Wetenschappers sluiten zich aan bij strijd omwonenden tegen Tata Steel

Diverse wetenschappers bieden zich aan in de strijd van omwonenden tegen staalfabriek Tata Steel. Patholoog Frank van de Goot wil overledenen onderzoeken en ook KWF Kankerbestrijding biedt haar ‘expertise’ aan. “Er is veel onrust. Er moet duidelijkheid komen.”

Tata Steel gezien vanaf Wijk aan Zee. Beeld Hollandse Hoogte / Sander Koning
Tata Steel gezien vanaf Wijk aan Zee.Beeld Hollandse Hoogte / Sander Koning

KWF sprak eind vorige week openlijk steun uit voor het initiatief van drie stichtingen om zelf onderzoek te gaan doen naar de verhoogde kans op onder meer longkanker in de regio rond Tata Steel. Gesteund door enkele gefortuneerde ondernemers willen de stichtingen (Schapenduinen, Frissewind.nu en IJmondig) onderzoek ‘aan de bron’ van Tata Steel laten doen. Dat wil in de praktijk zeggen: met drones en onderwaterrobots metingen gaan verrichten bij elke schoorsteen en pijp van het bedrijf. Daarvoor ligt al 1 miljoen euro klaar.

KWF heeft zich daar nu bij aangesloten: “Wij hebben hetzelfde doel: weten waarom er daar een verhoogde kans is op longkanker,” zegt Annebel Schipper van KWF. “Wij hebben het netwerk, veel ervaring met wetenschappelijk onderzoek, weten wie te contacten, hoe gegevens te analyseren. En wij zien ook een rol voor ons qua publiciteit: het benadrukken van de urgentie hiervan. Ons doel is hetzelfde als van omwonenden: er is nu veel onrust en onduidelijkheid, daar moeten antwoorden op komen.”

Meer klachten dan waar ook

Volgens eerder RIVM-onderzoek uit april komen in de regio IJmond méér gezondheidsklachten voor dan waar ook in Nederland. Van 22 procent tot hier en daar zelfs 50 procent meer kans op - onder meer - longkanker. Een tweede onderzoek naar veegmonsters van de neergedaalde stoffen die elke dag over de regio dwarrelen, moet nog gepresenteerd worden.

Maar dat onderzoek geeft geen antwoord op de vraag: wáár komen die stoffen vandaan? In de regio is daarnaast nog veel meer argwaan tegen ‘de overheid’ ontstaan nadat duidelijk werd dat een GGD-directeur hoogstpersoonlijk de naam van Tata uit een gezondheidsonderzoek liet schrappen.

Ook de bekende forensisch patholoog Frank van de Goot sluit zich aan. De patholoog sprak dit weekend met Jan de Jong, grote baas van investeringsmaatschappij Nedamco en voortrekker van het plan om eigen onderzoek te doen. Van de Goot zou lichamen van overleden personen uit de regio kunnen onderzoeken op chemische stoffen en die dan weer vergelijken met een controlegroep ‘ver weg’ van Tata Steel.

Wel waarschuwt hij dat daarmee niet zomaar geconcludeerd kan worden dat die persoon ziek is geworden van die stoffen en dat het dus allemaal de schuld van Tata is. Het is Van de Goot wel al opgevallen dat diverse buitenlandse onderzoeken naar de relatie tussen staalfabrieken en kanker nooit in de RIVM-rapporten zijn meegenomen. Checken of dat echt klopt en waarom dat is, daarin ziet Van de Goot wel een taak voor KWF.

Dat gaat Annebel Schipper weer wat snel: “We zijn nog niet zover dat we al weten wát we kunnen doen,” zegt zij. Wel heeft het RIVM weer bij KWF aangeklopt, aldus Schipper, om ook eens te informeren wat er nu allemaal gaande is.

‘Elkaar niet bedelven met onderzoek’

Verantwoordelijk gedeputeerde Jeroen Olthof - de man die volgens de actievoerende stichtingen maar geen opdracht wil geven tot een brononderzoek - heeft ondertussen vakantie. Telefonisch laat hij weten ‘met de initiatiefnemers om tafel te willen over dat eigen brononderzoek'. “Meten bij een schoorsteen klinkt simpel, maar dat is het echt niet. Daarom wil ik eerst weten: wát wil je dan precies meten?” Ook hoopt hij dat KWF hem snel gaat bellen. “Laten we elkaar niet bedelven met onderzoeken. Maar echt: ook ik wil dat de IJmond een gezonde leefomgeving is.”

Jan de Jong reageert daar uiterst cynisch op: “Zo gaat het altijd: om tafel zitten. Praten. We vragen al jaren om brononderzoek. Ik heb hem nu deze hele duidelijke vraag gemaild: ben jij bereid het RIVM opdracht te geven aan de bron de uitstoot van Tata te meten? Je hoeft alleen maar ja of nee te zeggen.” Daarop heeft Olthof nog niet gereageerd.