Nieuws

Zorgpoliswildgroei: 20 euro minder betalen bij zelfde verzekeraar

Wie verzekerd is bij het hoofdmerk van een zorgverzekeraar, betaalt honderden euro’s meer. Steeds meer zorgverzekeraars bieden namelijk tweelingpolissen aan: ze zijn fors goedkoper, maar verschillen inhoudelijk amper van hun bestaande aanbod. Toezichthouder NZa spreekt van een onwenselijke situatie, maar verzekeraars voelen zich gedwongen.

Tijn Elferink
null Beeld Joris van Gennip
Beeld Joris van Gennip

Een zorgverzekering bij hetzelfde hoofdmerk met nagenoeg dezelfde polis, toch betaalt de een honderden euro’s meer dan de ander. Daarvoor heeft Zilveren Kruis zijn alternatief Ziezo, Menzis heeft vechtlabel VinkVink, VGZ heeft Bewuzt en CZ biedt ook Just aan. Inhoudelijk verschillen de zorgpolissen amper, wel zijn de verschillen in prijs groot. “Het verschil kan oplopen tot ruim 20 euro per maand,” zegt Mirjam Prins, expert zorgverzekeringen bij vergelijker Independer.

Een zorgverzekeraar mag niet exact dezelfde polis voor verschillende prijzen aanbieden. Om zogenoemde kloonpolissen te voorkomen, zorgen verzekeraars dat de polissen een beetje verschillen. “Minimale verschillen zodat niemand kan zeggen dat de polissen hetzelfde zijn,” legt Prins uit. Maar de verschillen zijn zo klein, dat het eigenlijk tweelingpolissen zijn.

Zoek de verschillen

“Het lijkt wel een nieuw gezelschapsspel voor de feestdagen,” zegt Wynand van de Ven, emeritus hoogleraar Zorgverzekeringen aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. “Zoek de verschillen, en dat is niet eenvoudig.”

Bij Just van CZ is er bijvoorbeeld een verschil in de vergoeding voor niet-gecontracteerde zorg. Bij gecontracteerde zorgaanbieders wordt zorg volledig vergoed, bij niet gecontracteerde zorgaanbieders kan het zijn dat een verzekerde moet bijbetalen. Bij CZ is dat 25 procent, bij Just 40 procent.

Verzekerden bij Ziezo moeten digitaal met hun verzekeraar communiceren, waar verzekerden van Zilveren Kruis dat ook per telefoon of brief kunnen. Ook heeft Ziezo een beperkter aanbod van gecontracteerde leveranciers van hulpmiddelen en is collectiviteitskorting niet mogelijk.

Poliswildgroei

Het aanbod is nodeloos complex en dat maakt het voor consumenten erg ingewikkeld, stelt Erik Bloem van de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa). “Het zijn vrijwel dezelfde polissen, alleen met een andere wikkel eromheen, een andere prijs en gericht op verschillende mensen. Verboden is niet, onwenselijk is het wel en daarom moeten zorgverzekeraars consumenten wijzen op deze polissen die bijna hetzelfde zijn en verschillen in prijs.”

Rechtvaardigen die kleine verschillen in de polis een premieverschil dat op jaarbasis kan oplopen tot 250 euro? De verschillen tussen het hoofdlabel en het vechtlabel hebben invloed op de kosten, zegt Van de Ven. “Maar waarschijnlijk is dat kostenverschil kleiner dan het premieverschil.”

Race to the bottom

Het is volgens Van de Ven dan ook waarschijnlijk dat de zorgverzekeraar met deze tweelingpolissen gezonde verzekerden zoekt waar de verzekeraar vanwege de risicoverevening aan verdient. Het is een race to the bottom: zodra één zorgverzekeraar begint, moeten de anderen wel volgen. “Anders gaan alle gezonde mensen naar de concurrent en blijf jij achter met de ongezonde mensen.”

De meeste marketinginspanningen zijn gericht op financieel gunstige groepen, concludeert Marco Varkevisser, hoogleraar Marktordening in de Gezondheidszorg aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Hij onderzocht meer dan tweehonderd marketinguitingen uit vorige het overstapseizoen.

Het is een interne worsteling of we hierin meegaan, erkent Marie-José van Gardingen van CZ. “We hoeven er niet beter van worden. Maar als andere zorgverzekeraars het wel doen, worden we er wel slechter van.”

Jaarlijks introduceren zorgverzekeraars nieuwe merken en labels, zo blijkt uit cijfers van Independer. Voor komend jaar bieden verzekeraars 37 verschillende naturapolissen, waarbij gecontracteerde zorg vergoed wordt. Dat is ruim een kwart meer dan de 29 die vijf jaar geleden werden aangeboden.

De laatste nieuwkomer is VinkVink van Menzis. “Wij zijn vorig jaar klanten verloren,” zegt Corine Rodenburg van Menzis. “We zijn gaan kijken: wie zijn weggegaan en waarom? Om die groep te bedienen hebben we VinkVink geïntroduceerd.”

Voordeel van een nieuw merk

Een nieuw merk heeft zo z’n voordelen. Voor bestaande merken moet de verzekeraar uiterlijk zeven weken voor het einde van het jaar de premie bekendmaken. Omdat een nieuw merk geen verzekerden heeft, kan het concern wachten tot alle concurrenten de prijzen bekend hebben gemaakt. Daardoor kan het nieuwe merk net onder de goedkoopste concurrent gaan zitten, met veel instroom van prijsbewuste en vaak gezonde verzekerden tot gevolg. De NZa vindt dat er daarom sprake is van oneerlijke concurrentie.

Opvallend aan tweelingpolissen is ook dat het aanbod aan aanvullende verzekeringen bij het vechtlabel veel beperkter is dan bij het hoofdmerk. Uitgebreide aanvullende verzekeringen kunnen wel in combinatie met de basisverzekering van Zilveren Kruis en niet met die van Ziezo.

“Dat is dit een zeer effectieve manier van risicoselectie,” zegt Van de Ven. “Op vergelijkingswebsites kiezen gezonde mensen vaak geen of een beperkte aanvullende verzekering. Chronisch zieken zullen eerder voor een uitgebreide aanvullende verzekering gaan. Gevolg is dat zij de goedkope polissen niet te zien krijgen.”

Onschuldige risicoselectie

“Het is gelukkig een vrij onschuldig vorm van risicoselectie,” zegt Van de Ven. Behalve het verschil in premie lijkt deze vorm volgens hem geen verdere nadelen te hebben. Volgens de hoogleraar is het goed en zelfs wenselijk dat verzekeraars inspelen op de voorkeuren van verzekerden.

“Wij zien het als schadelijk,” stelt Van Gardingen van CZ, een verzekeraar die meer dan andere zorgverzekeraars last heeft van de fout in de risicoverevening. “We zeggen niet voor niets steeds tegen het ministerie: verbeter de risicoverevening, dan ben je hier vanaf. We hebben prima zorgstelsel, maar hier gaat het mis.” Menzis vindt de situatie onwenselijk en pleit ook voor aanpassing van de risicoverevening.

Het is volgens Van de Ven vooral van belang de verschillen voor de consument helder zijn. “Dat is nu nog niet het geval en daar ligt een taak voor zorgverzekeraars en vergelijkers.” Prins benadrukt dat Independer bij het vergelijken daarom niet alleen naar prijs kijkt. “Om het beste advies te geven, speelt klanttevredenheid en het aanbod van zorgverleners ook mee.”

Hoe kun je voorkomen dat je te veel betaalt?

Bijna alle verzekeraars hebben naast hun hoofdmerk één of meerdere labels, daar zitten prijsverschillen tussen. “ONVZ was een van de laatste met de introductie van Jaaah,” zegt Van de Ven. “Alleen DSW heeft er nog geen.” Die labels zijn vaak veel goedkoper, maar meestal zijn er ook inhoudelijke verschillen. Zo kan de polis van het hoofdlabel een combinatiepolis zijn en de goedkopere verzekering een naturapolis. Independer ziet een toename van verzekerden die binnen een zorgverzekeraar wisselen van de ene naar de andere polis en daarmee tot honderden euro’s per jaar besparen.