PlusAchtergrond

Oud-ministers en topambtenaren doen boekje open: ‘De snoepwinkel moest open voor meneer Wilders’

Hoe het eraan toe gaat achter de schermen van kabinetten wordt zichtbaar gemaakt in het boek De top kijkt om. Over spaghetti op de grond na LPF-overleg, een te eigenwijze Fred Teeven en de snoepwinkel van Geert Wilders.

Jan Hoedeman
Staatssecretaris Fred Teeven van Veiligheid en Justitie op weg naar de persconferentie waarop hij zijn aftreden aankondigde. ‘We hadden vanaf de eerste minuut meer openheid moeten geven over wat er was gebeurd.’ Beeld ANP
Staatssecretaris Fred Teeven van Veiligheid en Justitie op weg naar de persconferentie waarop hij zijn aftreden aankondigde. ‘We hadden vanaf de eerste minuut meer openheid moeten geven over wat er was gebeurd.’Beeld ANP

Gek was het wel, dat in coronatijd een minister voor Medische Zorg van oppositiepartij PvdA werd toegevoegd aan het derde kabinet-Rutte van VVD, D66, CDA en ChristenUnie. Dus had premier Mark Rutte op 27 maart 2020 iets uit te leggen aan zijn ministers in de Trêveszaal.

Van Rijn: “Rutte zei: ‘Dit is Martin van Rijn, jullie welbekend, hij is volwaardig lid van de ministerraad. We gaan niet zitten bedenken wat hij wel of niet mag horen. Hij is gewoon een van ons. Punt.’”

In Nederland is er geen traditie om oud-ministers en de hoogste ambtenaren terug te laten kijken op hun verblijf in de bestuurlijke cockpit van de politiek. Anders dan Ministers Reflect, de Britse traditie om ministers te interviewen over hun ervaringen.

Dat verandert nu met de publicatie van De top kijkt om. Voormalig secretaris-generaal (SG) Roel Bekker maakte het boek met een groepje wetenschappers in opdracht van Binnenlandse Zaken. “Minister Bruins Slot (Binnenlandse Zaken) was zeer enthousiast, dus we gaan ermee door,” zegt Bekker. “Iedereen die een beetje betekenisvol was, wordt zo in staat gesteld bij te dragen aan de geschiedenis en ook verantwoording af te leggen.”

Dioxinecrisis

Bekker doet zelf ook een paar duiten in de zak. Als SG op Volksgezondheid maakte hij mee dat de LPF-bewindslieden wekelijks op zijn ministerie vergaderden. “De schoonmaakploeg had daar na afloop steevast extra werk aan. Een keer lag overal spaghetti, werd mij verteld.”

In de dioxinecrisis van 1999 maakte hij zelf ‘vreselijke fouten’. Van de Keuringsdienst van Waren kreeg Bekker te horen dat er een koppel met besmette dioxinekippen was aangetroffen. “Een koppel was een beperkt aantal, maximaal tien stuks of zo, dacht ik.”

Hij besloot de minister er niet mee lastig te vallen. Het werd voorpaginanieuws dat de SG de minister niet had geïnformeerd over een enorme hoeveelheid vergiftigde soepkippen. “Ik hoor het de hoofdinspecteur nog zeggen: ‘Oh, wist u dat niet? In onze kringen is een koppel dertig ton soepkippen’.”

De Teevendeal

Ook VVD-staatssecretaris Fred Teeven van Justitie kijkt terug op zijn periode met minister Opstelten. Hun band was goed, ze voetbalden samen op de gang naast de ministerskamer waar Teeven ‘Ajax’ was en Opstelten ‘Feyenoord’.

De bonnetjesaffaire, een deal die hij als officier van justitie maakte met crimineel Cees H., werd hen fataal. “We hadden vanaf de eerste minuut meer openheid moeten geven over wat er was gebeurd,” zegt Teeven. Dan had het duo wellicht niet hoeven af te treden over het zoekgeraakte bonnetje met het precieze bedrag, dat tóch boven water kwam nadat was bezworen dat het echt weg was.

Eind 2013 kwam de deal opeens in het nieuws. Teeven: “Ik had geen idee waar het vandaan kwam en Opstelten vond het totaal ongevaarlijk.”

Hij gelooft niet dat hij is genekt door justitieambtenaren. “Ik had in Amsterdam oude vijanden in de criminaliteit, de georganiseerde misdaad en de advocatuur. Zij zagen het niet zitten dat ik ooit Opstelten ging opvolgen. Want de kans was redelijk groot dat ik in 2017 minister van Justitie zou worden.”

Teeven erkent dat hij te eigenwijs was rond zijn aftreden: hij volgde niet het communiqué van directeur voorlichting Anne-Marie Stordiau. “Ivo las dit netjes op en was weg.”

Teeven meende dat hij zijn eigen versie van de geschiedenis kon delen. “Toen kwam ik met teksten als ‘met die deal is niets mis’ en ‘we hebben het gedaan voor volk en vaderland’.” Dat stelde minister-president Rutte niet op prijs, hoorde Teeven toen hij zich na zijn aftreden meldde in het Torentje: “Was het nou nodig om dat allemaal te improviseren?” Extern steunde Rutte Teeven wel.

Teeven sluit niet uit dat hij in een rechts kabinet nog eens minister wordt. “Wie weet. Maar ik ben nou eenmaal niet bepaald een modelbewindsman voor een kabinet links van het centrum, toch?”

Snoepwinkel

CDA’er Gerd Leers, de minister van Immigratie, Asiel en Integratie in het eerste kabinet-Rutte, gaat eveneens te biecht in het boek. PVV-leider Geert Wilders gaf gedoogsteun aan dat kabinet, maar de portefeuille van Leers was mikpunt van de PVV’er. “Mijn winkel was de snoepwinkel van Wilders. Hij wilde daarin rechtvaardiging vinden voor zijn deelname aan het kabinet.”

Daarom sprak Leers af met Wilders op Schiphol voor een geheim gesprek op neutraal terrein, om af te tasten of hij de portefeuille kon aanvaarden. In praktijk viel het nogal tegen. CDA-fractievoorzitter Maxime Verhagen en VVD-premier Rutte gaven Leers soms geen steun. “Toen moest de snoepwinkel maar open voor meneer Wilders. Dat was frustrerend.”

Oud-premier Ruud Lubbers waarschuwde hem: “Ja jong, jij moet de vlam uitdraaien. Want hier is geen eer aan te behalen en dat gaat jou uiteindelijk ook opbreken.”