naar hun grootste ergernis, wordt meteen de hondenpoep genoemd. Ik vraag me af of dat nog steeds de realiteit is. Ik denk dat het gebrek aan ruimte in de stad een veel groter probleem is.''

Hoe bedoelt u dat?

''Het wordt steeds drukker in de stad. De verschillende gebruikers beginnen elkaar te irriteren. De parken zijn daar een mooi voorbeeld van. Het Vondelpark was traditioneel een park waar honden vrij konden loslopen. Daarna kwamen de skaters, de voetballers en de barbecuers die allemaal hun ruimte opeisten. Het ziet ernaar uit dat de hondeneigenaren als eerste ruimte moeten inleveren. Maar waarom pakken ze de barbecuers niet aan? Je wilt niet weten hoeveel troep en vuil die achterlaten in het park.''

Ouders maken zich zorgen over de veiligheid van hun kinderen.

''De cijfers laten zien dat die zorg onterecht is. Incidenten op straat zijn echt heel zeldzaam. Meer dan negentig procent van de bijtincidenten gebeurt binnenshuis. Doorgaans is er sprake van een verkeerde interactie tussen kind en hond. Het kind doet iets met de hond en de hond reageert.''

De weerzin heeft ook een culturele achtergrond. Veel migranten houden niet van honden.

''Amsterdam is een wereldstad met de bijbehorende dynamiek. De samenstelling van de bevolking verandert. Dat wil zeggen dat er steeds meer mensen komen die niet vertrouwd zijn met de hond als huisdier. Dat zorgt voor spanning. Ik geloof zelf dat het gewoon tijd nodig heeft. Ik zie nu al op discussiefora op internet berichten van migranten die positief spreken over huisdieren. Dat moet groeien. Daarom geven wij met de Dierenbescherming voorlichting op scholen.''

Heeft u zelf een hond?

''Ja, een kruising van een Jack Russell en een vlinderhondje. Een compact exemplaar dat ook in het bakje op mijn fiets past. Bovendien verkeer ik in de gelukkige omstandigheid dat ik Scotty twee dagen per week naar de hondencrèche kan brengen. Maar er zijn heel veel mensen die dat niet kunnen. Voor die eigenaren maken wij ons sterk.'' (PATRICK MEERSHOEK)

Foto ANP/Koen Suyk Beeld
Foto ANP/Koen Suyk
Meer over