PlusBoekrecensie

Met Britse humor op reis door de geschiedenis van de geologie

Voor het ambitieuze en virtuoos geschreven Geheimen uit de diepe tijd ondernam Helen Gordon tochten naar plaatsen in het landschap waar het verhaal van de aarde tastbaar is. Van de drie miljard jaar oude rotsen van de Schotse Hooglanden tot de slapende vulkanen onder de heuvels van Napels.

Peter De Brock
Isle of Skye, Groot-Brittannië. Beeld Getty Images
Isle of Skye, Groot-Brittannië.Beeld Getty Images

Vroeger was de tijd ondiep. Lang werd gedacht dat de wereld zo’n zesduizend jaar oud was. James Ussher, aartsbisschop van Armagh en primaat van heel Ierland, berekende in 1658 zelfs het exacte geboortetijdstip uit: zaterdag 22 oktober 4004 voor Christus, rond zes uur in de avond.

Pas halverwege de 18de eeuw ontstonden de eerste barsten in dit wereldbeeld: was de aarde misschien niet veel ouder dan gedacht? De Franse natuurwetenschapper Georges-Louis Leclerc, Comte de Buffon, stelde na een reeks proeven met tot het kookpunt verhitte ijzeren bollen dat onze planeet eerder 75.000 jaar oud was. In een ongepubliceerd manuscript veronderstelde hij zelfs dat een ouderdom van 3 miljoen jaar dichterbij de waarheid lag.

Evolutie

Hij liep er niet mee te koop, uit vrees voor de strenge kerkleer. Desondanks schatte Buffon de aarde nog steeds veel te jong, stelt Helen Gordon in Geheimen uit de diepe tijd. Maar zonder zijn vroegtijdige poging tot meer inzicht hadden volgens haar ‘onze moderne theorieën over geologie, natuurkunde, astrofysica en zelfs evolutie onmogelijk kunnen bestaan’.

De Schot James Hutton borduurde in 1780 voort op het idee van de aarde als gestolde bol, met een gesmolten kern die nieuw gesteente vormt. Dat stond haaks op het idee dat alles was ontstaan bij de schepping. Ussher, Buffon en Hutton zijn slechts enkele van de illustere namen uit de geschiedenis van de geologie als wetenschap, die opduiken tijdens de tochten die Helen Gordon onderneemt naar plaatsen in het landschap waar het verhaal van de aarde tastbaar is.

Dinokoorts

Van de drie miljard jaar oude rotsen van de Schotse Hooglanden tot de slapende vulkanen onder de groene heuvels van Napels: een ambitieus boek is het, virtuoos geschreven en met de nodige Britse humor ook. De vondst eind 19de eeuw in de Amerikaanse staten Montana, Wyoming en Utah van fossielen van de tyrannosaurus rex en stegosaurus leidde tot een heuse dinokoorts. Rivalen stalen elkaars vondsten of bliezen vindplaatsen op met dynamiet.

Fossielen vormen het tastbare bewijs van het voorbije leven. Maar waarom besteden paleontologen nog steeds de beste jaren van hun leven aan het achterhalen van verschijningsvormen en gedrag van dieren die al zo lang dood zijn? De Zweedse paleontoloog Johan Lindgren voelt zich ‘van nature verplicht te begrijpen waarom de wereld waarin we leven eruitziet zoals ze eruitziet’.

Als we de zaken om ons heen niet begrijpen, begrijpen we ook niet waarom we ons erover zouden moeten ontfermen. Dat brengt Gordon op een actueel vraagstuk: hoe zorgen we als mensheid ervoor dat onze nakomelingen of andere levensvormen na ons op de hoogte zijn van de locaties en het gevaar van het door ons ondergronds opslagen kernafval? Wij hebben de aarde nodig, maar de aarde ons niet.

null Beeld

Geheimen uit de diepe tijd

Helen Gordon
Vertaald door Frans Reusink
Meulenhoff, €26,99, 334 blz.

Meer over