Crisis bij Volt ettert door: Dassen noemt Gündogans gedrag niet passend

De crisis in Volt ettert door. Partijbestuur en het geschorste Kamerlid Gündogan zeggen te gaan proberen om eruit te komen. De vraag is of dat nut heeft.

Hans van Soest
Volt-leider Laurens Dassen en Kamerlid Nilüfer Gündogan toen ze nog samen op campagne gingen voor de Kamerverkiezingen vorig jaar. Beeld ANP
Volt-leider Laurens Dassen en Kamerlid Nilüfer Gündogan toen ze nog samen op campagne gingen voor de Kamerverkiezingen vorig jaar.Beeld ANP

Partijleider Laurens Dassen van Volt zegt ‘heel erg geschrokken’ te zijn van de verhalen van medewerkers van de partij over Kamerlid Nilüfer Gündogan. In NRC deden een aantal maandag anoniem hun beklag over haar. Hoewel Dassen vorige week nog zijn excuses aanbood nadat de rechter had bepaald dat Gündogan ten onrechte was geschorst, zegt hij nu dat haar gedrag ‘niet binnen onze cultuur’ past.

Het Kamerlid werd vorige maand geschorst wegens ‘grensoverschrijdend gedrag’. Wat dat was bleef onduidelijk. Daarop stapte Gündogan naar de rechter. Die stelde haar vorige week in het gelijk. Het partijbestuur was te hard van stapel gelopen. Afgesproken werd dat Dassen en Gündogan een mediator zouden zoeken om te proberen weer op een normale manier samen te werken.

Maar of dat nog nut heeft, is zeer de vraag. Vorige week al liet het partijbestuur doorschemeren dat het overweegt in beroep te gaan tegen de uitspraak van de rechter. En nu is er partijleider Dassen die in een verklaring op Twitter laat weten: ‘Verdrietig en vreselijk dat mensen zich zo onveilig hebben gevoeld. Melders zijn bang en we gaan er alles aan doen om te helpen.’

Lichaamshygiëne

In NRC vertellen vijf medewerkers van Volt anoniem over de klachten die zij hebben ingediend over Gündogan. Zij zou een kwade dronk hebben, seksuele avances hebben gemaakt tegen medewerkers, een homoseksuele medewerker ‘meid’ hebben genoemd, Dassens leiderschap niet accepteren en het derde Volt-Kamerlid Marieke Koekkoek hebben aangesproken op haar lichaamshygiëne. Gündogan zelf noemt het niveau van de beschuldigingen ‘tergend treurig’.

De kans dat het nog goedkomt tussen Gündogan en de overige twee Volt-Kamerleden lijkt minimaal. Ervaringen uit het verleden bij andere partijen leren hoe moeilijk het is om een eenmaal aangekondigde breuk nog te herstellen. Als het misloopt, heeft Gündogan al aangegeven haar Kamerzetel hoe dan ook te behouden.

De ruzie bij Volt roept herinneringen op aan de chaos die in 2005 uitbrak in GroenLinks. HP/De Tijd publiceerde een verhaal dat Eerste-Kamerlid Sam Pormes in de jaren zeventig in Jemen een paramilitaire training zou hebben gehad bij een terroristische organisatie. Zelf ontkende hij, maar het partijbestuur van GroenLinks schorste hem.

Zetel opgeven

De senator weigerde – net als Gündogan nu – zijn zetel op te geven. Hij stapte naar de rechter die hem in het gelijk stelde: GroenLinks mocht hem niet meer beschuldigen. Een bemiddelaar regelde dat Pormes nog tot aan dat najaar namens GroenLinks in de Eerste Kamer mocht blijven, waarna hij vrijwillig zou vertrekken. Door de rel moest de toenmalige partijvoorzitter van GroenLinks aftreden.

Recenter is het voorbeeld van de partij Denk. Begin 2020 gingen de drie Kamerleden rollebollend over straat. Kamerlid en partijvoorzitter Selcuk Öztürk kwam in botsing met medeoprichter van de partij Tunahan Kuzu nadat de laatste door een vrouw was beschuldigd van seksuele intimidatie. Volgens hem zelf ging het om een relatie met wederzijds goedvinden. De ruzie liep zó erg uit de hand dat Kuzu Öztürk beschuldigde van ‘broedermoord’ en het derde Kamerlid Farid Azarkan werd geroyeerd als lid. In de zomer van dat jaar besloten de drie echter om in het belang van de partij de strijdbijl te begraven. Azarkan ging door als fractievoorzitter, Öztürk bleef nog lid van de fractie tot aan de verkiezingen en zou daarna plaatsmaken.

Hoewel de rust daarna leek wedergekeerd bij Denk, bleek de bijna-scheuring toch sporen te hebben getrokken in de partij. In de aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen botste het partijbestuur met enkele lokale afgevaardigden, omdat er volgens sommigen nog sprake is van een ‘Öztürk- en een Azarkankamp’. Ook bij Volt betekent een eventueel vertrek van Gündogan niet dat daarmee de rust in de partij weerkeert.