PlusInterview

Hoekstra over berechten oorlogsmisdaden in Oekraïne: ‘De commandostructuur begint in het Kremlin’

Oorlogsmisdadigers in Oekraïne mogen hun straf niet ontlopen, vindt minister Hoekstra. Donderdag is hij gastheer van een internationale conferentie die het verzamelen van bewijs en vervolging moet bevorderen. ‘Het is onze plicht straffeloosheid te voorkomen.’

Hanneke Keultjes
Portret van Wopke Hoekstra, Minister van Buitenlandse Zaken, bij de entree van de Ukraine Accountability Conference.
Links in beeld een foto van Kiev voor de oorlog, rechts beelden van hoe het land er nu uit ziet.  Beeld Joost Hoving
Portret van Wopke Hoekstra, Minister van Buitenlandse Zaken, bij de entree van de Ukraine Accountability Conference.Links in beeld een foto van Kiev voor de oorlog, rechts beelden van hoe het land er nu uit ziet.Beeld Joost Hoving

Minister Wopke Hoekstra van Buitenlandse Zaken denkt dezer dagen weleens aan het Joegoslaviëtribunaal. De speciale rechtbank in Den Haag werd al in 1993, voor het hoogtepunt van de oorlog in voormalig Joegoslavië, opgericht en is nog altijd aan het werk. In het begin was er scepsis. Zou het lukken om oorlogsmisdadigers te berechten? Het tribunaal slaagde erin om een aantal kopstukken voor de rechter te krijgen: Mladic, Karadic en Milosevic.

Ooit, is Hoekstra’s hoop, worden ook oorlogsmisdadigers uit de oorlog in Oekraïne voor de rechter gebracht. “De kortste weg naar het doel is als Oekraïne in eigen land vervolgt. Maar voor een land dat middenin de oorlog zit, is dat lastig.” Het Internationaal Strafhof in Den Haag heeft volgens Hoekstra ‘de beste papieren’ om tot vervolging over te gaan. Een speciaal Oekraïnetribunaal ziet Hoekstra in elk geval niet op korte termijn verrijzen. Welk bordje er straks aan de gevel hangt, en of processen in Kiev of in Den Haag worden gevoerd, is volgens de CDAbewindsman ook ‘van secundair belang’. “Het gaat om gerechtigheid.”

Waarom heeft Nederland dit onderwerp naar zich toegetrokken?

“Het past bij onze traditie als land dat hecht aan mensenrechten, aan het internationale recht en aan het bewaken en beschermen van vrede en veiligheid. In Oekraïne gebeuren letterlijk elke dag de meest verschrikkelijke dingen. We hebben allemaal de verschrikkelijke beelden gezien die door merg en been gaan. Van vastgebonden, volstrekt onschuldige burgers die standrechtelijk zijn geëxecuteerd. Echt verschrikkelijke verhalen over verkrachte vrouwen, maar ook mannen, soms moest hun familie toezien. Over boobytraps op kinderspeelgoed. Deze wreedheden zijn volstrekt onacceptabel. We weten dat het een ingewikkeld proces is om oorlogsmisdadigers voor de rechter te krijgen, en dat het heel veel tijd vraagt. Maar het is essentieel dat we het wel doen. De slachtoffers en nabestaanden verdienen dit.”

De oorlog woedt nog voort. Onderzoekers staan er niet met hun neus op. Hoe regel je dan de bewijslast?

“Ik denk dat het vergelijkbaar is met andere misdaden. Daar staan rechercheurs ook niet met hun neus bovenop. Ze zoeken andere vormen van bewijs: getuigenverklaringen, dna, praten met slachtoffers. Dat gebeurt nu ook.”

Oekraïne heeft zelf niet de capaciteit om alles, middenin de oorlog, zelf te onderzoeken. Het land vroeg het Internationaal Strafhof en de EU-lidstaten om hulp. Nederland stuurde in in mei een team forensisch experts van de Koninklijke Marechaussee en het Nederlands Forensisch Instituut (NFI) naar Kiev. Twee weken deden zij – onder oorlogsomstandigheden – onderzoek naar mogelijke oorlogsmisdaden. “Dat is alles behalve eenvoudig werk.”

De oorlog duurt al meer dan vier maanden. Wat heb je dan aan een momentopname van twee weken?

“Dat heeft heel veel zin. Maar je moet wel zorgen dat je zoveel mogelijk van dit soort momentopnames creëert, met zoveel mogelijk teams uit zoveel mogelijk landen. Zo werd de inzet van de Nederlandse marechaussees bijvoorbeeld afgelost of gedakpand met de Franse gendarmerie.”

De conferentie in het Haagse World Forum, waarbij donderdag veertig tot vijftig landen vertegenwoordigd zijn, moet ervoor zorgen dat de inspanningen van alle landen beter worden gecoördineerd, zegt Hoekstra. Dat onderzoeksteams van landen niet drie keer naar dezelfde plek gaan om drie keer dezelfde slachtofferverklaring op te nemen. “Als je bent verkracht, wat al volstrekt verschrikkelijk is, en als je familie ook nog werd gedwongen mee te kijken, dan is het al een hele stap om daarover te praten. Dat trauma wil je niet groter maken. Dus het laatste wat je dan wil is dat je je verhaal telkens weer opnieuw moet doen.”

Hoekstra trekt, maakt hij donderdag bekend, drie keer 1 miljoen euro uit om straffeloosheid in de Oekraïne-oorlog te voorkomen. De eerste miljoen euro gaat naar het Internationaal Strafhof, de tweede naar de Verenigde Naties en het derde miljoen is voor onderzoek naar seksueel geweld in Oekraïne. Ook staat Nederland ‘ervoor open’ om nogmaals een forensisch team naar Oekraïne te sturen, zegt Hoekstra.

Wat heeft het eerste Nederlandse onderzoek opgeleverd? Zijn er namen van mogelijke daders opgetekend, zijn getuigen gehoord en is er dna veilig gesteld?

“Ik kan daar niet in detail op ingaan, ik wil het onderzoek niet verstoren. Zij hebben bewijs verzameld, zoals de recherche dat in Nederland ook op een plaats delict doet. Ze interviewen getuigen, kijken of ze beeldmateriaal te pakken kunnen krijgen, zoeken sporen van de misdaad. De resultaten proberen ze zo op te slaan, dat ze breed gedeeld kunnen worden met Oekraïne of het Internationaal Strafhof. Dat hof maakt overigens geen onderscheid: als er aan Oekraïense zijde oorlogsmisdaden worden gepleegd, worden die ook onderzocht.”

Rusland viel Oekraïne binnen. Het wordt vaak de oorlog van Poetin genoemd. Is de Russische president, als aanstichter, degene die je voor het hekje wilt brengen?

“Het is evident dat er een volstrekt onrechtmatige aanval plaatsvindt op Oekraïne, in flagrante strijd met het internationaal recht, waar de mensenrechten op gruwelijke wijze worden geschonden. Ja, natuurlijk hebben individuele militairen die oorlogsmisdaden begaan daar zelf schuld aan. Er ligt een duidelijke verantwoordelijkheid bij de chain of command, de commandostructuur, en die begint in het Kremlin. Maar het is aan het Internationaal Strafhof, en niet aan mij, wie zij gaan vervolgen.”

Rusland erkent het Internationaal Strafhof niet, Poetin trok zijn handtekening in 2016 in. Is dat een probleem?

“Oekraïne erkent het Strafhof wel, en de misdaden worden op Oekraïens grondgebied gepleegd. Maar ik weet zeker dat Rusland zich actief zal verzetten tegen berechting. En er zijn ook geen garanties dat het gaat lukken. Maar we moeten er wel mee doorgaan, de internationale rechtsorde staat op het spel.”

Bij dit soort zaken, zegt Hoekstra, heeft het Internationaal Strafhof ‘alle expertise’. Probleem is wel dat onderzoeken van het Strafhof vaak lang, soms decennia duren. Zo hopen slachtoffers en nabestaanden in Guinee al jaren dat het hof een moordpartij uit 2009, waar de militaire junta in een voetbalstadion ten minste 147 mensen vermoordde en meer dan 100 vrouwen verkrachtte, oppakt. In 2020 meldde het Strafhof dat het ‘voorlopig onderzoek in een vergevorderd stadium’ is, maar tot een proces is het nog altijd niet gekomen.

Dat is toch geen gerechtigheid, als je er zo veel jaar op moet wachten?

“Dit soort verschrikkelijkheden verjaren niet. Het is ook aan de internationale gemeenschap om te laten zien dat we dit niet over onze kant laten gaan. Natuurlijk heb je die gerechtigheid het liefst morgen. Maar de realiteit is dat het lang zal duren en dat ook veel misdaden helaas onbestraft zullen blijven. Maar dat ontslaat je niet van de plicht om er alles aan te doen om straffeloosheid te voorkomen.”

Meer over