PlusAlbumrecensie

Schat uit Cecilia Bartoli’s persoonlijk archief

Erik Voermans

Net als alle andere stervelingen op aard kreeg ook de Italiaanse stersopraan Cecilia Bartoli het afgelopen jaar te maken met een lockdown. Ze besteedde de vrijgekomen tijd onder meer met het grondig uitspitten van haar muziekarchief, op zoek naar verborgen parels, zoals ze het omschrijft. Ze stuitte op een reeks opnamen die ze in de herfst van 2013 had gemaakt in het Landgasthof Riehen in Zwitserland met het Kammerorchester Basel en dirigent Muhai Tang. Die opnamen waren op de plank beland, omdat andere releases voorrang kregen.

Ze zijn nu uitgebracht onder de sobere titel Unreleased. Het gaat om zeven zogenoemde concertaria’s, wat zoveel betekent als losse operascènes met een grote dramatische lading, waarin de grote sterren van de dag hun kwaliteiten konden etaleren.

Met Ah! Perfido van Beethoven en Non temer, amato bene van Mozart (een inlas uit de opera Idomeneo) zingt Bartoli twee van de allerbekendste en dat doet ze zoals alleen zij dat kan en wil doen. In twee aria’s van Mozart krijgt ze gezelschap van violist Maxim Vengerov.

De verrassing op deze plaat is de aria van de Praagse componist Josef Myslivecek uit een operatitel die Mozart aan het einde van zijn leven ook ter hand zou nemen. Intrigerend is ook het openingsthema van Mysliveceks aria uit La clemenza di Tito, waar Mozart later het langzame deel van zijn Linzer symfonie op zou baseren.

Klassiek

Cecilia Bartoli
Unreleased
(Decca)

Meer over