PlusAchtergrond

Nieuw album Lone: gedeelde liefde voor Amerikaans klinkende rockmuziek

In de jaren 70 van de vorige eeuw zaten ze samen in de groep Alquin, nu vormen popveteranen Ferdinand Bakker en Michel van Dijk het duo Lone. No5 is hun nieuwe album.

Peter van Brummelen
In de jaren zeventig stonden Ferdinand Bakker (boven) en Michel van Dijk in het voorprogramma van The Who. ‘In Lyon zijn we een nacht heel wild met ze wezen stappen. De dag erna herinnerde ik me de helft niet meer.’ Beeld Diederick Ingel
In de jaren zeventig stonden Ferdinand Bakker (boven) en Michel van Dijk in het voorprogramma van The Who. ‘In Lyon zijn we een nacht heel wild met ze wezen stappen. De dag erna herinnerde ik me de helft niet meer.’Beeld Diederick Ingel

We hebben afgesproken in de Parkstudio, de eigen studio van Ferdinand Bakker in het Amsterdamse Bilderdijkpark. Ooit dacht Bakker er vooral popgroepen op te nemen. “Maar na drie albums bleek daar niet genoeg mee te verdienen te zijn. Nu is ons motto: everything sound. We doen vooral tv-en radiocommercials.”

Vanzelfsprekend worden in de Parkstudio ook de albums van Lone opgenomen, het duo dat muzikant Ferdinand Bakker vormt met zanger Michel van Dijk. In bijna ouderwets plat Amsterdams maakt van Dijk duidelijk dat we ons niet al te veel moeten voorstellen van zijn aandeel in het opnameproces: “Ferdinand neemt op, ik zit erbij en kijk ernaar. Als het om techniek gaat heb ik een enorme achterstand, luiigheid is het.”

Op de hoes van No5 staat het niet vermeld, maar op het album (inderdaad, het vijfde) speelde Bakker zelf alle instrumenten. “Ik begon als jongen met viool, thuis stond ook een piano en voor de meisjes leerde ik gitaarspelen. Dan heb je al een aardige basis. Op de platen speel ik ook drums, dat zou ik live niet aandurven.”

Beatbands

Bakker en Van Dijk leerden elkaar kennen in Alquin, in de jaren zeventig een van de topgroepen van Nederland. Oorspronkelijk zat Alquin in de progressieve en symfonische hoek, na de toetreding van Van Dijk in 1974 werd de muziek steviger en toegankelijker. De zanger had er toen al een heel verleden opzitten in Amsterdamse beatbands en ook in buiten Nederland succesvolle groepen als Ekseption en Brainbox.

Bekend werd Van Dijk in de jaren zestig vooral als lid van Les Baroques, een groep uit het Gooi. Hoe kwam hij als volksjongen uit de Spaarndammerbuurt terecht bij een band uit het keurige Baarn?

“Je wordt gevraagd, zo gaan die dingen. Goede band, hoor, maar ik had eerst ook wel mijn bedenking over Les Baroques. Ik vond dat ze hun gitaren verkeerd vasthielden, zo hoog op de borst, weet je wel. Vond ik truttig, haha. In het begin dacht ik nog even: wat moet ik hier? Maar toen ik zei dat ik weg wilde, zei de oude John de Mol, die onze producer was: ‘Hoe moet het dan met die dure groepsfoto’s die ik net heb laten maken?’”

Nog opvallender was in het decennium daarna zijn toetreding tot Alquin. “Ik heb alleen twee jaar middelbare school, zat ik daar ineens tussen de elitaire studenten,” zegt Van Dijk over de groep die ontstond aan de TU Delft. “Maar ook met die jongens kon ik het goed vinden.”

Van Dijk en Bakker kunnen het nog altijd goed vinden. Voorin de zeventig zijn ze allebei, maar waar je Bakker gemakkelijk voor een gevorderde vijftiger zou kunnen aanzien, heeft het leven bij Van Dijk, die lang verslaafd was aan de heroïne, meer sporen nagelaten. “Waar het om gaat: ik heb die wereld achter me gelaten. Ik ben al twintig jaar clean.”

In Lone vinden Van Dijk en Bakker elkaar in hun liefde voor Amerikaans klinkende rockmuziek. Het is voor Van Dijk niet onnatuurlijk om als zanger met een Amerikaans accent te zingen, want zijn jeugd speelde zich deels af in de Verenigde Staten.

Andere wereld

“Van mijn zesde tot mijn twaalfde heb ik er gewoond. Het was zo’n andere wereld dan Nederland in de jaren vijftig. Op tv zag ik bij American Bandstad de Everly Brothers en Bobby Darin. Ik was ook gek van Elvis. In het weekend gingen we in de turquoise Mercury van pa naar het strand. Daar zag je die surfboys, prachtige vrouwen eromheen. Ik dacht: zo word ik later ook.”

“Maar in 1962 scheidden mijn ouders en gingen wij kinderen met ma terug naar Nederland. Amsterdam leek vergeleken met L.A. net Madurodam. Ik had inmiddels een heel brede culturele horizon, maar in Amsterdam was het voor kinderen al heel wat als ze eens een keer buiten hun eigen buurt kwamen.”

Van Dijk is later nog wel eens wezen kijken in L.A. in de buurt waar hij opgroeide. De Amerikaanse doorbraak van Alquin, die in de jaren zeventig in de lucht hing, ging helaas niet door. Bakker: “We zaten bij platenmaatschappij RCA en zouden een tournee door Amerika gaan doen. Maar door wisseling van de wacht op de A&R-afdeling werd de tour uitgesteld. Voor we het wisten was het momentum voorbij en was onze Amerikaanse droom ten einde.”

Voorprogramma van The Who

In Europa deed Alquin in de jaren zeventig wel een tournee door Frankrijk in het voorprogramma van The Who. Bakker heeft er goede herinneringen aan. “In Parijs traden we op in het Parc des Expositions. Sta je daar als Nederlands bandje voor 10.000 man. Die lui van The Who waren veel toegankelijker dan je zou denken. In Lyon zijn we een nacht heel wild met ze wezen stappen. De dag erna herinnerde ik me de helft niet meer.”

Vonden de mannen van The Who iets van de muziek van Alquin? “Ik vroeg Pete Townshend of hij tijdens de tour nog iets meekreeg van onze voorprogramma’s. Zei hij heel droog en heel Brits: ‘Ja, man, ik stem mijn gitaar altijd op jullie laatste nummer’.”

Meer over