Nieuws

Minder positieve tests apenpokken, maar ‘we zijn er niet snel van af’

Het percentage positieve tests op het apenpokkenvirus daalt in Amsterdam en steeds minder mensen laten zich testen. De conclusie dat het virus op z’n retour is, is echter voorbarig, zegt dermatoloog Henry de Vries van de GGD Amsterdam en Amsterdam UMC. ‘Het kan zich onder de radar verspreiden.’

Jop van Kempen
null Beeld ANP
Beeld ANP

Afgelopen week lieten 104 Amsterdammers zich testen op het apenpokkenvirus, van wie 30 procent positief bleek. De week daarvoor lieten 94 Amsterdammers zich testen (41 procent positief). Vier weken geleden lieten nog 141 Amsterdammers zich testen. Van die groep testte liefst 74 procent positief.

Het gedaalde percentage positieve tests en een lagere testbereidheid lijken te wijzen op een afname van de virustransmissie. Immers, minder mensen melden zich met klachten. En in die geslonken groep is minder vaak sprake van een infectie.

Maar de conclusie dat het apenpokkenvirus in Amsterdam over het hoogtepunt heen is, is voorbarig, aldus dermatoloog Henry de Vries. “Het lage aantal mensen dat zich laat testen maakt het moeilijk om uitspraken te doen over de viruscirculatie. De verspreiding kan ook onder de radar plaatsvinden. Daarom is het niet te zeggen of de piek al is geweest.”

Dat minder mensen zich laten testen, heeft mede te maken met de vaak wekenlange strenge isolatieregels, zo verneemt de GGD vanuit de risicogroep: mannen die seks hebben met mannen. Na een positieve test wordt mensen verzocht zich te houden aan een hele trits ongezellige voorschriften: geen (seksueel) contact, de deurknoppen in huis regelmatig poetsen om huisgenoten te beschermen en de was gescheiden doen, altijd op 60 graden.

Ook contact met huisdieren moet worden vermeden. Die kunnen eveneens besmet raken, zo bleek eerder in Parijs. Twee geïnfecteerde mannen droegen het virus over aan hun Italiaanse windhond, die bij hen in bed sliep en ook de kenmerkende zweren kreeg. “Als monkeypox in Europa eveneens onder dieren gaat circuleren, komt er naast menselijk huid-op-huidcontact een transmissieroute bij,” aldus De Vries. “Met meer kans op besmettingen.”

Testbereidheid vergroten

In theorie kan de afgenomen testbereidheid in Amsterdam ook samenhangen met de toegenomen immuniteit onder de risicogroep. Mogelijk zijn veel mensen al eerder besmet geweest zonder dat te merken, al zijn daar geen aanwijzingen voor. Voor een vaccinatie-effect – ruim 3000 van de in Amsterdam te vaccineren 10.500 mensen hebben de eerste van doorgaans twee prikken gehad – is het nog te vroeg, aldus De Vries.

Om de testbereidheid te vergroten – en het zicht op het virus te verbeteren – wordt onderzocht of de isolatieregels kunnen worden aangepast. De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) doet daar uitspraak over.

“Die uitkomst is er niet binnen enkele weken, maar waarschijnlijk wel binnen enkele maanden,” aldus De Vries, die ook betrokken is bij de WHO-commissie die zich hierover buigt. Versoepelde isolatie-eisen vereenvoudigen ook het werk van de GGD. Medewerkers moeten zich nu bij elk onderzoek in beschermende pakken hijsen en de onderzoeksruimte schoonmaken, wat andere werkzaamheden bemoeilijkt.

In Amsterdam zijn sinds het begin van de uitbraak in mei 569 mensen positief getest. Dat is ruim de helft van het aantal besmette mensen in heel Nederland (1087, aldus RIVM-cijfers van donderdag).

De afgelopen week nam het aantal positieve gevallen in Nederland met ‘slechts’ 62 toe, waarmee de curve afvlakt. Eerdere wekelijkse stijgingen gingen soms met honderdtallen. Er lijkt dan ook geen sprake van een ‘Pride-effect’. Voor aanvang van de Prideweek werd gewaarschuwd dat die mogelijk kon leiden tot meer besmettingen.

Tachtig landen

De Vries kan moeilijk inschatten hoe het virus in de toekomst verloopt. “We zijn er niet snel van af, denk ik. Het is nu in meer dan tachtig landen vastgesteld, terwijl het voor de uitbraak vanaf mei slechts voorkwam in een tiental Afrikaanse landen.”

“Mijn verwachting is dat monkeypox vooral blijft circuleren in de groep homo- en biseksuele mannen. Ik denk niet dat het grootschalig overspringt naar een heteroseksuele populatie. Datzelfde beeld zien we ook bij seksueel overdraagbare aandoeningen als hiv en syfilis.”

Sinds deze week heeft de GGD een telefoonnummer voor vragen over het apenpokkenvirus: 020-555 9390.