Analyse

Alleen al de suggestie dat Meijering iets prijsgeeft kan dodelijk zijn

De poging van het Openbaar Ministerie advocaat Nico Meijering bij de onderzoeksrechter te ver­horen over liquidaties, past in een strijd die al jaren verhardt.

Paul Vugts
Strafadvocaat Nico Meijering Beeld anp
Strafadvocaat Nico MeijeringBeeld anp

Advocaat Nico Meijering en zijn kantoor staan, populair uitgedrukt, de halve Amsterdamse onderwereld bij. De grote jongens, veelal. Daar komt bij dat Meijering in de rechtszaal fel om zich heen slaat en ook daarbuiten geen blad voor de mond neemt.

Tot zijn woede heeft justitie hem opgeroepen voor een verhoor bij de onderzoeksrechter over uitspraken in media. Tot zijn nog grotere woede heeft de rechter hem inderdaad voor zo'n verhoor ontboden, vanmorgen.
Meijering had in september, na het eerste verhoor van kroongetuige Fred Ros, in televisieprogramma Pauw fel uitgehaald naar justitie, dat meer kroongetuigen wil inzetten. Dat leidt volgens Meijering tot nog meer liquidaties in de onderwereld.

Verleiden tot moord
Hij zei te hebben gehoord dat 'twee jonge knapen' zich recentelijk tot het plegen van een moord hadden laten verleiden 'juist door deze regeling' voor spijtoptanten - waarin justitie ze volgens Meijering veel geld biedt. Justitie zegt dat de raadsman zijn suggestie maar moet hardmaken bij de onderzoeksrechter. Dat zal hij nooit doen, zoals ook justitie weet.

Hoewel de deken van de Orde van Advocaten het met Meijering eens is dat hij op alle vragen mag, zelfs móet zwijgen vanwege zijn beroepsgeheim, heeft justitie gevorderd dat hij over vier (niet nader genoemde) onderwereldmoorden komt getuigen. De rechter eist dat ook, zoals gezegd.

Levensgevaarlijk, zo vinden de advocaat en zijn kantoorgenoten. De suggestie alleen al dat hij iets zou prijsgeven, kan in de huidige paniek binnen het milieu dodelijk zijn, stellen Meijering en zijn confrères.
De oproep voor het verhoor past in een 'geweldsspiraal' waarin Meijering en justitie al jaren zijn verwikkeld.

Geheime gesprekken
In de grootste strafzaak tegen de Hells Angels ooit bleek eind 2007 dat justitie doelbewust en stelselmatig tegen alle regels in gesprekken tussen verdachten en hun advocaten had bewaard - in een kennelijke poging ook enkele advocaten mee te nemen in hun onderzoek. De rechtbank veegde de zaak van tafel.

De man die de kwestie over deze 'geheimhoudersgesprekken' had aangezwengeld: Nico Meijering, hand in hand met kantoorgenoten.
Ook in 2007 zette justitie de hoogst opmerkelijke stap een advocaat op te roepen voor verhoor bij de onderzoeksrechter, in een zaak tegen zijn eigen cliënten. Jawel: Nico Meijering.

Dat ging om de zaak tegen de van het lekken van informatie verdachte rechercheur Sjaak K. Hier speelde mee dat Meijering op tv had gezegd dat hij vooraf op de hoogte was van de invallen bij de Hells Angels.

Hij betoogde in het verhoor dat hij door zijn beroepsgeheim niets mocht zeggen, maar de onderzoeksrechter - dezelfde die hem nu liet getuigen - stelde toch zijn vragen. Die bleven ook toen onbeantwoord. De rechter ging vervolgens niet zo ver Meijering te gijzelen, zoals hij had kunnen doen omdat getuigen verplicht zijn te antwoorden.

Verharding
Binnen de advocatuur leven zorgen over de verharding van de strijd die justitie ook buiten de rechtszaal voert tegen raadslieden, én de observatie dat rechters daarin meegaan.

Lian Mannheims, die als plaatsvervangende deken in 2007 Meijering begeleidde in zijn verhoor, trad vandaag op als zijn advocaat. 'De schijn is in ernstige mate gewekt dat Meijering op het matje wordt geroepen voor uitspraken die het OM onwelgevallig zijn,' zegt Mannheims. 'Dat het verhoor doorging ondanks mijn uitvoerige brief vol tegenargumenten, neemt die schijn niet weg.'

Om half twaalf verliet Meijering boos de verhoorruimte omdat zijn woorden volgens hem gekleurd in het verslag kwamen.

undefined

Meer over