PlusFilmrecensie

Stockhausen was een genie, maar daar hadden zijn kinderen weinig aan

Regisseur Oeke Hoogendijk schetst in Licht een fascinerend portret van componist Karlheinz Stockhausen, in wiens universum alleen plaats was voor hemzelf.

Erik Voermans
Stockhausen was zo op zichzelf gericht dat hij geen enkele belangstelling had voor muziek van anderen, zelfs niet als die door zijn kinderen was gemaakt. Beeld Witfilm
Stockhausen was zo op zichzelf gericht dat hij geen enkele belangstelling had voor muziek van anderen, zelfs niet als die door zijn kinderen was gemaakt.Beeld Witfilm

In 2019 tuigden het Holland Festival, het Koninklijk Conservatorium en De Nationale Opera samen met de Stockhausen-Stiftung für Musik een uniek project op. Onder regie van Pierre Audi klonken in de Gashouder hoogtepunten uit Karlheinz Stockhausens zevendelige operacyclus Licht, waaraan de Duitse componist als een twintigste-eeuwse Wagner 26 jaar had gewerkt.

Regisseur Oeke Hoogendijk maakte een twee uur durende film over de totstandkoming van Aus Licht, zoals de productie werd gedoopt.

De film Licht, die beter Licht en donker had kunnen heten, geeft een mooi beeld van Stockhausens leven en werk, maar ook van de aanwezige spanningen tijdens de voorbereidingen en vooral van de blinde egomanie waaruit zijn radicale scheppingen tot stand kwamen. Door in te zoomen op de achterkant van de visionaire klankscheppingen, namelijk de relatie met Stockhausens zes kinderen, van wie er drie (Markus, Majella, Simon) nauw bij het compositieproces betrokken waren, zet Hoogendijk een getroebleerde persoonlijkheid onder een felle schijnwerper.

Stockhausen was zo op zichzelf gericht dat hij geen enkele belangstelling had voor muziek van anderen, zelfs niet als die door zijn kinderen was gemaakt. Hij verbrak de contacten toen ze een eigen carrière wilden nastreven of kritiek hadden op zijn werk. Zoon Simon vertelt in de film dat zijn vader hem de laatste twaalf jaar van zijn leven niet meer heeft willen zien. Hoogendijks camera registreert de pijn in zijn ogen. Dochter Julika trekt vervolgens een harde conclusie: “Laat genieën zoals hij hun grootse dingen doen, maar laat ze geen kinderen krijgen alsjeblieft!”

Ook Stockhausens tweede vrouw Mary Bauermeister doet een duit in het zakje. “Leven met Stockhausen was een fulltimebaan. Voor hem bestonden alleen zijn muziek en zijn wensen.”

Een van die wensen was het met zo veel mogelijk vrouwen doen, die hij het liefst als een harem om zich heen had verzameld. Dat het uiteindelijk in zijn huis in Kürten, nabij Keulen, bleef bij twee, Suzanne Stephens en Kathinka Pasveer, kwam door de jaloersheid van de laatste, vertelt zoon Markus, wiens bovenmenselijke kwaliteiten als trompettist het allereerste begin vormden van de Licht-cyclus.

Hoogendijk doet een poging tot psychologische duiding van Stockhausens verknipte persoonlijkheid door stil te staan bij zijn gruweljeugd, waarin zijn psychotische moeder in 1941 door de nazi’s werd vergast, zijn vader in 1944 aan het oostfront sneuvelde en hij zelf als 16-jarige wees door fosfor verbrande lijken in een kerk moest opstapelen.

Ontroerend is de devote trouw aan Stockhausen die ‘de weduwen’ Pasveer en Stephens in de film blijven belijden, al lonkt in de verte trammelant – in het graf van de componist zijn links en rechts nog twee plekken leeg, te hunner tijd bedoeld voor Kathinka (62) en Suzanne (75), maar niet voor Johanna Janning, met wie Stephens kort na Aus Licht in het huwelijk trad.

Licht

Regie Oeke Hoogendijk
Te zien via Picl

Meer over