PlusInterview

Ziekenhuisbaas Ernst Kuipers: ‘Eén ding is zeker: corona gaat niet meer weg’

Ziekenhuizen willen zo min mogelijk reguliere zorg uitstellen, dus trekt Ernst Kuipers nu aan de bel. “Mensen wachten al te lang, dat leidt ook tot gezondheidsschade.”

Ellen van Gaalen en Marcia Nieuwenhuis
Ernst Kuipers, voorzitter van het Landelijk Netwerk Acute Zorg. Beeld ANP
Ernst Kuipers, voorzitter van het Landelijk Netwerk Acute Zorg.Beeld ANP

Ernst Kuipers is een man van de cijfers. Al ‘drie winters’, zoals hij de duur van de coronapandemie zelf beschrijft, zit hij er bovenop. Van vooraanstaand specialist werd hij bestuursvoorzitter van het Rotterdamse Erasmus MC én voorzitter van het Landelijk Netwerk Acute Zorg, dat in het bestrijden van de pandemie een sleutelrol vervult. Als LNAZ-voorzitter was hij de bedenker van het verdelen van coronapatiënten over de beschikbare bedden.

Het hoge aantal coronabesmettingen per dag is voor hem reden om aan de bel te trekken. “Die 16.000 besmettingen zijn een onderschatting. De testbereidheid is een stuk lager.” Tijd voor maatregelen, vindt hij, want alleen als het aantal besmettingen daalt, blijft er in de ziekenhuizen genoeg plek over. “Begin oktober kwamen dagelijks 35 nieuwe coronapatiënten in het ziekenhuis. Niets aan de hand, geen probleem. Maar ondertussen zitten we boven de 225 per dag.” Dat lijkt volgens hem niet veel, maar dat is het wel, zo rekent hij voor. “We hebben de afgelopen periode zo’n 85.000 coronapatiënten opgevangen. Bij elkaar waren dat meer dan 700.000 verpleegdagen. Het gaat echt om substantiële aantallen.’’

Is deze golf anders?

“Om een paar redenen is het nu anders. Het aantal opnames zou minder moeten zijn, want we hebben nu veel meer gevaccineerde mensen dan eerder.”

Daar legt u de vinger op de zere plek.

“Ja, het zou minder moeten zijn, maar dat is het niet.”

Hebben we ons blindgestaard op vaccinaties als wondermiddel?

“Nee, de vaccins doen echt wat. Zonder vaccinaties was het veel erger. Het gros van de patiënten is nog altijd ongevaccineerd. Zij hadden er niet hoeven liggen. Daarnaast hebben we er altijd rekening mee gehouden dat mensen met een onderliggende aandoening, zoals hart- en vaatziekten, ná vaccinatie nog steeds risico hebben op ziekenhuisopname. Dat gaat om 400.000 à 700.000 mensen. Bij zulke hoge besmettingsaantallen raken in deze groepen ook grote aantallen mensen tegelijkertijd besmet. Deze zomer zei ik al: houd er rekening mee. Als we alles te vrij laten, kunnen we eenvoudig 10.000 besmettingen per dag halen. Waarvan akte.”

Daar zitten we overheen.

“Het RIVM schatte dat er midwinter maximaal 1500 mensen in de ziekenhuizen zouden liggen, waarvan 500 op de ic. De realiteit is: het is november, we zitten al op bijna 1700 opnames. En we stijgen door.’’

Hoe komt dat?

“Omdat het aantal besmettingen te hoog is. Mensen zeggen: dat moet je na twee jaar toch geregeld hebben? Het antwoord is: dat kan niet. Het gaat niet om een bed, laken, kussen of infuuspomp, het gaat om personeel. Deze week sprak ik collega’s van acht andere academische ziekenhuizen in het buitenland. Die beschreven precies hetzelfde. Ook in Duitsland, waar het aantal bedden veel groter is, Stockholm, Leuven, Parijs - overal spelen dezelfde problemen.”

Maar hier hádden we al een krappe bezetting.

“Dat is zo. De overallcapaciteit is in Duitsland ongeveer vijf keer zo groot. Maar nog steeds hebben we dezelfde problemen. Dat heeft te maken met het exponentiële verloop van zo’n infectie. De aantallen zijn zo groot dat je ergens een keer tegen je grens aan loopt. Dat gebeurt ongeacht de grootte van het systeem.”

Hadden we eerder moeten beginnen met de boosterprik?

“Die boosterprik wordt heel relevant. We moeten zo snel mogelijk beginnen met prikken.”

Half september liep het aantal besmettingen hard op. Hoe is daarop gereageerd?

“Ehhmm...’’

De anders zo spraakzame Kuipers is even stil.

We zitten met een duivels dilemma. Op heel goede gronden willen mensen geen maatregelen meer. Maar op heel goede gronden beschouwen we ook toegang tot zorg als een maatschappelijke verworvenheid die we niet willen loslaten.”

“Werkelijk iedereen komt weer met een uitgestoken hand naar je toe bij een ontmoeting. Als ik dan een boksbeweging maak, zeggen ze: ‘o ja, met jou doen we nog een vuist.’ Maar dat moeten we natuurlijk allemaal doen! Als we zo weinig mogelijk maatregelen willen, zorg dan in elk geval dat je je houdt aan die paar dingen die niemand pijn doen. Handen wassen, geen handen geven, als je in groten getale bij elkaar komt je QR-code laten zien en erop acteren. Bij lage besmettingsaantallen kunnen die dingen een hoop doen.”

Maar die aantallen zijn niet laag. Wat nu?

“Linksom of rechtsom zorgen dat ze naar beneden gaan, daar zal op gestuurd moeten worden. Als je nu niet stuurt op besmettingen, kom je bij code zwart. Dat is een reëel risico.”

De gemiddelde Nederlander zal denken: niet weer! Dit voelt als een herhaling.

“Houd er rekening mee dat dit risico nog de hele winter zal bestaan. Er zijn vele honderdduizenden mensen die bij besmetting het risico lopen om in het ziekenhuis terecht te komen. Als zij met te veel tegelijk komen, hebben we een probleem.”

Zijn de verhoudingen zoek? Er zijn mensen die jonger en misschien gezonder zijn die nu niet aan de beurt komen door uitstel van reguliere zorg.

“De capaciteit in ziekenhuizen kun je niet oneindig oprekken. Mensen wachten al te lang en dat leidt ook tot gezondheidsschade.”

U heeft de eed afgelegd toen u arts werd. Daarin belooft een arts: ‘Ik doe mijn best voor de patiënt’. Doen we dan wel het goede?

“Als er heel veel acute patiënten tegelijk zijn, leg je de bedden daarmee vol. Dan bel je iemand die komende maandag geopereerd moet worden af. Doe je dan het goede met je eed? Ja, dat doe je. Maar in lijn met de eed moet je ook zeggen: als we die patiënten de komende weken niet opereren, komen we in de knel. We kunnen niet blijven schuiven. We gaan nu steeds langs dat randje. We hebben ten opzichte van een jaar geleden een veel grotere hypotheek op de overige zorg. De toegangstijden zijn in het hele land opgerekt.”

Kost dat mensenlevens?

“Er is een grote kans dat het aantal verloren levensjaren door uitgestelde zorg groter wordt dan het aantal gewonnen levensjaren door coronapatiënten die we gered hebben.”

Toenmalig minister Tamara van Ark zei eerder nog dat eind 2021 vrijwel alle inhaalzorg gedaan zou zijn.

“Hoe graag ik dat ook zou willen, dat zal helaas geen werkelijkheid worden.”

Dan zijn de verwachtingen toch niet goed geweest? Er is gezegd: we vaccineren ons uit deze pandemie.

“Er is de suggestie gewekt van groepsimmuniteit. Vergeet het! We werken nu met meerdere scenario’s. Eén is: er blijven altijd grote aantallen coronapatiënten. Met substantiële aantallen patiënten moeten we de zorg op de lange termijn echt anders regelen. Een ander scenario kan zijn: op het moment dat mensen het een aantal keer hebben gehad, of de booster hebben gekregen, geeft dat een dempend effect.”

U zei eerder dat we moeten leren leven met corona. Maar hoe dan? Je kunt niet eindeloos blijven uitstellen.

“Nee, dat kan ook niet.”

Kuipers leunt achterover en lacht.

“Ja, help. Als jij het weet, zeg het maar. Dan weten wij het ook. Niemand weet het nog. Ook in de literatuur zie je speculaties. We hebben een hele hoop geleerd, maar we weten ook nog veel niet. Maar één ding is zeker: corona gaat niet meer weg. Dat is de realiteit.”

Meer over