Slachtoffers geweld jeugdzorg wachten maanden op compensatie

Het schadefonds voor geweld in de jeugdzorg wordt overspoeld met aanvragen van slachtoffers. Het ministerie rekende op ongeveer 2000 aanvragen, maar ondertussen hebben al 5750 mensen zich gemeld.

Het Parool
null Beeld Getty Images/iStockphoto
Beeld Getty Images/iStockphoto

Daardoor lopen wachttijden op tot langer dan een half jaar, blijkt uit onderzoek van EenVandaag.

Het ministerie zette het schadefonds en de vergoeding op na aanbevelingen van een commissie onder leiding van hoogleraar pedagogiek Micha de Winter, die twee jaar geleden onderzoek deed naar misstanden in de jeugdzorg in de periode vanaf 1945.

Erkenning

Slachtoffers die aannemelijk kunnen maken dat ze tijdens hun verblijf in een pleeggezin of jeugdinstelling structureel (seksueel) misbruikt zijn, krijgen een eenmalige uitkering van 5000 euro en een brief waarin het leed dat hun is aangedaan wordt erkend.

Nu staat op de website van het Schadefonds Geweldsmisdrijven dat de wachttijd op een vergoeding ongeveer een half jaar is. Inmiddels zijn er nieuwe medewerkers aangenomen om de achterstand te kunnen inlopen.

Directeur Monique de Groot zegt tegen EenVandaag het aantal aanmeldingen ‘enorm te hebben onderschat’. Het streven is om de termijn in maart volgend jaar teruggebracht te hebben naar drie maanden.

Geweld

Het rapport concludeerde dat er in de hele onderzochte periode geweld en misbruik voorkwam. Volgens De Winter kwam 10 tot 15 procent van de jongeren in aanraking met geweld. Tot 1970 was er vooral sprake van ‘fysiek geweld’ door pleegouders en groepsleiders van instellingen, daarna was het vooral geweld van jongeren onderling. Sommige pupillen maakten ‘veelvuldig geweld’ mee, schrijven de onderzoekers.

Slachtoffers die in aanmerking komen voor de schadevergoeding zijn als kind onder verantwoordelijkheid van de overheid geplaatst in tehuizen, de residentiële jeugdzorg, pleegzorg en in de jeugd-ggz. Vroeger werden slachtoffers zelfs enkele malen geplaatst in de psychiatrie, instellingen voor mensen met een lichte verstandelijke beperking, blinden- en doveninstituten en gesloten (justitiële) jeugdzorg en opvanglocaties voor alleenstaande minderjarige vreemdelingen.

Van de drieduizend aanvragen die tot nu toe zijn beoordeeld, is inmiddels 15 procent afgewezen.

‘Ik tel niet mee’

De Winter zegt zich zorgen te maken over de lange wachttijden. “We weten uit het verleden dat je bij dit soort regelingen mensen snel moet helpen,” zegt hij tegen EenVandaag. “Het naarste is dat het op een lange termijn aan komt. Mensen denken dan: zie je wel ik tel niet meer mee, ik word weer op de lange baan geschoven. Dat wil je niet als overheid. Er moet alles aan gelegen zijn om dat te versnellen.”

Meer over