Hamer ziet minderheidskabinet als laatste optie: ‘Partijen te veel bezig met beeldvorming’

De zes overgebleven potentiële coalitiepartijen zijn te veel bezig met risicobeheersing en beeldvorming. Inhoudelijk kwamen VVD, D66, CDA, PvdA, GroenLinks en CU een heel eind, maar steeds strandden de ‘wie-met-wiegesprekken’. De meest voor de hand liggende optie lijkt nu een minderheidskabinet, bestaand uit (een combinatie van) VVD, D66 en CDA.

Niels Klaassen
Inhoudelijk waren er weinig hobbels tussen de zes partijen die gesprekken voerde, zo herhaalt informateur Mariëtte Hamer steeds in haar rapport. Beeld ANP
Inhoudelijk waren er weinig hobbels tussen de zes partijen die gesprekken voerde, zo herhaalt informateur Mariëtte Hamer steeds in haar rapport.Beeld ANP

Dat schrijft informateur Mariëtte Hamer in haar eindverslag dat ze donderdag aan de Tweede Kamer heeft aangeboden. Hamer noemt het ‘zeer onbevredigend, zeer zorgelijk (...) en op de inhoud onnodig’ dat de zes partijen samen geen meerderheidscoalitie willen vormen. ‘Met alle uitdagingen die ons land te wachten staat, met alle grote problemen en transities, verdient ons land een stabiel kabinet met voldoende politiek draagvlak.’

Maar in plaats van ‘de inhoud’ speelden aan de onderhandelingstafel vooral ‘andere overwegingen’ een rol. ‘Die andere overwegingen laten zich samenvatten in de positionering van partijen ten opzichte van elkaar en de beeldvorming daarover, het gepercipieerde risico dat de eigen visie en inhoud te veel ondergesneeuwd raken als niet aan bepaalde voorwaarden, zoals een beperkt aantal partijen uit een bepaalde stroming, wordt voldaan. Maar ook het benodigde draagvlak in de fractie en partij en de visies op de stabiliteit van sommige meerderheidsvarianten.’

De kabinetsformatie staat nu praktisch weer op punt nul, al ligt er wel een ‘aanzet voor een opzet tot een mogelijk coalitieakkoord’. Bijna vier maanden na de start van haar informateursklus staat Hamer met lege handen als het aankomt op een meerderheidscoalitie. De grootste partijen blokkeren elkaars voorkeursvarianten, waardoor haar opvolger – waarschijnlijk Johan Remkes – als noodgreep naar een minderheidsoptie moet grijpen.

Hamer vindt het ‘voor de hand liggend’ dat Remkes die coalitie ‘uit een nader te bepalen combinatie van VVD, D66 en CDA’ gaat bekijken. Die kunnen dan samenwerken met de andere drie partijen uit ‘het brede midden’, vindt de vertrekkend informateur: ‘Dus de PvdA, GroenLinks en de ChristenUnie. Deze zes partijen uit het brede midden hebben de afgelopen decennia altijd met elkaar geregeerd, dan wel samengewerkt in akkoorden (Lenteakkoord, Pensioenakkoord, Klimaatakkoord).’

Obstakels

Inhoudelijk waren er weinig hobbels tussen de zes partijen die gesprekken voerden, zo herhaalt Hamer steeds. Het ‘basisstuk’ dat VVD en D66 samen schreven, zou de politieke steun van een meerderheid moeten kunnen halen. Maar het ontbreekt aan de politieke wil, constateren ook hoofdrolspelers.

Hamer: ‘Het gesprek over de inhoud wordt al snel verlaten om het toch weer over ‘wie met wie’ te hebben (...) Hoewel er op basis van de inhoud voldoende aanknopingspunten zijn om tot een meerderheidscoalitie uit het brede midden te komen, werpen de zes partijen uit dit brede midden op andere gronden dan de inhoud blokkades dan wel voorwaarden op die onverenigbaar blijken.’

De politieke blokkades waren zo hardnekkig dat wekenlange inhoudelijke gesprekken weer snel van tafel geveegd werden als het over een nieuwe coalitie moest gaan. ‘De blokkades die de partijen in juni tot een impasse brachten zijn na de inhoudelijke gesprekken echter toch weer de boventoon gaan vormen.’

De informateur ‘betreurt’ dit omdat alle facties in koor Tjeenk Willink napraatten, toen die aandrong op een inhoudelijke formatie: ‘Starten met de inhoud en de problemen die bij voorrang moeten worden aangevat, bepleitte hij. In deze benadering, met een proces in stappen, konden de fracties zich in meerderheid vinden.’

Hoewel iedereen tempo en haast predikte verliep het formatieproces in een slakkengang. En waar Hamer voor de zomer nog dacht dat half augustus de inhoudelijke onderhandelingen konden beginnen, kwamen die dus nooit echt van de grond.

De media

Tijdens de gesprekken is er ook veel tijd besteed aan wat over elkaar in de media is gezegd, schrijft Hamer. ‘Dit is uiteraard niet nieuw en heeft ook in eerdere onderhandelingen een rol gespeeld. In zekere zin hoort het bij onderhandelingen en formaties. Maar gezien de discussie over een open bestuurscultuur en het belang van het betrekken van de burgers bij de politiek lijkt het mij toch interessant te kijken hoe een open informatievorm naar buiten zich kan verhouden tot het voor het proces vereiste vertrouwen binnenskamers.’

Meer over