PlusInterview

Singer-songwriter Rufus Wainwright: ‘Je moet je stem op de proef stellen’

Singer-songwriter Rufus Wainwright tourde in 2017 met groot succes met Amsterdam Sinfonietta. Vanwege corona gebeurt dat opnieuw pas in 2023. Gelukkig is er het album van de tournee uit 2017. ‘Als klassiek musicus heb je die studie nodig, maar voor mij was het belangrijker dronken te worden en teksten te schrijven.’

Erik Voermans
Rufus Wainwright: ‘Ik had eindelijk tijd om dagelijks piano te studeren.’
 Beeld Tony Hauser
Rufus Wainwright: ‘Ik had eindelijk tijd om dagelijks piano te studeren.’Beeld Tony Hauser

Als ik me in hotel Mövenpick, waar hij een leuke kamer met uitzicht op het IJ heeft, aan Rufus Wainwright voorstel als een bewonderaar van iedereen met het McGarrigle-gen, knikt hij glimlachend. “The McGarrigles waren altijd populair bij de intelligentsia in Nederland. Ik heb daar zelf heerlijk van kunnen profiteren.”

Even uitleggen misschien. Rufus Wainwright is de zoon van Kate McGarrigle en Loudon Wainwright III en de oudere broer van Martha Wainwright. Allemaal beroemde muzikanten, al heeft de carrière van Rufus wellicht de hoogste vlucht genomen. Moeder Kate vormde met haar zus Anna McGarrigle een duo dat in Nederland (en elders) veel succes had met hun debuutalbum Kate & Anna McGarrigle, met daarop twaalf ontzettend mooie liedjes, met als persoonlijke favoriet Complainte pour Ste-Catherine, waarvoor ik gaarne de hele liedcatalogus van Brahms en Wolf inlever. (Hatemail van harte welkom.)

Eerste vraag: hoe heeft Wainwright de covidperiode beleefd? “Nou, death and destruction aside, was het eigenlijk een fantastische tijd, omdat ik alle tijd had om te componeren. Ik heb een musical geschreven, veel nieuwe songs, ik heb kunnen sleutelen aan mijn opera Hadrian die komende zomer in het Teatro Real in Madrid wordt opgevoerd en, niet onbelangrijk, ik had eindelijk tijd om dagelijks piano te studeren, waar ik nooit aan toe kom als ik op tournee ben.”

Hadrian is zijn tweede opera. De eerste, Prima Donna, ging in 2015 in première en kreeg gemengde recensies. Hoe kijkt hij terug op dat stuk? “Ik denk dat de mensen het nu beter begrijpen dan in het begin. Van Prima Donna zijn zeven of acht producties gemaakt, in Zweden, in het Royal Opera House in Londen, in Hongarije en Duitsland. Het stuk bestáát en heeft een eigen leven. Dat is in de operawereld al heel wat.” Hij lacht.

Ik noem Written on Skin van George Benjamin, een van de schaarse zeer succesvolle nieuwe opera’s van de laatste tien jaar. Hij heeft het stuk gehoord. “Indrukwekkend, al is het geschreven in een stijl die me niet per se aantrekt. Ik hou meer van opera’s van Philip Glass, Thomas Adès, John Adams, maar ik zit diep van binnen nog steeds erg van aan de romantische melodieën. Ik weet wat ik wil en dat pad volg ik. Wozzeck en Lulu? O, maar die hebben ook wat ik zoek. De triestheid vooral. Ik ben een fan van Messiaen. St. François d’Assise vind ik erg goed.”

Romanticus

Hij heeft ‘een theorie’ over het onderwerp. “Ik kwam al op mijn dertiende in aanraking met opera en dat werd een grote passie. Het begon bij Verdi’s Requiem. Daarna kwamen Puccini, Strauss, Wagner en Janácek. Tegelijkertijd wist ik dat ik niet in de klassieke muziek terecht zou komen. Mijn moeder was een songwriter. Dat wilde ik ook. Op tv komen. In hotels zitten met uitzicht op de stad.” Grijns. “Opera leefde niet echt in de popwereld. Uiteindelijk ging ik toch naar music school, maar daar kreeg ik niet het gevoel dat mijn creativiteit werd gestimuleerd. Het was alsof ik op een ingenieursopleiding was beland. Ik zat dus voornamelijk in de kroeg en zakte voor elk tentamen. Als klassiek musicus heb je die studie nodig, maar voor mij was het belangrijker dronken te worden en teksten te schrijven.”

Toch schreef hij een opera. “Ja, maar volgens mijn eigen regels. Ik bleef gewoon een romanticus met een unieke kijk op het genre. Natuurlijk is Prima Donna nog pril, maar Janácek kwam ook pas laat met Jenufa, dus er is nog hoop. Mijn missie is opera een sense of melody and beauty terug te geven, want dat is wat de mensen willen horen. De wereld van Puccini en Strauss, al ben ik natuurlijk lang niet zo goed. Ik heb het idee dat het tegenwoordig om restauratie van oude waarden gaat, want er valt niks meer te vernietigen; dat is allemaal al gebeurd. Toch houdt atonaliteit me momenteel me erg bezig – ik ben aan het nadenken over een omvangrijk orkestwerk, dat in 2023 klaar moet zijn. Ik kan er nog niks officieels over zeggen, want de contracten moeten nog worden getekend, maar het gaat om een gezamenlijke compositieopdracht van verschillende orkesten.”

Hoe componeert hij zo’n stuk? “Ik componeer zoals het eruit komt. Intuïtief. Maar wel vanuit de gedachte dat het stuk er al is en dat ik het alleen nog maar hoef bloot te leggen, zoals een beeldhouwer de sculptuur al in een stuk steen ziet. Daar heb ik een blind vertrouwen in.”

Elke noot bedacht

Hij orkestreerde zijn opera’s zelf en niet eens slecht. Had hij hulp? “Ja, van de computer. Zonder de Vienna Sound Library en Sibelius had ik het niet gekund. En ik had een jonge assistent die me met notatie kon helpen. Elke noot in de partituur is door mij bedacht. Het was mooi geweest als ik alles met de hand had kunnen doen, met een ganzenveer bij het licht van een candelabra, maar dat is onrealistisch. Ik heb ook nog een popcarrière te onderhouden.”

Is er al een derde opera in de maak? “Grappig dat je dat zegt, want mij doel is minstens drie opera’s te schrijven. Pas dan vind ik mezelf een echte operacomponist. Ik wil nu een komedie schrijven, een beetje zoals Der Rosenkavalier. Nee, niet in het Duits, hoewel ik dat graag zou willen. Duits is een prachtige taal. Mijn echtgenoot is een Duitser. Ik zou het weer in het Frans of Engels kunnen doen. Ik zoek nog naar een verhaal. Voorlopig ben ik nog wel even zoet met dat orkestwerk. Het moet iets van een uur worden.”

Wainwright zou deze maand met Amsterdam Sinfonietta door Nederland touren, onder de titel Devils and Angels. Net als in 2017 zou hij nummers van hemzelf zingen, naast klassiek repertoire. Helaas gooit de coronacrisis roet in het eten. De tournee is uitgesteld tot op zijn vroegst 2023.

“Ik vind Amsterdam Sinfonietta een geweldig ensemble. Het kwam op mijn pad door toedoen van mijn agent Dave Chumley, een Londense cockney, beetje gangsterachtige figuur. Hij bezorgde me waanzinnige gigs voor mooie honoraria. Op een dag kwam hij met Sinfonietta op de proppen. Ik dacht: een hele maand in Nederland, in januari, en dan moet ik naar plaatsen als Eindhoven? Serieus? Nou, vooruit dan maar. Alle aarzelingen verdwenen bij de eerste noot van de eerste repetitie. Ik hoorde meteen dat Sinfonietta fantastisch was. En we hebben een klik. Het tragische is dat Chumley kort na die tournee is overleden.”

Slotvraag. Als hij de zangstem van iemand anders mocht kiezen, wie zou het dan worden? “Hoeveel ik ook van opera houd, ik zeg toch Aretha Franklin.” Hij lacht hard. “Weet je wat het is, en ik wil niet politiek incorrect zijn: de geweldigste zangers waren rokers! Aretha, Joni Mitchell, Caruso, Nat King Cole. Toen ik nog veel dronk, wat ik niet meer doe, rookte ik zelf ook heel veel. Uiteindelijk vernielt het je stem, of je gaat eraan dood. Toch denk ik dat het iets oplevert als je je stem op de proef stelt. Maar dat heb je niet van mij.”

Rufus Wainwright & Amsterdam Sinfonietta (Live), BMG/Modern Recordings.

Meer over