PlusNieuws

Kabinet wil dubbel zo veel windparken in de Noordzee: ‘dit is een mijlpaal in de duurzame transitie’

Het kabinet investeert miljarden euro’s in nieuwe windparken op zee en de vergroening van de industrie. Tot 2030 komt er meer dan 10 gigawatt vermogen bij, een verdubbeling van de huidige hoeveelheid.

David Bremmer en Marcia Nieuwenhuis
Windmolens bij Urk. Elke gigawatt vermogen extra levert stroom op ter waarde van het verbruik van een miljoen huishoudens. Beeld Getty Images
Windmolens bij Urk. Elke gigawatt vermogen extra levert stroom op ter waarde van het verbruik van een miljoen huishoudens.Beeld Getty Images

Het kabinet doet voor de bouw van extra windmolens op de Noordzee voor het eerst een beroep op het in het coalitieakkoord afgesproken Klimaatfonds. Het gaat om een bedrag van bijna 1,7 miljard euro, bedoeld voor onder meer scheepvaartveiligheid en noodzakelijke aanpassingen in de visserijsector.

Stroom voor miljoenen huishoudens

Op de Noordzee zijn drie nieuwe gebieden aangewezen waar windmolens worden neergezet, en de eerdere aanwijzing van twee andere gebieden is bevestigd. Dat maakt de weg vrij voor windparken met een totale capaciteit van 10,7 gigawatt, genoeg om miljoenen huishoudens van groene stroom te voorzien.

De nieuwe windparken komen op tientallen kilometers uit de kust van Zuid- en Noord-Holland te liggen en ver boven de Waddeneilanden. “Bij het aanwijzen van de windenergiegebieden is zorgvuldig gekeken naar de andere belangen op de Noordzee zoals scheepvaart, visserij, natuur en Defensie”, zegt klimaat- en energieminister Rob Jetten.

“Dit is een belangrijke mijlpaal in de transitie naar meer duurzame energie”, zegt Jetten. Het is de bedoeling dat windenergie in 2030 de belangrijkste bron van elektriciteit is, met een totale opwekcapaciteit van 21 gigawatt.

Industrie helpen vergroenen

De enorme uitbreiding zal worden gebruikt om de Nederlandse industrie te helpen te vergroenen. Dit is hard nodig om de klimaatdoelen in 2030 en daarna te halen. Hans Timmers, voorzitter van de Nederlandse WindEnergie Associatie (NWEA): “Alleen om de hoogovens van Tata Steel in IJmuiden groen te kunnen laten draaien, is al 6 tot 7 gigawatt opgesteld vermogen nodig. Als de industrie dat niet zou doen, heeft de aanleg van al die parken totaal geen zin.”

Nederland heeft nu windparken op zee bij IJmuiden en Egmond aan Zee, en parken in aanbouw voor onder meer de Zeeuwse kust. Aangescherpte Europese klimaatdoelen zorgen ervoor dat er veel meer windstroom nodig is dan de 11 gigawatt die in het Energieakkoord en Klimaatakkoord zijn overeengekomen. Vandaar dat de coalitie het totale vermogen uit wind op zee nu wil verdubbelen.

Kosten: miljarden euro’s

Het uitbreiden van de stroom uit wind op zee vergt miljarden euro’s. Dat geld is niet bedoeld voor het realiseren van de windparken zelf. De twee meest recente windparken zijn zonder subsidie aanbesteed. Maar voor het aanleggen van de stroomverbinding naar het vasteland, en zo naar het stopcontact, is wél subsidie nodig.

Meer nog is het geld nodig om ervoor te zorgen dat alle extra windenergie op zee kan worden omgezet naar het schone waterstof. Op die manier kan de energie worden opgeslagen. Zo kan de industrie in onder meer de Botlek en het Noordzeekanaalgebied daarop gaan draaien, in plaats van op fossiel aardgas.

Het benodigde geld komt voor een belangrijk deel uit het klimaatfonds waarvoor coalitiepartijen VVD, D66, CDA en ChristenUnie in het regeerakkoord 35 miljard euro hebben vrijgemaakt. In 2050 moet Nederland klimaatneutraal zijn. “De hele industrie verduurzamen vraagt tientallen miljarden euro’s,” weet NWEA-voorzitter Timmers. Installaties die ammoniak of methanol produceren, moeten worden omgebouwd zodat ze in plaats van op fossiel gas op groene waterstof kunnen draaien.

Geld bieden bij de aanbesteding

De NWEA, waarin bedrijven als Van Oord en Heerema, turbinebouwer Vestas, Eneco en Rabobank zitten, benadrukt dat het kabinet de aanleg van nieuwe windparken aantrekkelijk moet zien te maken — ook met de oorlog in Oekraïne in het achterhoofd.

Er komen aanbestedingsprocedures waarin bedrijven kunnen aangeven tegen welke voorwaarden zij dat willen doen. Afgelopen najaar maakte de overheid bekend dat ontwikkelaars van offshore windparken bij de volgende tender geld zullen moeten bieden. Dat ziet de branche niet zitten. “Tegenwoordig bestaat de indruk dat wij willen betalen om parken te bouwen. Dat is een gevaarlijke gedachte, zeker bij de grote langjarige investeringen die aangegaan worden.”

De overheid moet daarom de juiste randvoorwaarden scheppen voor wind op zee, stelt de NWEA. “Het veilen van windparken is echt uit den boze, ook vanuit internationaal concurrentieperspectief,” claimt Timmers. Hij wijst op het wereldwijde tekort aan materialen, werknemers en schepen waarmee ontwikkelaars kampen. “Vanwege Oekraïne gaat elk land op zijn eigen energievoorziening zitten. Als Nederland niet uitkijkt, varen de schepen van bedrijven als Van Oord en Heerema ergens anders heen om windparken aan te leggen.”

Steeds meer vermogen

Het verdubbelen van de hoeveelheid windenergie betekent in praktijk dat meerdere nieuwe parken nodig zijn. De huidige generatie windmolens op zee is goed voor 10 megawatt per turbine. Op de Nederlandse Noordzee betekent dit met de huidige stand van de techniek circa duizend extra windmolens.

Turbines leveren echter steeds meer vermogen. De Deense windmolenfabrikant Vestas heeft al een 15 megawatt-molen in ontwikkeling, waarvan later dit jaar een prototype zal worden neergezet in het eigen testcentrum op Jutland. Naar verwachting worden molens van 12 tot 15 megawatt de norm. Aangezien de nieuwe Nederlandse windparken pas over enkele jaren gebouwd zullen worden, zijn in de praktijk 750 tot 800 molens nodig.

Meer over