Asielaanvraag dienstplichtige Eritreeërs moet opnieuw worden beoordeeld

Staatssecretaris Eric van der Burg mag Eritreeërs die in Nederland asiel aanvragen niet zomaar terugsturen als hij weet dat ze daar mogelijk in militaire dienst moeten. Dat heeft de Raad van State geoordeeld.

Teun Dominicus
Staatssecretaris Eric van der Burg (Justitie en Veiligheid) tijdens een debat in de Tweede Kamer over het vreemdelingen- en asielbeleid.  Beeld ANP / Lex van Lieshout
Staatssecretaris Eric van der Burg (Justitie en Veiligheid) tijdens een debat in de Tweede Kamer over het vreemdelingen- en asielbeleid.Beeld ANP / Lex van Lieshout

De omstandigheden voor dienstplichtigen zijn in Eritrea zo slecht dat ze mogelijk in strijd zijn met het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM), oordeelt de hoogste bestuursrechter.

De afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State keek naar de zaken van twee mannen, die vrezen dat ze in Eritrea de militaire dienstplicht moeten vervullen en vinden dat daar bij de beoordeling van hun aanvraag naar gekeken had moeten worden. Een van hen had bij de rechtbank al gelijk gekregen, bij de ander kreeg de Staat aanvankelijk gelijk. Van der Burg moet nu beide asielaanvragen opnieuw beoordelen, omdat hij te weinig oog heeft gehad voor de mogelijke gevolgen van de dienstplicht voor de twee.

‘Foltering of onmenselijke of vernederende behandeling’

De dienstplicht in Eritrea is niet zoals in andere landen, concludeert de Raad van State. Dienstplichtigen krijgen te maken ‘met extreem zware werk- en leefomstandigheden, een gebrek aan basisvoorzieningen, te zware fysieke trainingen of arbeid, zeer ernstige lijfstraffen en detentie onder schrijnende omstandigheden’.

Bovendien duurt de diensttijd formeel anderhalf jaar, maar kan die zomaar voor onbepaalde duur verlengd worden. Het komt voor dat de dienstplicht tien jaar of zelfs nog langer duurt.

Alles bij elkaar zegt de Raad van State dat de omstandigheden voor de Eritreeërs ‘te kwalificeren zijn als foltering of onmenselijke of vernederende behandeling’. Daar moet de staatssecretaris rekening mee houden.

Dictatuur van president Afewerki

Het Oost-Afrikaanse Eritrea zucht al jaren onder het autoritaire regime van president Afewerki. In 2016 concludeerde de Verenigde Naties dat er sprake is van misdaden tegen de menselijkheid: er wordt gemarteld, verkracht en gemoord door het regime. Daarnaast wordt al jarenlang gewaarschuwd tegen de ‘lange arm’ van de Eritrese overheid: critici die het land zijn ontvlucht worden door de staat bedreigd, berichtte het Algemeen Dagblad in 2017. Amnesty International herhaalde deze boodschap in 2019.

Eritreeërs horen tot de top vijf van grootste groepen vluchtelingen in Nederland, naast onder meer Syriërs en Afghanen. Vanaf 2014 tot en met juni 2021 vroegen 31.010 Eritreeërs asiel aan in Nederland. Veel van de asielzoekers vallen in de leeftijdscategorie dat ze in militaire dienst moeten.