PlusAchtergrond

Rutte heeft steun nodig, maar hij bedelt nog niet

Het nieuwe kabinet heeft oppositiepartijen nodig om zijn plannen uitgevoerd te krijgen, maar premier Mark Rutte is nog niet scheutig met handreikingen.

Tobias den Hartog en Hans van Soest
Premier Mark Rutte  op weg naar het debat in de Tweede Kamer over de regeringsverklaring. Beeld  PHIL NIJHUIS/ANP
Premier Mark Rutte op weg naar het debat in de Tweede Kamer over de regeringsverklaring.Beeld PHIL NIJHUIS/ANP

Rutte zei het woensdag op z’n Ruttiaans: hij ‘is bekend’ met de ‘politieke realiteit’ en weet dat VVD, CDA, D66 en ChristenUnie het de komende jaren ‘niet alleen kunnen’.

Het kabinet Rutte IV wil met geld smijten, de komende jaren. 25 miljard euro voor het stikstofprobleem. 35 miljard euro naar klimaatdoelen. 1 miljard naar de woningmarkt. 8,5 miljard voor het onderwijs. Wie zo veel geld uitgeeft, kan moeilijk vijanden maken, zou je denken. Toch weigert de oppositie vooralsnog te applaudisseren.

En steun van die oppositie is cruciaal voor de coalitiepartijen om aan een meerderheid te komen in de Eerste Kamer. In het debat over de regeringsverklaring zette de oppositie de schijnwerper op enkele pijnlijke ingrepen die Rutte IV zich naast alle uitgaven óók heeft voorgenomen.

Niet bij de eerste krachtmeting

Zo stellen bijvoorbeeld PvdA, GroenLinks en Ja21 de plannen niet te zullen steunen als de AOW niet met 7,5 procent wordt verhoogd, net als met het minimumloon gebeurt. Ook willen oppositiepartijen af van een plan om minder geld uit te geven aan de jeugdzorg dan volgens deskundigen nodig is. Bovendien moet een aangekondigde bezuiniging van tafel in de verpleeghuizen waar minder personeel aan het werk wordt gezet. En dan is er nog de woede over het opboren van extra gas in Groningen dit jaar. “Dit is geen goede start,” aldus Lilian Marijnissen (SP).

Maar Rutte was niet van plan om al meteen in zijn eerste krachtmeting met de Kamer de oppositie in alles haar zin te geven. Over alles is er volgens hem met het kabinet te praten, maar Rutte IV wil liever niet nóg meer schulden aangaan, zo bleek uit de beantwoording van Rutte.

Over het niet verhogen van de AOW zei Rutte: “Ik ga daar niets over toezeggen.” Op de vraag of de koopkracht van ouderen op een andere manier moet stijgen: “We komen met maatregelen, maar ik wil eerst afwachten hoe de inflatie zich ontwikkelt. Maar ook hier zeg ik: geen beloftes.”

Over bezuinigingen in de verpleeghuizen: “Zorgkosten blijven oplopen. Als we niet ingrijpen, keert de wal het schip.” Over besparingen in de jeugdzorg: “Er komt nog steeds geld bij, maar het kan niet zo zijn dat het maar groeit en groeit en groeit.”

En over het sneller afbouwen van de gaswinning in Groningen zei Rutte: “Daar ga ik geen garanties over geven, sterker, we gaan voor enige tijd meer gas nodig hebben.”

Geen ongelukken

Veelzeggend was een tussenzin even later: “Als we er hier niet uitkomen vandaag, dan wel de komende maanden.” Ofwel: geef ons wat tijd, we komen erop terug. Want, zo bezwoer Rutte: het coalitieakkoord moet door de individuele ministers nog verder worden uitgewerkt. Daarbij zullen de wensen van de oppositie worden meegenomen. “Dit akkoord is dus niet met bloed ondertekend.”

In de zoektocht naar draagvlak willen coalitiepartijen VVD, CDA, D66 en ChristenUnie dat het kabinet nog iets doet voor de koopkracht van ouderen. De AOW weer koppelen aan het minimumloon, dat willen de partijen niet. De reden is simpel: als de AOW met 7,5 procent omhooggaat – analoog aan het minimumloon, zoals de oppositie wil – kost dat Rutte 2,4 miljard euro per jaar. Dat levert een gat op in de begroting. Maar als er meer duidelijk is over de ontwikkeling van de inflatie en ouderen in de knel komen dan ‘gaan we dat repareren’, aldus Pieter Heerma (CDA). Zoals hij ook over de jeugdzorg ‘in gesprek wil blijven’. “Wij zullen moeten bewijzen dat die bezuiniging niet tot ongelukken leidt.”

Oppositiepartijen blijven niet overtuigd achter. “Ik heb de uitgestoken hand niet gezien. Niet op de AOW. Niet op de bezuinigingen in de jeugdzorg. Niet op de bezuinigingen op de verpleeghuizen,” aldus Marijnissen (SP). En ook Lilianne Ploumen (PvdA) zag te weinig bereidheid voor ‘aanpassingen van het regeerakkoord’.

“Ik heb collega’s van coalitiepartijen hun best zien doen om iets meer openheid te bieden,” zei Jesse Klaver (GroenLinks) “Ik ben niet ontevreden. Het gesprek gaat verder over de jeugdzorg. Maar ik vind het een gemiste kans dat we nu beginnen met bezuinigingen.”

Maar de woede van eerder op de dag, was inmiddels milde teleurstelling geworden. Rutte moet hebben gedacht: hier kan ik wel iets mee.

Meer over