PlusInterview

Pianist Iris Hond: ‘Er is een beeld van mij gevormd dat niet verder af kan staan van wie ik ben’

null Beeld Sevilay Maria
Beeld Sevilay Maria

Pianist Iris Hond (35) speelt Chopin, Einaudi en eigen werk in haar nieuwe concertreeks Dichtbij. Want dichterbij komen, bij zichzelf, bij haar publiek, bij de mensen die ertoe doen in haar leven, is niet makkelijk en wél wat ze wil. ‘Alles wat ik zeg, kan weer worden omgevormd tot iets wat niet klopt.’

Lorianne van Gelder

Ineens vraagt Iris Hond: “Wat zou jij doen? Wat zou jij vertellen?” De wedervraag volgt op de nieuwsgierigheid naar een eventuele liefde in haar leven.

Haar reactie is tekenend voor het gesprek dat we voeren in haar studio in een oud gebouw met ateliers in het centrum van Hilversum. Middenin de ruimte staat haar vleugel, tegen de muur een blauwe velours bank en aan het raam een lange, handgemaakte houten tafel. Op een kleed ligt haar labradoodle Moos.

Iris Hond, pianist en componist, is de afgelopen jaren zo vaak in het nieuws geweest over zaken waar ze het liever niet over heeft, of met roddels over haar liefdesleven, dat ze even niet meer weet hoe ze moet antwoorden. Of het nu was omdat naar buiten kwam dat ze jaren geleden een affaire had met zanger Marco Borsato, of de achterklap over vermeende relaties met andere beroemdheden, of dat haar spelen van Einaudi ‘appelmoes is vergeleken met het viersterrengerecht Debussy’, of haar deelname aan het programma Iris en de 12 dates, waarvoor ze op zoek ging naar een nieuwe liefde: de mediastormen die ontstonden, lieten haar niet onberoerd.

Het beeld dat mensen van haar hebben, strookt dan ook helemaal niet met wie ze is. Dat zegt haar agent Jara Lucieer, dat zegt haar goede vriend Robin de Levita en dat herhaalt ze vooral zelf ook.

Wie ze dan wel is? Ze is de pianist die in 2011 doorbrak op televisie bij De tiende van Tijl. Ze sleepte klassieke muziek de concertzalen uit, de straat op, spelend op een rijdende vleugel. Met haar Iris Hond Foundation musiceert ze voor gedetineerden en daklozen. Ze bracht pianomuziek van Franz Liszt naar 30.000 mensen in het Gelredome, als voorprogramma van Diana Ross. Drie albums bracht ze uit. In Amerika raakte ze bevriend met muzikale grootheid Leonard Cohen. En ze speelt nu het liefst muziek van componist Ludovico Einaudi en haar eigen composities.

In augustus treedt ze op in het Concertgebouw met de concertreeks Dichtbij.

Hoe zou je gezien wíllen worden? Een deel van het land kent je van de roddelpers en van televisie, de klassieke muziekwereld volgt je vol scepsis in je keuze voor de ‘makkelijke en toegankelijke’ Einaudi, en weer anderen bewonderen je bevlogenheid voor daklozen en het democratiseren van klassieke muziek. Zo vindt iedereen wel iets van je.

“Ik wil worden gezien als muzikant, maar vooral niet in een hokje. Hopelijk zien en horen ze ook dat ik een gepassioneerd musicus ben. Ik zou het fijn vinden als er een realistischer beeld was.”

Begrijp je waarom er een bepaald beeld van jou is ontstaan?

“Veel van wat er wordt gezegd en geschreven, vooral op de roddelkanalen, is gewoon niet waar. Verder heb ik zelf meegedaan aan het televisieprogramma Iris en de 12 dates van Net5, maar ik heb onderschat dat er zo’n eenzijdig beeld van me naar voren zou komen. Destijds leek het me mooi, omdat ik alles waar ik als persoon van kan groeien, graag doe. Maar ik zou nu een andere keuze maken.”

Theaterproducent Robin de Levita, een vriend van je met wie je aan Broadwayvoorstelling The Pianist werkt, zei over je: ‘Het is ongelofelijk wat er over Iris wordt gezegd, alsof ze een soort femme fatale is. Maar ik ken haar als het tegenovergestelde. Ze rookt niet, ze drinkt niet, ze gaat niet uit. Ze is het liefst in de natuur met haar hond. Ze staat vroeg op, speelt piano, eet een bak sla en gaat weer door met spelen.’

“Robin belt me af en toe en zegt dan: ‘wat lees ik nu? Wat heb je nu weer gedaan?’ ‘Nou vertel maar,’ zeg ik dan, ‘want ik was er zelf niet bij.’ Inmiddels kan ik er wel om lachen. Er is een beeld van mij gevormd dat niet verder af kan staan van wie ik ben.”

Iris Hond groeide op in Harderwijk en Nunspeet in een hippiegezin in de bossen. Thuis was er altijd kunst en muziek, haar vader was zelf graag professioneel pianist geworden en speelde veel piano. Als meisje van 3 schoof Hond al aan en samen bedachten ze verhalen bij de stukken die zij speelde. Ze weet niet anders dan dat ze de droom had concertpianist te worden. Op haar veertiende werd ze toegelaten op het Koninklijk Conservatorium in Den Haag. “Na mijn auditie belde de directeur mijn ouders op en vroeg naar mij. Hij zei: ‘Je auditie was echt heel slecht, maar er waren een paar maten die je speelde van Brahms, die getuigen van een grote muzikaliteit en aanleg. We weten niet of je het volgende jaar gaat halen, want het is keihard, er is superveel concurrentie én je moet het huis uit.’ Ik dacht: maakt niet uit, ik doe het.”

Hoe was het op het conservatorium voor een jong meisje uit Nunspeet?

“Ik was meteen omringd door mensen die ontzettend goed waren. Aan de ene kant smulde ik ervan, want dit was de wereld waarin ik me wilde begeven. Ik wilde leren, en groeien. Maar aan de andere kant belde ik elke week huilend naar huis.”

Jouw oud-docent Kamilla Bystrova beschreef je bij aankomst op het conservatorium als een mager en onzeker meisje.

“Ik dacht dat ik niets kon. Muzikaal gezien zat het wel goed, maar op het technische vlak was het nog ondermaats. Bij Kamilla heb ik eindeloos aan de techniek gewerkt, bij haar ben ik pianist geworden. Vanaf het moment dat ik werd aangenomen op het conservatorium kon ik niet meer stoppen. Als ik naar huis ging in het weekend, was ik alleen maar aan het studeren. Ik ging niet op vakantie, en als ik dat wel deed, moest er in het vakantiehuis een piano staan.”

Het klinkt niet als een onbezorgd tienerleven.

“Ik was altijd gestresst. Het conservatorium legt hoge druk op je, maar ik leg mezelf ook hoge druk op. Ik ben nooit uitgegaan. Er bestond voor mij niets anders dan muziek.”

'Ik wil worden gezien als muzikant, maar vooral niet in een hokje.' Beeld Sevilay Maria
'Ik wil worden gezien als muzikant, maar vooral niet in een hokje.'Beeld Sevilay Maria

In 2017 zat Iris Hond aan tafel bij de talkshow van Jeroen Pauw. Daar vertelde ze dat ze bij het gastgezin waar ze was geplaatst was misbruikt. Het was niet haar plan dat te vertellen, maar ze sprak over haar concerten voor daklozen en deelde dat ze zelf een tijd geen veilig onderdak had. Ze was na het misbruik weggelopen en sliep vaak in het gebouw van het conservatorium of liep ‘s nachts over straat.

Hoe kwam je bij deze man terecht?

“Het is een lang verhaal, waarover ik heb besloten niets meer te delen. Het is onderdeel van mijn leven geworden, het heeft me gevormd, maar ik heb onderschat wat het vertellen op televisie – en de media die het altijd laten terugkomen – betekent voor mij en de mensen om me heen. Ik wil daar niet meer over praten.”

Maar je was een jong meisje, onder de hoede van het conservatorium, hoe kom je bij zo iemand te wonen?

“Je ziet in veel sectoren dat als er een vertrouwensband is, en er jonge mensen zijn, er vreselijke dingen kunnen gebeuren. Maar ik heb daar alles over gezegd wat ik wilde zeggen. Als ik de hele tijd terug moet gaan naar dat moment, is dat niet goed voor me.”

“Ik ben pianist en componist en dat sneeuwt vaak onder in een verhaal. Want ook in die tijd hielp muziek mij overal doorheen. Alles was voor mij die piano.”

Heb je spijt dat je het hebt verteld?

“Ik weet niet of ik er spijt van heb, maar ik heb er veel van geleerd. En als ik het nu opnieuw zou moeten doen, zou ik het niet vertellen.”

Een paar jaar geleden kwam je in het (show)nieuws omdat je een relatie hebt gehad met Marco Borsato. Ook was je te zien in het programma van Ali B. Hoe kijk je in het licht van de onthullingen over The Voice of Holland naar deze twee mannen?

“Ook daarover heb ik gezegd wat ik wil zeggen. Ik was even een keer in een programma van Ali B, en toen heb ik hem de helft van de tijd niet eens gezien. Ik wil daar niet te veel op in gaan, want alles wat ik zeg, kan weer worden omgevormd tot iets wat niet klopt.”

“Wat ik heb ervaren is dat er veel wordt gezegd en ingevuld en geschreven, waar helemaal niets van waar is. Ik zie het niet als iets vrouwonvriendelijks, maar het heeft me wel beangstigd. Het is alsof je naar een gekke film aan het kijken bent. Daarom ben ik me het afgelopen jaar nog meer gaan concentreren op wie ik ben. De concerttour heet niet voor niets Dichtbij. Hoe kom ik nou dichtbij mezelf, bij het publiek, bij de mensen om me heen, bij de muziek.”

Was je niet dichtbij genoeg?

“Nee.”

Was er een moment dat je tot die conclusie kwam?

“Ik stond vorig jaar in het Concertgebouw en had tien concerten Ludovico Einaudi, achter elkaar. Tien concerten aaneen, dat was nog nooit voorgekomen. Op het moment dat ik er sta, geniet ik. Maar als ik uit de concertzaal de kleedkamer in kom en iedereen is aan het feesten en proosten, ben ik alleen maar bezig met: dit was niet goed, dit moet beter. En dan sloot ik me zo snel mogelijk weer op om eindeloos te studeren.

“Ik wil het meer kunnen vieren met de mensen om me heen. Het mooiste moment van zo'n avond is als mijn beste vriendin, nog uit Nunspeet, er is en naar de kleedkamer komt om mij een knuffel te geven en zegt dat ze trots is. Zo'n moment vergeet ik niet. Of dat mijn broer er is...”

Iris Hond breekt even, tranen over haar wangen.

“Dat gevoel... dat wil ik vaker,” zegt ze ontroerd. “Het zijn de momenten die er toe doen.”

Wat raakt je zo?

“Die personen. Ik heb altijd te weinig beseft dat zij zijn wat er toe doet. Ik wil zo veel bereiken en op heel grote podia staan, maar als ik die andere momenten niet heb, betekent het zo weinig. Ik leefde altijd als een topsporter, maar ik leefde niet echt. En als je speelt en het gaat niet goed, is er zo’n verschrikkelijke leegte. Maar nu weet ik dat als ik speel en het niet gaat, ik vrienden en familie heb, die er voor me zijn.”

Was je eenzaam?

“Ja.”

Nog steeds?

“Gisteren dacht ik ineens: nee, ik ben wel vaak alleen, maar ik ben niet meer eenzaam. Met een heel kleine kring om me heen heb ik dagelijks contact.”

Je speelt Einaudi, wiens composities door miljoenen worden geluisterd op Spotify maar die ook wel ‘koning van de voortkabbelende muziek’ is genoemd, nu opnieuw. Wat raakt je zo in zijn muziek?

Ze is even stil. En zegt dan: “Die muziek is precies zoals hij is. Gewoon echt. Het is het puurste gevoel, dit is wat hij wil zeggen.”

Is zijn muziek zo anders dan Rachmaninoff of Chopin, componisten die je ook graag speelt?

“Het is simpeler. Niet simpeler om te schrijven, maar wel om te spelen. Het is een andere taal, een taal van nu. Qua noten is het makkelijk, maar als pianist is het juist een uitdaging om er niet te veel aan toe te voegen. Einaudi is de soundtrack van een leven. Het doet zo veel met mensen. Het is een gezamenlijke meditatie, de hele zaal raakt in extase.”

'Ik heb me altijd erg verbonden gevoeld met het jodendom.' Beeld Sevilay Maria
'Ik heb me altijd erg verbonden gevoeld met het jodendom.'Beeld Sevilay Maria

Behalve Einaudi is Hond ook steeds meer haar eigen muziek aan het componeren. In 2016 bracht ze haar album Dear World uit, in 2020 Home, voor haar nieuwe tour maakte ze eigen composities en ze schreef de muziek voor de aanstaande Broadway-productie The Pianist, gebaseerd op de biografie van de Pools-Joodse pianist en Holocaust-overlevende Władysław Szpilman (in 2002 kwam Roman Polanski’s filmversie ervan uit).

Wat betekent The Pianist voor je, in het licht van je Joodse achtergrond?

“Ik heb me altijd erg verbonden gevoeld met het jodendom, al ben ik strikt genomen niet Joods. Mijn opa, mijn vaders vader, was Joods, en heeft samen met zijn moeder als enigen van het gezin de holocaust overleefd. Hij zat verstopt in een kast en zag de anderen weggevoerd worden, naar Sobibor en Auschwitz, waar ze zijn vermoord. Het verdriet dat daaraan verbonden is stond altijd tussen mijn vader en mij in, als kind had ik er nachtmerries over. In 2018 zijn we samen naar Auschwitz geweest, er is een documentaire over gemaakt door het televisieprogramma Kruispunt. Hij heeft altijd gedacht: ik heb geen Joodse moeder, dus ik mag dit verdriet helemaal niet voelen. En nu hij toch dat verdriet is aangegaan, ben ik die indirecte pijn en de nachtmerries ook kwijt. Dat ik een deel van die gevoelens nu in muziek hebben kunnen verwerken, is mij heel dierbaar. Telkens als ik iets af had, stuurde ik het naar mijn vader. Hij zat met tranen op zijn wangen te luisteren.”

De stap naar Amerika is voor Hond niet nieuw. In 2013 ging ze, net na haar summa cum laude afstuderen aan het conservatorium, naar de Verenigde Staten om te werken met de wereldberoemde producer Patrick Leonard, die muziek ook produceerde voor Madonna, Pink Floyd en Elton John. Drie jaar lang was ze daar een soort Alice in Wonderland: ze ontmoette er grootheden als Leonard Cohen, met wie ze goed bevriend raakte, muzikant Eddie Van Halen en Roger Waters van Pink Floyd. Ze maakte er haar album Dear World. Toch ging ze in 2016 weer terug.

Waarom ben je teruggekomen? Je leek het daar voor elkaar te hebben.

“Ik leefde twee levens. Ik was daar, maar ik was ook vaak in Nederland. Er is zo veel mogelijk in Amerika, maar ik verzoop er daardoor ook in. Er zijn veel beloftes, en je moet je op een bepaalde manier presenteren, waar ik niet mee uit de voeten kon. Mijn manager zei dan dat ik mezelf moest promoten en altijd moest roepen ‘ik ben de beste’. En ze wilden een keer dat ik ergens naar buiten zou lopen en dat zij dan paparazzi zouden inhuren om foto’s te maken, in scène gezet. Ik wilde dat niet. Als dit de manier is om door te breken of te krijgen wat ik wil, dan wil ik dat niet. Ik had behoefte aan een basis, in Nederland.”

Het voelt niet te klein hier?

“Ik vind het heel fijn hier, maar ik ben klaar om weer stappen te nemen. Daarom is The Pianist in New York een mooie uitdaging. Muziek is een universele taal, dus ik kan de hele wereld over. Het kwam destijds misschien te vroeg, want je moet zoiets doen met een goed basisteam, en dat heb ik nu.”

Wat is nu je ambitie?

“Verdergaan in wat ik doe. Kleine stapjes, maar wel de goede stapjes, om zo mijn muziek naar de mensen te brengen. Niet alleen in de concertzaal, maar ook voor de stichting, waarvoor ik voor daklozen, gedetineerden en mensen in asielzoekerscentra speel. Die twee gaan altijd samen op.”

Pak je het anders aan dan vroeger?

“Ik heb in het verleden dingen gedaan vanuit paniek. Zo van, ‘Ik moet iets doen want anders vergeten ze me.’ Stilte is eng. Ik probeer nu ook letterlijk langzamer te lopen. Niet meer overal die druk op leggen. Weten wat het verschil is tussen open zijn en persoonlijke dingen voor jezelf houden. En hoe ik op een goede manier kwetsbaar kan zijn.”

Het valt me op dat je altijd jouw immens hoge pumps uittrekt zodra je achter de piano gaat zitten.

“Dat is precies zo'n moment van kwetsbaarheid! Ik kom het podium op als artiest, het voelt vrouwelijk en fijn om op mijn hakken het podium op te komen. Maar dan ga ik zitten, en dan valt dat hele stuk weg. Ik ga terug naar de essentie. Een moment van concentratie. Leuk, jullie hebben me gezien, en nu is het tijd voor de muziek.”

Dichtbij, Ludovico Einaudi en Frédéric Chopin en eigen werk, 31 juli in het Caprera Theater in Bloemendaal, 6 augustus in het Concertgebouw Amsterdam.

Iris Hond

20 mei 1987, Harderwijk

2001 Begint aan de vooropleiding van het Koninklijk Conservatorium in Den Haag

2009 opent twee keer de show van Diana Ross in een uitverkocht Gelredome

2011-2013 Huispianist in televisieprogramma De Tiende van Tijl

2013 Summa Cum laude afgestudeerd op het Koninklijk Conservatorium Den Haag

2013 Album ‘Iris’, bij platenlabel Decca

2013-2017 Regelmatig te gast in Eva Jinek op Zondag

2013-2016 Werkt met Patrick Leonard in de Verenigde Staten

2016 Album ‘Dear World’

2019 Iris en de 12 dates (Net 5)

2020 Album ‘Home’

2021 10 keer Einaudi in het Concertgebouw

2022 Concertreeks Dichtbij

Iris Hond woont met labradoodle Moos in de Achterhoek.

null Beeld
Meer over