PlusAchtergrond

Jeanne Oosting Prijs voor kunst over oorlog in Odessa en Srebrenica: ‘Mijn werk gaat over dingen die niet pluis zijn’

Christiaan Bastiaans en Peter Koole zijn de winnaars van de Jeanne Oosting Prijs, een oeuvreprijs voor figuratieve kunst. Werk van beide kunstenaars is te zien bij de tentoonstellingsruimte Rozenstraat – A rose is a rose is a rose in de Jordaan.

Kees Keijer
Christiaan Bastiaans fotografeerde in april 2022 de belegerde stad Odessa: ‘Overal zijn barricades en militairen.’ Beeld Christiaan Bastiaans
Christiaan Bastiaans fotografeerde in april 2022 de belegerde stad Odessa: ‘Overal zijn barricades en militairen.’Beeld Christiaan Bastiaans

Zijn woning hangt vol schetsen, scripts, foto’s, storyboards, teksten en tekeningen. En er hangt een bokszak. Christiaan Bastiaans: “Mijn leven bestaat uit twee rivieren. De ene is de beeldende kunst en de ander is de martiale kunsten en dan specifiek taikiken, onderwezen door master teacher Kyoshi Jan Kallenbach in Amsterdam.”

Sinds zijn studie aan de Rietveld Academie beoefent Bastiaans diverse oosterse vechtsporten. Niet als sport of om prijzen te winnen, benadrukt hij, maar als levenshouding. In een project waar hij al jaren aan werkt wil hij de beeldende kunst en de oosterse vechtsporten bij elkaar brengen met filminstallaties, een live performance en sculpturen.

De jury van de Jeanne Oosting Prijs waardeert de manier waarop Bastiaans in zijn werk mensen centraal stelt wier levens worden getekend door een strijd om te overleven: “De mens schuwt zijn enige zekerheid dat hij kwetsbaar is als glas.”

Odessa

Bastiaans: “Ik vind het heel bijzonder omdat de prijs door collega’s wordt gegeven.” Op de tentoonstelling in de Rozenstraat laat hij onderdelen zien van diverse projecten die hij onderhanden heeft: een aantal leporello’s met schetsen en aantekeningen en enkele sculpturen en foto’s.

Afgelopen april reisde Bastiaans naar Odessa om daar foto’s te maken. “Ik was altijd al geïnteresseerd in Odessa, maar wilde er nu naartoe om te ervaren hoe dat voelt, een belegerde stad. Er wonen natuurlijk nog veel mensen maar het voelt toch verlaten. Overal zijn barricades en militairen. Ik kreeg er het gevoel dat spreekt uit de lege pleinen van Giorgio de Chirico, iets onheilspellends.”

Bastiaans belangrijkste thema wordt vaak omschreven als de condition humaine. “Dat is een algemene benaming, het menselijk tekort. Het gaat over heel veel dingen die daar wel mee te maken hebben.” Zijn werk ontstaat vaak in gebieden van oorlog, verwoesting en verderf. Als een hedendaagse chroniqueur volgt Bastiaans het spoor van de lijdende mens in Irian Jaya, Sierra Leone, Soedan of Tsjaad.

Persoonlijke geschiedenis

De persoonlijke geschiedenis van zijn familie is sterk verbonden met koloniale geschiedenis en met oorlog. Zijn moeder had een Armeens-Sumatraanse achtergrond, zijn vader een Javaans-Frans-Zeeuwse. “Het is niet zo dat ik mijn persoonlijke geschiedenis heel pertinent aanwezig wil laten zijn in mijn beeldende kunst. Ik wil het meer universeel maken. Ik probeer dat te doen op een sciencefictionachtige manier.” Een kindsoldaat op de grens van Oeganda en Soedan lijkt tegelijk een figuur uit Blade Runner. “Ik kan alles heel realistisch uitbeelden maar ik wil juist in andere scenario’s, waarin niet alles helemaal logisch is.”

Bastiaans krijgt de prijs voor zijn aquarellen en werk op papier. De prijs voor de schilderkunst gaat naar Peter Koole. Ook zijn werk gaat over oorlog, dictaturen en vluchtelingen. “Over dingen die niet pluis zijn,” zegt hij.

Toen Koole hoorde dat hij de prijs had gewonnen, kon hij het niet geloven. “Ik moest echt in mijn arm knijpen.” Op de tentoonstelling hangen schilderijen over Srebrenica en de moord op Anna Politkovskaja. Het zijn onderwerpen waar Koole zich al jaren intensief in verdiept. De fascinatie met Srebrenica begon in 1995, natuurlijk omdat er een link met Nederland was.

Koole: “Zoals bekend was dat een door de Verenigde Naties aangewezen veilige haven, waar 40.000 Bosniakken naartoe gevlucht waren. Dat uiteindelijk 8372 jongens en mannen werden vermoord in een paar dagen tijd, vond ik zo moeilijk te begrijpen. Er kwamen door de jaren heen steeds meer dingen naar boven.”

Groot onrecht

Tien jaar na de val, in 2005, maakte Koole zijn eerste schilderij over Srebrenica. Hij ging zich er steeds meer in verdiepen, ging naar herdenkingen en naar de open dagen van het tribunaal, kwam in contact met de Bosnische gemeenschap. “Het is zo’n groot onrecht en zo’n groot onderwerp, dat het steeds weer in beeld komt. Ik ben nu 17 jaar met het onderwerp bezig, maar denk steeds: ik ga nog een schilderij maken.”

Het onderwerp is heftig, maar Koole wil uiteindelijk schilderijen maken die aantrekkelijk zijn en geen mensen afstoten. “Ze moeten gaan kijken en dan hoop je dat het iemand raakt, dat iemand het in zijn hoofd krijgt en Srebrenica niet zo makkelijk gaat vergeten. Ik heb de schilderijen de laatste tijd veel in Rotterdam geëxposeerd en daar heb ik heel veel reacties op gekregen. Laten we niet vergeten dat er nog steeds 1200 vermiste personen zijn.”

De serie schilderijen met Anna Politkovskaja is onverminderd actueel. De journaliste werd in 2006 in Moskou vermoord. Koole beeldt haar open kist af, naast Poetin en koning Willem-Alexander die proosten met een biertje. “De toestand van de pers is mijn onderwerp in Rusland. De vrije pers bestaat daar niet meer, de meeste journalisten zitten in de Baltische staten.”

Koole beschouwt zich niet als een politieke kunstenaar. “Ik ben betrokken bij de onderwerpen en ik hoop dat over te dragen op mensen die het zien. Maar wat ze ermee doen is echt aan hen.”

Peter Koole maakt schilderijen over de genocide in Srebrenica: ‘On behalf of all’, 2019, acryl op canvas.  Beeld Peter Koole
Peter Koole maakt schilderijen over de genocide in Srebrenica: ‘On behalf of all’, 2019, acryl op canvas.Beeld Peter Koole

Jeanne Oosting Prijs, Christiaan Bastiaans en Peter Koole: 4 t/m 27 augustus bij Rozenstraat – A rose is a rose is a rose, Rozenstraat 59.