PlusFilm

Tunnelangst? Dan is rampenfilm The Tunnel een uitdaging

In The Tunnel van regisseur Pål Øie krijgt een vrachtwagen op de dag voor kerst pech in – inderdaad – een tunnel. De spanning wordt vervolgens effectief opgebouwd.

De Noorse rampenfilm The Tunnel. Beeld
De Noorse rampenfilm The Tunnel.

Mensen met tunnelvrees reizen beter niet door Noorwegen. Het land mag dan bekend staan om zijn fjorden, inmiddels telt het ongeveer evenveel verkeerstunnels – ruim duizend. Daaronder is ook de langste voor autoverkeer ter wereld: de bijna 25 kilometer lange Lærdaltunnel.

Geen wonder dat de Noorse regisseur Pål Øie juist voor een tunnel koos als setting voor zijn rampenfilm The Tunnel. Deze film is niet bepaald geschikt voor mensen met tunnelvrees.

In werkelijkheid moet je bij de Noorse tunnels, zo stellen verschillende reisorganisaties, vooral opletten dat er geen schapen in de opening verscholen liggen. Maar in The Tunnel gaan de problemen een stuk verder. De ­ellende ­begint wanneer een vrachtwagen ergens halverwege de tunnel panne krijgt. Zoals dat gaat in rampenfilms, gaat vervolgens alles mis wat mis kan gaan.

The Tunnel stond oorspronkelijk gepland voor een bioscooprelease in de kerstvakantie van 2020, vrijwel exact een jaar na de Noorse release op eerste kerstdag 2019. Voor de Nederlandse bioscooprelease stak de lockdown uiteindelijk een stokje, maar de timing daarvan was ­eigenlijk een stuk logischer dan deze online uitbreng in april. The Tunnel zet zijn rampenscenario namelijk extra aan door het te plaatsen op de dag voor kerst. Zo wordt extra scherp uitgelicht wat er voor de gestrande reizigers en reddingswerkers op het spel staat: een samenzijn met hun familie.

Veel personages

Øie volgt voor The Tunnel het bewezen effectieve recept van de klassieke rampenfilm – ‘The Towering Inferno, maar dan horizontaal’, zoals het Amerikaanse vakblad Variety grapte. Dat begint ermee dat een flink ensemble aan personages wordt geïntroduceerd, die vervolgens op verschillende manieren ten prooi vallen aan de ramp, om uiteindelijk gelouterd uit de ervaring te komen – als ze het overleven.

Het genre kent in Noorwegen de afgelopen jaren een ­opvallende opleving. Eerst was er The Wave (2015), vervolgens The Quake (2018) en nu dus The Tunnel. Alle drie waren ze succesvol genoeg om ook in het buitenland, waaronder Nederland, te worden uitgebracht.

De meeste aandacht gaat in The Tunnel naar reddingswerker Stein (Thorbjørn Harr) en zijn tienerdochter Elise (Ylva Lyng Fuglerud). Hun relatie is nogal stroef nu hij, enkele jaren na het overlijden van Elise’s moeder, zijn nieuwe vriendin Ingrid (Lisa Carlehed) mee naar huis neemt.

Naast deze familiedriehoek zijn er nog twee flinke handen vol personages die met de ramp te maken krijgen – van Steins collega’s via alarmcentralemedewerker Andrea (Ingvild Holthe Bygdnes) tot de automobilisten die uiteindelijk in de tunnel vast zullen komen te zitten. Er is een gezin met twee jonge dochters dat nog nietsvermoedende kinderliedjes zingt wanneer ze de tunnel in rijden. Er is een trucker uit een onbestemd Oostblokland, die met tegenzin een lifter heeft meegenomen. Er is een ­gesjeesde yup die zijn zoontje op de achterbank negeert. Er is een bus vol forensen op weg naar hun kerstfeesten, inclusief een paniekerige toerist en een leuke jongen die met Elise aanpapt.

Adem inhouden

Want ja, uiteráárd is Elise na een ruzie met Stein op de bus gestapt en komt ze dus in de tunnel terecht, precies op het moment dat die vrachtwagen er vastloopt. En vervolgens ontploft. Terwijl dikke wolken rook uit de tunnelopening kronkelen haasten Stein en zijn collega’s zich door een sneeuwstorm naar de rampplek, terwijl Andrea vanuit de alarmcentrale wanhopig probeert om overzicht te creëren in de chaos ter plekke.

Øie blijft keurig binnen de lijntjes van het genre, maar weet daarvan een kracht te maken. Zo is hij weinig tijd kwijt aan het introduceren van de vele personages of ­andere narratieve fratsen. Als je Elise in de openingsscène wat frustratie ziet afreageren in het zwembad, weet je al dat het feit dat ze haar adem flink lang kan inhouden later in de film nog wel van pas zal komen. Daar hoeven verder geen woorden aan vuil gemaakt te worden.

De tijd die Øie zo uitspaart, kan hij in plaats daarvan ­gebruiken voor het zo effectief mogelijk opbouwen van de spanning. En dat doet hij. Niet door Hollywoodachtig spierballenvertoon met vet aangezette muziek (al zijn er momenten, niet geheel overtuigend) of ingewikkelde speciale effecten (idem), maar vooral door het klein en realistisch te houden. Of in elk geval zo realistisch mogelijk, met zo’n opeenstapeling van worstcasescenario’s. Verrassend is The Tunnel al met al niet, meeslepend des te meer.

Regisseur Pål Øie. Beeld Ole Berg
Regisseur Pål Øie.Beeld Ole Berg

Pål Øie

Het oeuvre van de Noorse regisseur Pål Øie (59) toont een ongebruikelijke spagaat. Hoewel hij zich specialiseert in genrefilms – horrorfilms zoals zijn debuut Villmark (2003) en Villmark 2 (2015), en psychologische thriller Skjult (2009), maakt hij af en toe een uitstapje naar het kunstenaarsportret. In 2003 was hij coregisseur van The Frenzy of Light, een tv-portret van schilder Lars Hertervig. En een maand voor The Tunnel uitkwam in Noorwegen, verscheen zijn Flammen over Jølster, over het korte leven van schilder Nikolai Astrup (1880-1928).

The Tunnel

Regie Pål Øie

Met Thorbjørn Harr, Ylva Lyng Fuglerud, Ingvild Holthe Bygdnes

Te zien op Pathé Thuis, Ziggo Movies & Series, iTunes, Google Play

Meer over