PlusBeeldspraak

Het lijkt wel een film: paniek op de planeet van de apenpokken

Er is weer een nieuw virus opgedoken. Wordt het schrikbeeld van ‘Planet of the Apes’ en ‘De apenkermis’ werkelijkheid of is de vrees voor het apenpokkenvirus daadwerkelijk ongegrond?

Bart van der Put
Koba (Toby Kebbell) vereffent de rekening in ‘Dawn of the Planet of the Apes’ (2014). Beeld Alamy
Koba (Toby Kebbell) vereffent de rekening in ‘Dawn of the Planet of the Apes’ (2014).Beeld Alamy

A is een aapje, dat eet uit zijn poot. B is een besmetting, daarna ga je dood. Maar C is een correctie: de nood is niet zo groot. Dit is geen nieuwe ramp, verzekerden virologen ons toen ze zich over de recente uitbraak van het apenpokkenvirus bogen. Dat was een fijne geruststelling in bange tijden.

Twee jaar geleden werden we bijgeschoold over zoönosen: infectieziekten die van dier op mens worden overgedragen. Het ging toen over Aziatische vleermuizen en Afrikaanse schubdieren op een markt in China. Hoeveel verder van je bed kan een nachtmerrie gestalte krijgen?

Dat de geografische afstand en de culturele verschillen er allang niet meer toe doen werd in de eerste maanden van de pandemie duidelijk. Een maand geleden begon het ook weer met kleine berichten in buitenlandse kranten, waarin melding werd gemaakt van een paar Britse mannen die met monkeypox besmet waren. Monkeypox? Wat krijgen we nou? Apenpokken! Mannen in apenpakken, die kenden we wel. Maar een uitbraak van apenpokken?

Suske en Wiske

Voordat iemand kon roepen dat het warempel net een film leek, gingen de sluizen in de bovenkamer wijd open. Heel even gingen de gedachten terug naar Outbreak (1995), waarin viroloog Dustin Hoffman op de Amerikaanse televisie een foto van een kapucijnaapje laat zien en de vraag stelt of iemand dat aapje herkent. Het uit Afrika gesmokkelde beestje is besmet met een variant van het ebolavirus, het is een zaak van leven of dood. Maar Hoffmans gespeelde ernst bij die koddige foto werkte destijds danig op mijn lachspieren. Heeft u dit aapje gezien? Jazeker dokter Hoffman, maar ik kan uw aapje onmogelijk serieus nemen.

De reuzenaap in King Kong (1933) die het Empire State Building op Manhattan beklimt, dat is een zaak van gewicht. Astronaut Charlton Heston die met zijn ruimtecapsule neerstort in een evolutionaire nachtmerrie in Planet of the Apes (1968), dat is schrikken geblazen.

Die eerste verfilming van de sciencefictionroman La Planète des singes van de Fransman Pierre Boulle werd een obsessie toen ik een dreumes was en de film niet mocht zien. De obsessie begon niet met het boek van Boulle maar met het stripverhaal van Suske en Wiske in De apekermis, waarin tekenaar Willy Vandersteen als eerste met het idee van de Franse schrijver aan de haal ging.

In het Vlaamse stripverhaal worden de apen op aarde plotseling slimmer door een kosmische straling. Boulle schetste een parallelle evolutie op een andere planeet, waar mensapen de dominante en slimmere soort zijn geworden. In de eerste verfilming uit 1968 is er ook aan dat uitgangspunt gesleuteld, maar de thematische kern bleef ongewijzigd in de negen Amerikaanse films, twee televisieseries en een lange reeks Marvel-comics. Met de omkering van de rolverdeling tussen mens en mensaap houden alle variaties op Boulles verhaal ons een spiegel voor, waarbij onze verhouding tot dieren, de natuur en de planeet centraal staat. Het is een tijdloos scenario dat niets aan belang of betekenis heeft ingeboet.

Vuurwapenfreaks

In 2011 stond de opkomst van de intelligente apen centraal in Rise of the Planet of the Apes, een nieuw hedendaags bronverhaal waarin de ontwikkeling van een geneesmiddel tegen alzheimer en dementie tot een catastrofale pandemie leidt. Het op apen geteste laboratoriumvirus maakt proefdieren slimmer maar leidt tot een uitbraak van de apengriep, die de mensheid in twee sterke vervolgfilms tot een handvol resistente overlevenden decimeert. De puike trilogie plaatst de kijker in de positie van de genetisch gemodificeerde chimpansee Caesar (Andy Serkis), die als huisdier wordt opgevoed en zich tot de wijze leidsman van de apen ontwikkelt.

Maar we krijgen ook begrip voor de wraakzuchtige Koba (Toby Kebbell), die een leven lang als proefdier misbruikt werd en in de apocalyps de wapens oppakt om eindelijk terug te kunnen slaan. In Dawn of the Planet of the Apes krijgt het nachtmerriescenario uit de klassieke film met Charlton Heston optimaal gestalte in een angstaanjagende scène, waarin Koba twee Amerikaanse vuurwapenfreaks om de tuin leidt om plotseling dodelijk uit te halen. We zien een door het laboratoriumleven gehavende chimpansee die met een mitrailleur de rekening vereffent. Het is schokkend en gruwelijk, maar we begrijpen waarom het gebeurt.

Je zou kunnen zeggen: dat komt ervan met al die vuurwapens in Amerika. Of: het is maar een film, een malle fantasie over sprekende apen. Dat kun je zeggen. Maar dit ook: Koba is de natuur. Koba is de planeet. Koba is een waarschuwing voor alle bewoners van de planeet van de apenpokken.

Meer over