PlusInterview

Pieter-Jaap Aalbersberg: ‘Je kunt niet zeggen: we bestrijden de pandemie even niet, omdat we geweld vrezen’

Een demonstratie tegen het 2G-beleid op 19 november in Rotterdam liep uit op vernielingen en geweld. Beeld JEFFREY GROENEWEG/ANP
Een demonstratie tegen het 2G-beleid op 19 november in Rotterdam liep uit op vernielingen en geweld.Beeld JEFFREY GROENEWEG/ANP

Nu het kabinet zware coronamaatregelen neemt, moet de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid alert zijn op een reflex van frustratie in de samenleving. Ondanks de rellen van vorige week is Pieter-Jaap Aalbersberg (62) niet pessimistisch. ‘Er zijn mensen ongelukkig, maar de meeste mensen niet.’

Hanneke Keultjes en Tobias den Hartog

Pieter-Jaap Aalbersberg zit er ogenschijnlijk kalm bij, in zijn werkkamer. Terwijl toch wéér zware coronamaatregelen worden uitgestort over een land dat het beu is. Waar demonstraties gemeengoed zijn en een betoging in Rotterdam vorige week uitmondde in ernstige, gewelddadige rellen met aanvallen op agenten en brandweerlieden.

Aalbersberg kan zich, vanuit zijn rol als NCTV, moeilijk een opgewonden standje tonen. “Maar,” benadrukt hij, “ik ben niet kalm.”

Want de rellen in Rotterdam, zo legt hij uit, hebben hem ‘verrast’. “Ik heb zelf nog als ME’er op linie gestaan tijdens de krakersrellen in Amsterdam. Maar dit was niet rellen om het rellen. We zagen voor het eerst direct geweld gericht op de overheid. Politie en brandweer werden aangevallen als ‘gezicht’ van de overheid.”

Het kabinet kondigt vrijdag strengere maatregelen aan. Houdt u uw hart vast voor nieuw geweld?

“Nee, ik zie nog steeds dat de Nederlandse politie in staat is de rust weer terug te brengen. En je kunt niet zeggen: we bestrijden de pandemie even niet, omdat we geweld vrezen.”

Vorige maand schreef Aalbersberg nog in zijn periodieke dreigingsanalyse dat de protesten aan het afvlakken waren. Gelaten: “Natuurlijk hoop je met elkaar dat het ergste voorbij is.” Het bleek ijdele hoop. Met de besmettingscijfers laaide ook de onvrede op. De NCTV waarschuwde al voor een ‘radicale onderstroom’ onder coronademonstranten. Nu al moet hij ‘helaas’ constateren dat die groep in krap een maand tijd al is gegroeid. “Zij zijn het activisme voorbij. Er is echt sprake van extremisme.”

Denkt u weleens: hoe zijn we hier beland? Nederland was toch zo’n nuchter landje?

“Wat we hier zien is niet exclusief Nederlands. In Frankrijk hadden ze de gele hesjes-protesten, in Brussel liep zondag nog een anticoronaprotest totaal uit de hand. In Nederland zijn we zo’n twintig jaar van grote rellen verschoond gebleven. Nu komt onvrede bij ons aan het licht.”

De onvrede is verklaarbaar, maar zijn het geweld en de vele complottheorieën dat ook?

“Covid heeft als een soort contrastvloeistof dingen zichtbaar gemaakt die er altijd al waren. Mensen met complottheorieën zijn van alle tijden – ‘de aarde is plat’ – en er zijn altijd mensen die de overheid wantrouwen. Je kunt daar niet één ideologie op plakken: het is hoog- en laagopgeleid, soms links en soms rechts. Misschien spat alles ook weer uit elkaar als de coronacrisis voorbij is.”

Complotdenkers kunnen wel van alle tijden zijn, sociale media waren er vroeger niet.

“Sociale media zijn op dit moment een blaasbalg, een soort automatische flash mob die het ongenoegen opeens versneld bij elkaar brengen. Vroeger was daar iets voor nodig: een boekje, een lezing of een groep. Nu gaat door die blaasbalg van sociale media radicalisering van eenlingen steeds sneller. Dat is niet exclusief voor Covid. Bij onderwerpen als de woningnood en het klimaat kunnen dezelfde patronen van radicalisering en anti-overheidssentiment ontstaan. Vanuit boosheid, teleurstelling. De sentimenten van de toeslagenaffaire spelen nu ook een rol. Voor sommige mensen is het een optelsom.”

Sociale media zorgen er ook voor dat het lijkt alsof de ‘boze’ mensen met heel veel zijn.

“De onlinewereld is heel groot, maar de offlinewereld is véél groter. Er zijn mensen ongelukkig, maar de meeste mensen niet. Dat is met polarisatie ook het gevaar: dat je alleen maar discussie op de flanken voert en het midden niet meeneemt. Als je bij de praatprogramma’s alleen de uitersten laat zien, dan ziet het volk alleen maar de uitersten.”

We zien ook dat gevaccineerden tegenover antivaxers komen te staan.

“Dat zijn de flanken.”

Zo’n 85 procent van de Nederlanders is gevaccineerd. Dat kunt u toch geen flank noemen?

“Maar niet alle ongevaccineerden vinden geweld acceptabel en niet alle gevaccineerden verwijten de ongevaccineerden alles. Debat moet kunnen, activisme moet kunnen. Het is goed dat dat kan in Nederland, dat je kunt demonstreren. Maar dat er zelfs ‘defendgroepen’ zijn die denken dat ze de demonstranten moeten beschermen tegen de politie… Dat is een gotspe. Je ziet juist dat demonstraties worden gekaapt door kwaadwillenden.”

Vroeger, stelt Aalbersberg, was het makkelijker om ergens ‘een labeltje’ op te plakken. Nu is dat steeds moeilijker. “Niet alle mensen die de straat op gaan, zijn radicaal. Er zitten ook meelopers bij.” Het is voor de NCTV ook moeilijk om structuren te ontwaren in de groepen. Zo’n defendgroep, gaat daar nou regie achter schuil? Aalbersberg weet het niet. “Dat moeten we beter in de vingers krijgen.”

Duidelijk is wel dat er vermenging is tussen anticoronademonstranten en extreemrechts. Ook in Nederland. Nu ziet de NCTV alleen nog op ‘individueel niveau’ mensen met extreemrechtse sympathieën: bij hooligans, bij defendgroepen. “Je kunt nog niet zeggen: dit is rechts-extremisme. Dat is ook een zware kwalificatie.”

Aalbersberg ziet wél zogeheten accelerationisme, een ideologie die een rassenoorlog wil ontketenen om ‘een witte etnostaat’ te stichten. “Laat dat even op je inwerken. Een rassenoorlog met geweld. Dat is echt heftig.” De extreemrechtse stroming heeft in Nederland ‘een paar honderd’ aanhangers van tussen de 12 en 20 jaar.

“We moeten nadenken: hoe voorkom je nou dat iemand radicaliseert? Hoe kunnen we met elkaar mensen uit die bubbel trekken? Dat is een ingewikkelde vraag, want je zíet het niet. Maar als je zoon van 17 alleen maar achter zijn computer op z’n kamertje zit met zijn deur dicht, ga dan toch eens het gesprek aan: wat doe je daar allemaal?”

Nu, zegt Aalbersberg, is het alleen de politie die normen stelt in de samenleving. “Ik hoop ook dat in de media en de politiek meer wordt genormeerd. En dat we aan de keukentafel zeggen wat de grens is, wat je niet acceptabel vindt. Het gevaar is dat we de politie in de frontlinie als enige laten normeren. Dat moeten we niet laten gebeuren.”

Normaal gesproken neemt de politiek afstand van geweld en van groepen die oproepen tot eigenrichting. Nu lijkt de onrust door sommige partijen te worden aangewakkerd.

“Als je iets legitimeert, voelen anderen zich daardoor gesteund. Daar moet je met elkaar iets van vinden. De politiek heeft een rol om daarover in discussie te gaan.”

Er zijn door Forum voor Democratie en de PVV tribunalen aangekondigd. Het kabinet wordt beschuldigd van landverraad, crimineel gedrag en zelfs massamoord.

Aalbersberg schudt het hoofd. Hij heeft het gezien. Ook het debat waarin landverraad ter sprake kwam. Als ambtenaar moet hij op zijn lip bijten. “Het is gevaarlijk om een politiek voorbeeld te geven, omdat het gezien kan worden als steunbetuiging. Maar Pieter Omtzigt vroeg woensdagavond in een debat door, ontleedde de uitspraken en gaf tegengas. Ik ben ook blij dat er dan discussie komt. Als politiek en media alleen maar polariseren, heeft dat effect op de samenleving. Dan komt de focus bijvoorbeeld op de politie te liggen.”

Dus de roep om een tribunaal vertaalt zich dan naar een steen richting het hoofd van een agent?

“Dat vind ik ingewikkeld…. Maar legitimatie van verzet vertaalt zich naar de straat.”

Laat Nederland zich weer in een lockdown duwen nu mensen het zat zijn?

“Ja. Wij meten wat mensen vinden. De meerderheid van Nederland wil dat we de pandemie bestrijden. Maar niet iedereen.”

De overheid was vrij stellig in de claim dat vaccineren het middel uit de crisis was. Nu komen er weer zware maatregelen. Dat helpt niet bij het terugwinnen van het vertrouwen.

“Ontegenzeggelijk. Maar we zijn afhankelijk van een virus waar we nog heel weinig van weten. Ik vind nog steeds dat vaccineren de uitweg is. Het heeft ons enorm geholpen, anders hadden we nu echt een onbeheersbare zorg gehad.”

Maar steeds meer mensen zeggen: ik heb mijn prikken gehaald, mijn deel gedaan. Ik wil niet meer.

“Ook dat begrijp ik. We hebben altijd een land gehad waarin de meerderheid niet heerst over de minderheid. Maar in de pandemie hebben we wel een algemeen belang. Dit moeten we met elkaar doen. Het grootste deel van de mensen staat daar achter.”

U ziet door uw werk vooral de uitwassen. Moet u uzelf er weleens aan herinneren dat die flanken niet staan voor heel Nederland?

“Mijn ene zoon is IC-verpleegkundige, mijn vrouw werkt in een verpleeghuis, mijn andere zoon is politieagent. Ik sta echt wel met twee benen in de samenleving.”

Pieter-Jaap Aalbersberg, Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) bij het ministerie van Justitie en Veiligheid.  Beeld ANP
Pieter-Jaap Aalbersberg, Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) bij het ministerie van Justitie en Veiligheid.Beeld ANP