PlusInterview

Jett Rebels nieuwe album mocht geen gedeprimeerde plaat worden

Zijn nieuwe album Pre-Apocalypse Party Playlist maakte Jett Rebel af toen hij een productieklus voor het iconische popduo Hall & Oates zag stilvallen. ‘Dat zo’n grootheid me vroeg, is de bevestiging waarnaar ik lang heb gehunkerd.’

Stefan Raatgever
Jelte Tuinstra, alias Jett Rebel.
Jelte Tuinstra, alias Jett Rebel. "In 2020 verkeerden mensen massaal in levensgevaar. Het past niet bij de muziekscene dan te zeggen: en wij dan? Maar nu trekken we aan de bel.'Beeld Warner Music

Ergens on the road in de Verenigde Staten wacht een superster uit de eighties tot zijn jonge Nederlandse producer het land weer in mag. Aan de andere kant van de oceaan is die producer net zo ongeduldig over het opheffen van het inreisverbod én een hele trits aan andere beperkende coronamaatregelen. Daryl Hall en Jett Rebel (Jelte Tuinstra) heten ze.

Tuinstra was in maart 2020 halverwege de productie van de comebackplaat van het Amerikaanse superduo Hall & Oates (Maneater, Rich Girl, I Can’t Go for That) toen hij even terugvloog naar Nederland. Een geplande pauze om onder meer aan zijn eigen album verder te werken, zoals altijd in de stilte van zijn huis in de Achterhoek.“Ik reed meteen door naar de supermarkt om voor weken eten in te slaan en hoorde op radio de eerste berichten over een mogelijke lockdown. Nog geen 24 uur later stonden er rijen voor diezelfde supermarkt. Zonder het weten was ik alle hamsteraars een dag voor geweest.”

Hoopvol

Een kleine anderhalf jaar later ontvangt Tuinstra (30) op het kantoor van zijn platenmaatschappij in Hilversum. Een week eerder heeft er een brief van hem in in de Volkskrant gestaan. De kern: de coronaregels treffen de culturele wereld onevenredig zwaar. “Omdat ik leef van live spelen en mijn buffer net opraakte toen alle optredens werden afgezegd, heb ik inmiddels moeite met rondkomen. Mensen reageerden: ‘Goede brief, maar waarom nu pas?’ Tja, in 2020 verkeerden mensen massaal in levensgevaar. Het past niet bij de muziekscene dan te zeggen: en wij dan?”

“Maar nu de balans helemaal zoek is en muzikanten nog steeds geen uitzicht hebben weer voor volle zalen te mogen spelen, trekken we aan de bel. Niet dat dat iets verandert, want het is wel duidelijk dat het meneer Rutte geen moer uitmaakt wat er met ons gebeurt. Pfff. Ik word er weer boos en verdrietig van nu ik er over praat.”

Juist om die sombere gevoelens te bestrijden was de muzikant al ‘voor iemand het woord coronacrisis ooit had uitgesproken’ begonnen aan een album dat de Pre-Apocalypse Party Playlist zou gaan heten. “Dat naderende gevoel van onheil had ik langer. Het klimaat, Trump... Waar gaat dat allemaal naartoe? Maar ik wilde juist geen gedeprimeerde plaat. Als tegenwicht moest het een vrolijk, hoopvol album worden.”

Die collectie van negen inderdaad zeer dansbare en optimistische songs maakte hij thuis af in een zelfopgelegde quarantaine in zijn afgelegen huis in de bossen. “Ik hield daar geen 1,5 meter, maar makkelijk 1,5 kilometer afstand. Er zijn maanden geweest dat ik letterlijk niemand zag. Oudejaarsavond vierde ik met mijn katten op de bank.”

North Sea Jazz

De basis voor de opnames had hij al in de VS gelegd, in de vrije uurtjes van de productieklus voor Hall & Oates. Een samenwerking ‘met een grootheid’ die voor hem voelt als ‘een fucking droom die uitkomt’ en ‘de bevestiging waar ik stiekem heel lang naar heb gehunkerd.’

In de zomer van 2019 spraken de Amerikaanse popveteraan en het Nederlandse multitalent elkaar na afloop van hun optredens op North Sea Jazz. “We hadden het gewoon gezellig over muziek. Een vriend van me is beter in netwerken. Hij drukte Daryl twee van mijn cd’s in de hand. Uit het beluisteren maakte hij blijkbaar op: hé, die jongen snapt wat ik wil.”

En zo overziet Tuinstra, die eerder het album Dit is voor mij van Trijntje Oosterhuis produceerde, nu het proces van wat het eerste Hall & Oates-album in meer dan vijftien jaar moet worden. “Ik heb als fan een heel sterk gevoel van hoe ik zou willen dat nieuwe muziek van die twee moet klinken. Vooral niet te hip, maar zeker geen nostalgietrip. Het moet gewoon classic Hall & Oates worden, de real deal. En dat gaat gebeuren.”

Pophistorie

Werken met Hall, die de nummers schrijft, is behalve eervol, vooral erg leerzaam, zegt Tuinstra. “Er is vrijwel nooit iemand geweest die mij met zoveel autoriteit kan wijzen op foutjes in de productie. Die man ontgaat niets. En wat hij hoort, zegt hij. Ik heb vaak genoeg een complete song gebouwd om daarna van hem te horen dat het nét een heel pietepeuterig beetje langzamer moest. Dan zei ik: ‘Maar Daryl, je beseft dat dan alle instrumenten opnieuw moeten?’ Dan zegt hij rustig: ‘Ja. En?’ Maar ik moet toegeven: hij heeft steeds gelijk.”

Tijdens het werk in de studio Hall & Oates ontdekte Tuinstra voor hem als liefhebber van eightiespop ‘iconische instrumenten’. “Ik vroeg: ‘Daryl, als jij straks weg gaat, mag ik dan voor mezelf wat inspelen?’ Nu heb ik op mijn eigen album een paar instrumenten die pophistorie to the max ademen, de drumcomputer die is gebruikt op I Can’t Go for That bijvoorbeeld.”

Net als de andere Jett Rebel-albums produceerde Tuinstra ook Pre-Apocaplypse Party Playlist zelf. “Pas nu ik muziek van collega’s produceer, snap ik wat een producer eigenlijk precies doet. Hiervoor was ik een artiest die zijn eigen nummers opnam. Nu was er voor het eerst Jelte Tuinstra de producer die na een solo tegen Jett Rebel zei: ‘Allemaal leuk en aardig dit, maar ga buiten maar even een rondje lopen en doe het daarna opnieuw.”

Meer over