PlusFilmrecensie

I Carry You with Me is liefdesverhaal en immigratieverhaal ineen

Teder is het woord dat I Carry You with Me samenvat. Vanaf de eerste momenten, waarin een man in een New Yorkse metro terugdenkt aan zijn jongere zelf, stuurt de film met zachte hand door het leven van deze Iván.

Elise van Dam

I Carry You with Me

Regie: Heidi Ewing
Met: Armando Espitia, Christian Vázquez, Michelle Rodrìguez
Te zien op: Pathé thuis

Uit I Carry You with Me.  Iván (Armando Espitia, links) en Gerardo (Christian Vázquez). Beeld
Uit I Carry You with Me. Iván (Armando Espitia, links) en Gerardo (Christian Vázquez).

I Carry You with Me is een film die decennia omspant en reikt van Mexico naar de Verenigde Staten. Meteen vanaf het begin schuiven de (soms net wat te veel uitwaaierende) tijdslagen over en langs elkaar heen, waardoor elk moment is doordrongen van een melancholisch besef van het verstrijken van de tijd.

Het ankerpunt ligt in 1994, wanneer Iván (Armando Espitia) in een homobar in Mexico Gerardo (Christian Vázquez) ontmoet. Gerardo is openlijk homoseksueel, terwijl Iván, die een zoontje heeft uit een eerdere relatie, zich naar de buitenwereld voordoet als hetero. De band die zich in rap tempo vormt tussen de twee is intiem en ongedwongen, maar kan zich nooit losmaken van die afwijzende buitenwereld.

Wat en wie laat je achter?

Mexico biedt geen toekomst. Niet voor een carrière (met zijn koksopleiding schrobt Iván de toiletten van een restaurant), en ook zeker niet voor hun liefde. Aan de andere kant van de meedogenloze woestijngrens lonkt Amerika en Iván besluit de oversteek te maken. Zo is I Carry You with Me een liefdesverhaal en immigratieverhaal ineen, en die twee treffen elkaar in de onmogelijke vraag wat je achterlaat. Wie je achterlaat.

Heidi Ewing maakt met I Carry You with Me haar speelfilmdebuut, maar als documentairemaker heeft ze haar sporen al ruimschoots verdiend. Met Rachel Grady maakte ze onder meer het voor een Oscar genomineerde Jesus Camp, over een evangelisch zomerkamp voor kinderen, en One of Us, over chassidische joden in New York.

Die documentaire-achtergrond zingt door in de nieuwsgierigheid en spontaniteit waarmee Ewing de contouren en texturen van de wereld van Iván aftast en op beeld vangt. Iváns appartement, door zijn zus plagend een ‘stinkende schoenendoos’ genoemd, de hectiek van een restaurantkeuken met zijn kletterende pannen en zinderende hitte, het pulserende nachtleven.

Het is alsof Ewing die wereld al filmende ontdekt en in het laatste deel van de film wordt duidelijk dat dat niet eens zo ver bij de waarheid vandaan ligt. In dat deel vloeien speelfilm en documentaire in elkaar over op een manier die bepaald niet naadloos is, maar misschien juist wel daarom ontroert.

Want uiteindelijk is het verhaal van Iván het verhaal van de scheuren die kunnen ontstaan in een leven wanneer iemand voor een onmogelijke keuze wordt gesteld. Een verhaal over de onmogelijkheid om zijn wortels te verenigen met een toekomst, en de moeilijkheid om vooruit te blijven bewegen als de weg achter je resoluut is afgesneden.

Meer over