PlusAchtergrond

Nederland niet voorbereid op nieuwe pandemie: ‘De volgende kan vandaag nog uitbreken’

Nederland is niet voorbereid op de uitbraak van een nieuwe pandemie. Zo is er een acuut tekort aan infectieartsen. Ook schiet de signalering van nieuwe ziektes tekort.

Annemieke van Dongen
Een kalkoenbedrijf wordt geruimd in Denemarken. De vogelgriep die nu rondgaat, zou volgens deskundigen kunnen muteren tot een virus dat ook gevaarlijk is voor mensen. Beeld EPA
Een kalkoenbedrijf wordt geruimd in Denemarken. De vogelgriep die nu rondgaat, zou volgens deskundigen kunnen muteren tot een virus dat ook gevaarlijk is voor mensen.Beeld EPA

Er zijn ‘grote uitdagingen voor de infectieziektebestrijding’, blijkt uit een onlangs gepubliceerd rapport van het Capaciteitsorgaan, dat de overheid en zorgsector adviseert over het aantal zorgprofessionals dat nodig is.

De coronapandemie heeft knelpunten uitvergroot, klinkt het. ‘Het tekort aan artsen wordt nu als nog acuter ervaren’. Daarom moeten zo snel mogelijk tientallen extra infectieartsen worden opgeleid. Volgens de GGD’s is het tekort zo nijpend dat het huidige aantal infectieartsen minimaal moet worden verdubbeld. Ook zijn snel meer dataspecialisten nodig.

Het ontbreekt de GGD’s aan geld om personeel bij te scholen. Dat is volgens GGD GHOR-voorzitter André Rouvoet nodig zodat bij een volgende uitbraak iedereen – inclusief de kinderartsen en jeugdverpleegkundigen bij de consultatiebureaus – snel kan helpen met testen en vaccineren.

Op naar het oude normaal?

Het einde van de coronapandemie lijkt in zicht. Nu Covid-19 steeds meer richting normale griep gaat, wordt steeds luider geopperd dat het eindspel tegen het virus is ingezet. Natuurlijk, er kunnen nog nieuwe varianten opduiken. En ja, er zullen nog nieuwe besmettingsgolven komen, waarbij mensen ziek worden. Maar de ziekenhuizen zullen niet zo snel meer overlopen, de samenleving zal niet meer zo worden ontwricht. Steeds meer mensen zijn dankzij vaccinaties en doorgemaakte besmettingen immers gewapend tegen het virus. Snel achter ons laten dus, die ellende. Op naar het oude normaal.

Dat klinkt aantrekkelijk maar is onverstandig, stellen deskundigen. Zij waarschuwen dat we nog niet zijn voorbereid op de volgende pandemie. “We moeten nú lessen trekken uit de aanpak van corona,” zegt Rouvoet. “Er is geen enkele reden om aan te nemen dat de volgende pandemie nog honderd jaar op zich laat wachten. Integendeel.”

Dat stelt ook viroloog Marion Koopmans. “Een nieuwe pandemie kan evengoed vandaag uitbreken. Er zijn allerlei brandjes. Daarvan kan er eentje uitgroeien tot uitslaande brand. Of en wanneer dat gebeurt, is niet te voorspellen.”

Disease X

De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) houdt een lijst bij waarop al die brandjes zo goed mogelijk in kaart worden gebracht. Een zorgwekkende veenbrand die momenteel woedt is de vogelgriep. “Hoe dat virus zich verspreidt, is echt uitzonderlijk,” zegt Koopmans. Zij is adviseur van de werkgroep die bij de WHO de ‘priority list’ opstelt. “Aanvankelijk zat het vooral in China, inmiddels is het ook in Europa permanent aanwezig onder wilde vogels. Dit jaar is het voor het eerst de oceaan overgestoken naar Amerika. Dat is echt een enorme epidemiologische verandering. We weten dat mensen soms geïnfecteerd kunnen raken met het virus. En dat er weinig voor nodig is om een mutatie, die van mens op mens overdraagbaar is, te laten ontstaan.”

Op de pandemische dreigingslijst staan ook onder meer ebola, marburg en zika. Net als de coronavirussen Sars en Mers, die al eerder tot gevaarlijke uitbraken leidden. Onderaan de lijst staat de mysterieuze ‘Disease X’. “Er kan ook ergens een totaal nieuwe ziekte opduiken waar we nog niet aan hebben gedacht,” verklaart Koopmans.

Nu zijn we nog extra waakzaam

De grote vraag: zullen we de volgende uitbraak zo snel in de smiezen hebben dat een nieuwe pandemie kan worden voorkomen?

“We zijn nu nog extra waakzaam, waardoor een nieuwe uitbraak waarschijnlijk eerder zal worden ontdekt,” denkt Koopmans. Ze richtte het Pandemic & Disaster Preparedness Center (PDPC) op om gerichter onderzoek te doen naar toekomstige virusuitbraken en rampen. “Mensen zijn zelf alert op klachten, er wordt veel getest, klachtenpatronen worden geregistreerd. Maar de vraag is wat daar over een jaar of twee nog van overblijft. Je zou willen dat er wereldwijd permanente signaleringssystemen worden ingericht.”

Ook in Nederland is de signalering nog niet op orde, stelt Henk Bekedam, die in dienst van de WHO onder meer betrokken was bij de bestrijding van Sars en vogelgriep in China en de aidsepidemie in Afrika. In Nederland wordt de verspreiding van ziektes als influenza en het rs-virus van oudsher gemonitord door veertig huisartsenpraktijken, die steekproeven nemen bij hun patiënten. Onlangs is afgesproken om dat aantal uit te breiden naar 120. Maar dat is volgens Bekedam nog altijd te weinig. Ook aan de dierenkant kan de monitoring volgens hem beter.

De kans is namelijk groot dat de volgende pandemie via dieren komt. Dat kan een vleermuis zijn (zoals vermoedelijk bij het coronavirus het geval was), maar ook een varken. Vanwege zijn intensieve veehouderij is Nederland extra kwetsbaar voor de uitbraak van infecties die van dieren overspringen op mensen (zoönosen), waarschuwt Bekedam.

“Er wordt nog steeds alleen gepraat over covid, maar het is hoog tijd om verder te kijken, willen we op de volgende pandemie beter voorbereid zijn. Waarom was Nederland zo laat met testen, zo laat met vaccineren, zo laat met het invoeren van mondkapjes en zo laat met boosteren? Daar moeten we van leren.”

Wie niet thuis kan werken, loopt meer risico

We moeten ook lessen trekken uit de sociale en economische gevolgen van de coronapandemie, zegt hoogleraar sociologie Pearl Dykstra, die ook is aangesloten bij pandemieonderzoekscentrum PDPC van de Erasmus Universiteit en TU Delft. “De ongelijkheid is toegenomen. Mensen die niet thuis konden werken, werden sneller ziek. De buschauffeurs, de koeriers, de arbeidsmigranten. Niet de witte boorden. In welk mate iemands leven negatief is beïnvloed door corona, hangt erg samen met inkomen, opleidingsniveau, leeftijd en migratieachtergrond. Die ongelijkheid leidt tot veel ongenoegen.”

Dykstra pleit ervoor dat bij een volgende pandemie van meet af aan een veel breder OMT wordt opgetuigd. Nu bestaat de belangrijkste pandemieadviesraad van het kabinet vooral uit experts met medische achtergrond. Volgens Dykstra horen er ook bijvoorbeeld communicatiedeskundigen, ingenieurs en pedagogen in. “Misinformatie is een belangrijk thema waar we iets mee moeten, net als ventilatie en leerachterstanden. Bij de eerste lockdown hadden we nog geen idee van de effecten. We dachten dat de sociale isolatie vooral voor ouderen erg zou zijn. Nu weten we dat vooral jongeren hard zijn getroffen.”

Varkens vaccineren

Om de kans op een nieuwe pandemie te verkleinen, moeten we kritisch naar de veehouderijen kijken, stelt Bekedam. Pluimveestallen in waterrijke gebieden zouden moeten worden gesloten of verplaatst, is een van de aanbevelingen in zijn rapport. De natte Nederlandse polders en plassen zijn immers een populaire bestemming voor trekvogels, die virussen bij zich dragen.

In volgepakte stallen kunnen virussen snel rondgaan en muteren. De zeer ziekmakende vogelgriep die nu rondgaat, wordt snel opgemerkt doordat geïnfecteerde dieren binnen een paar dagen sterven. Besmette pluimveebedrijven worden meteen geruimd. Dat gebeurt niet met varkensstallen waar griep heerst. “De huidige varkensgriep is onschuldiger, dieren worden er alleen een beetje snotterig van. Besmettingen hoeven ook niet te worden gerapporteerd. Maar inmiddels weet de hele wereld hoe snel varianten van een virus kunnen ontstaan. Daarom zou ook in varkensstallen regelmatig moeten worden getest.”

Om de virusload in stallen omlaag te krijgen, is het volgens de commissie-Bekedam verstandig om varkens en kippen te vaccineren. Daarnaast pleiten de deskundigen ervoor om boeren en huisartsen bewuster te maken van de risico's. “Aan een patiënt met luchtwegklachten of een hersenontsteking moet zijn beroep gevraagd worden. Als het een varkensboer betreft, moeten direct alarmbellen afgaan.”

Versmarkt in China. Vooral plaatsen waar mensen in contact komen met wilde zoogdieren vormen een risico. Beeld China News Service via Getty Ima
Versmarkt in China. Vooral plaatsen waar mensen in contact komen met wilde zoogdieren vormen een risico.Beeld China News Service via Getty Ima

Vleermuizen

De kans dat de volgende pandemie uit het buitenland komt, is volgens deskundigen groter dan dat die in Nederland ontstaat. Vooral plaatsen waar mensen in contact komen met wilde zoogdieren zoals vleermuizen, schubdieren en apen vormen een risico. Denk aan de beruchte markten in China. Als reislustig volk en internationaal georiënteerd land lopen Nederland en Nederlanders vervolgens grote kans om ziektekiemen snel te importeren via bijvoorbeeld Schiphol of de Rotterdamse haven.

Ook klimaatverandering en zeespiegelstijging zorgen volgens Koopmans voor nieuwe pandemierisico's. Niet alleen doordat ziekteverspreidende muggen (denk aan malaria, knokkelkoorts, zika) oprukken naar onze contreien, ook de verontrustend snelle verspreiding van de vogelgriep hangt daar waarschijnlijk mee samen, zegt Koopmans.

“Waarschijnlijk is dat virus via de noordelijke route naar Amerika gegaan. We vermoeden dat door opwarming de mix van vogels aan het veranderen is, en daarmee de mix van virussen. We hadden met Europese onderzoekers een expeditie gepland naar Groenland om ganzen te bemonsteren. Die is helaas verschoven vanwege covid.”

Een gezonde bevolking

Uit welke hoek de volgende pandemie ook komt, een gezonde bevolking is er beter tegen bestand. “We hebben gezien wie vaker in het ziekenhuis kwamen met covid: mensen met overgewicht en aandoeningen als diabetes,” zegt GGD-voorzitter Rouvoet. Daarom moet volgens hem snel meer geld worden uitgetrokken voor preventie. “Het gaat nu vooral over extra ziekenhuispersoneel. Maar dit is ook het moment om vol in te zetten op bewegen, gezond eten en het verkleinen van de grote verschillen die er zijn qua gezonde levensverwachting.”

Verder willen de GGD’s extra geld om hun personeel bij te scholen, zodat bij de volgende pandemie iedereen – inclusief de kinderartsen en jeugdverpleegkundigen bij de consultatiebureaus – snel kan helpen met testen en vaccineren. Ook moet het aantal infectieartsen worden verdubbeld en hebben de regionale gezondheidsdiensten meer dataspecialisten nodig, zegt Rouvoet. “We zijn een centrale speler geworden in de bestrijding van deze pandemie. De boodschap kan niet zijn: bedankt, fantastisch gedaan, bij de volgende pandemie mogen jullie weer gaan improviseren. We moeten nu vasthouden wat we hebben opgebouwd.”

Meer over