Uitleg

Waarom beperkt Nederland het gebruik van AstraZeneca vooralsnog niet?

Een nieuwe dag, en nieuwe onrust rond het AstraZenecavaccin. Veel landen beperken het gebruik vanwege mogelijke bijwerkingen. Waarom doet Nederland dat vooralsnog niet?

null Beeld ANP
Beeld ANP

1. Welke landen gaat het om?

Zeker vijf, waaronder Oostenrijk, Denemarken en Noorwegen, hebben het gebruik opgeschort. Zeker negen landen gebruiken het alleen nog voor 55-plussers (Canada, Frankrijk en Spanje), 60-plussers (Duitsland, Noord-Macedonië) of 65-plussers (Finland, Litouwen, Zweden).

2. Eerder waren er berichten dat landen juist overwogen het alleen voor jongeren te gebruiken, omdat het minder effectief zou zijn bij ouderen. Hoe zit dat?

Dat was gebaseerd op onjuiste berichtgeving, die mede door aanvankelijk onduidelijke data van AstraZeneca een eigen leven ging leiden. Inmiddels staat vast dat het vaccin ook ouderen goed beschermt tegen het coronavirus.

Het probleem zit hem nu in een aantal gevallen bij met AstraZeneca ingeënte mensen met venereuze sinustrombose – een zeldzame en in potentie dodelijke vorm van trombose. Het Europees medicijnagentschap EMA had tot donderdag 62 gevallen geregistreerd. In Duitsland, waar 2,7 miljoen vaccinaties met AstraZeneca zijn gezet, gaat het om 31 gevallen waarvan 9 mensen zijn overleden. De Britse gezondheidsautoriteiten meldden vrijdag tot nu toe dertig gevallen te hebben geregistreerd waarbij bloedproppen ontstonden na inenting met AstraZeneca.

In alle landen zijn de getroffenen vaak vrouwen onder de 55. Afgelopen woensdag stelde het EMA dat het wereldwijd gaat om 4,8 gevallen per 1 miljoen toegediende doses van het AstraZenecavaccin. Bij het vaccin van BioNtech/Pfizer komt de mogelijke bijwerking veel minder vaak voor: 0,2 keer per 1 miljoen.

3. Het gebruik van AstraZeneca was toch net hervat?

De stopzetting afgelopen maand hing samen met een iets andere mogelijke ernstige bijwerking, trombose in combinatie met weinig bloedplaatjes. Het leidde ertoe dat Nederland met een groot aantal andere Europese landen enkele dagen het gebruik van het vaccin opschortte, totdat het EMA op 18 maart het sein veilig gaf.

In Nederland bezwoeren het RIVM en minister van Volksgezondheid Hugo de Jonge dat die onderbreking nauwelijks impact zou hebben op het vaccinatieschema. Maar afgelopen woensdag erkende De Jonge dat het weer opstarten met horten en stoten gaat, waardoor het aantal prikken met AstraZeneca vorige week 100.000 lager uitviel dan geraamd.

4. Wat zeggen het EMA en Nederland?

Het EMA herhaalt tot nu toe dat de voordelen van het AstraZenecavaccin groter zijn dan de risico’s; er is gezondheidswinst, geen gezondheidsverlies. Ook is geen bewijs voorhanden om het gebruik te beperken tot bepaalde leeftijdsgroepen, aldus EMA-directeur Emer Cooke. Het agentschap waarschuwt wel dat mensen zich bewust moeten zijn van de ‘geringe kans’ op venereuze sinustrombose.

Minister De Jonge ziet op dit moment ook geen reden het gebruik van AstraZeneca te beperken. In Nederland zijn vooralsnog geen meldingen geweest van deze mogelijke bijwerking. Het EMA blijft mogelijke nieuwe gevallen analyseren.

5. Wie krijgen nu het AstraZenecavaccin in Nederland?

Zorgmedewerkers, mensen tussen de 60 en 64 jaar, niet-mobiele thuiswonenden, mensen met het Downsyndroom, mensen met zogeheten morbide obesitas (een BMI van 40 en hoger) en niet-mobiele mensen met een neurologische aandoening met ademhalingsproblemen.

Meer over