PlusNieuws

Geen hennepplantages, geen telers, geen bankrekeningen: wietproef dreigt flop te worden

Het wiet-experiment waarbij onder toezicht van de staat hennep wordt geteeld en verkocht, kampt met een keur aan kopzorgen: van een gebrek aan telers en deelnemende gemeenten tot gedoe met bankrekeningen.

Tobias den Hartog
null Beeld ANP
Beeld ANP

Drie jaar na alle ronkende aankondigingen van de wietplannen lijkt het project faliekant te mislukken, zo is op te maken uit een brief aan de Tweede Kamer van het kabinet. Dat wil een proef van de grond te tillen waarbij in tien gemeenten de hele wiethandel onder staatstoezicht gaat verlopen. De hoop is, vooral van D66, dat daarmee de rol van criminelen wordt teruggedrongen en ‘gezondere’ wiet beschikbaar komt.

Maar sinds de proef wordt vormgegeven, stapelen de problemen zich op. Zo wilden veel gemeenten niet meedoen, anderen zijn zelfs tegen en er blijkt nog steeds geen grote stad te zijn overgehaald voor de proef die vier jaar moet gaan duren.

Amsterdam meldde overigens in 2019 al mee te willen doen aan het experiment, maar kon niet voldoen aan de eis van het rijk om álle coffeeshops binnen de gemeentegrenzen bereid te vinden om mee te doen – een onhaalbaar voorwaarde voor de hoofdstad. Burgemeester Halsema had erop aangedrongen dat Amsterdam wel met een van de stadsdelen zou kunnen meedoen, maar die suggestie is niet overgenomen.

Opnieuw uitstel

De problemen zijn zo groot inmiddels dat de start van het project andermaal moet worden uitgesteld. Dit jaar komt het niet meer van de grond. ‘‘Inmiddels is helaas gebleken dat starten in 2022 niet meer reëel is”, schrijven ministers Ernst Kuipers (Volksgezondheid) en Dilan Yeşilgöz (Justitie) aan de Tweede Kamer. Hooguit in het tweede kwartaal van 2023 kan worden begonnen, schatten zij in.

Probleem is allereerst dat er nog geen grote stad is gevonden die meedoet, terwijl dit volgens onderzoekers een belangrijke voorwaarde is om goede vergelijkingsresultaten te krijgen met de situatie nu. Maar meer dan dat de ‘interesse’ bij de G4-gemeenten is ‘gepolst’ lijkt er nog niet te zijn gebeurd.

Ook zijn er nog niet genoeg wiettelers gevonden die willen meedoen. Er zijn er acht aangewezen, maar de negende en tiende ontbreken nog. Maar misschien nog erger: de telers die wel meedoen, lopen tegen problemen aan. Zo heeft een ‘aantal’ van hen ‘problemen met het verkrijgen’ van een locatie.

Ook lukt het telers niet om een bankrekening te openen, omdat banken bang zijn te worden vervolgd voor het helpen bij witwassen en het financieren van terrorisme. Het kabinet hoopt daarbij te kunnen lobbyen, maar vooralsnog dus zonder resultaat. De ministers in hun brief: ‘‘De weg naar de start blijkt hobbelig te zijn.”

Moeizame start

De hele proef kende al een geplaagde aanloop en de geboorte was al niet veel beter. D66 ijverde er sinds 2017 al voor en wist het uiteindelijk in het regeerakkoord van Rutte II te krijgen. Maar van enige liefde ervoor was bij de regeringspartners geen sprake. VVD, CDA en ChristenUnie stemde zelfs tegen de initiatiefwet waarmee het plan op tafel kwam.

Het idee haalde het met hakken over de sloot: een keur aan kleine partijen en splinterpartijen stemden voor. Maar daarmee was er binnen de kabinetspartijen een splijtzwam geboren. Een ‘heilloze weg’ noemde het CDA de proef, de VVD vond het een ‘naïef’ idee dat staatswiet zou helpen om drugscriminelen buitenspel te zetten.

Tegelijk werd de proef wel onderwerp van politieke spelletjes, zo lijkt het. Vooral het CDA verbond zulke hoge eisen aan de proef dat de uitvoering alsmaar moeilijker werd. Grote steden, waaronder dus ook Amsterdam, haakten om dat eisenpakket af. Zo moeten álle coffeeshops in een gemeente meedoen, als ze deelnemen. ‘‘Wat zijn de gevolgen als coffeeshops niet mee willen doen, moeten we ze dan sluiten?” vroeg de Rotterdamse burgemeester Aboutaleb zich af.

Ondanks alle malheur is D66-Tweede Kamerlid Joost Sneller nog altijd hoopvol. ‘‘Als je grote idealen hebt, komt je ook problemen tegen. Maar de stippen op de horizon staan, ik zie nog steeds dat dit kan slagen.”

Hij wijst erop dat het glas voor ‘acht tiende’ vol is. ‘‘Want we hebben acht van de tien telers en we weten dat bijvoorbeeld Utrecht wel ver is met interesse om mee te doen. Deze brief van het kabinet is misschien net wat te somber over waar we staan.”

Toch zal vooral het CDA blijven hopen dat de proef uiteindelijk alsnog in de soep loopt en een volgend kabinet er weer een streep door zet.

Meer over