Frost/Nixon ****

null Beeld

Regie: Ron Howard
Met: Frank Langella, Michael Sheen, Oliver Platt, Sam Rockwell, Kevin Bacon

Richard M. Nixon mag dan als president een gehaat figuur zijn geweest - hoewel hij het op zijn dieptepunt niet zo bont heeft gemaakt als de huidige bewoner van het Witte Huis - hij is voor toneel-, opera- en filmmakers de afgelopen decennia een formidabele inspiratiebron gebleken.

De laatste dubbelklapper komt van scenarioschrijver Peter Morgan (bekend van The Queen). Hij schreef het prijswinnende toneelstuk Frost/Nixon, dat zich geheel afspeelt rond een aantal marathon-interviews die de Britse televisiejournalist David Frost in 1977 hield met Nixon, drie jaar nadat hij in schande na de Watergate-affaire was afgetreden.

Een verfilming van een toneelstuk (hoe briljant ook, in dit geval) over twee pratende mannen lijkt op het eerste gezicht geen al te veelbelovende opzet. Maar Ron Howard is erin geslaagd, met dezelfde cast als op het toneel in Londen en New York, van de televisie-interviews en alles wat zich achter de schermen in beide kampen afspeelde een fascinerend duel te maken, tussen twee mannen - een zwaargewicht politicus en een lichtgewicht televisiepersoonlijkheid - die alles op het spel hadden gezet.

David Frost was een Britse talkshowhost die in de jaren zeventig vooral bekend was door een Australische talkshow waarin hij gasten als de Bee Gees ontving. Hij benaderde Nixon, die tot op dat moment er het zwijgen toe deed, omdat hij het gevoel had dat een bekentenis en een spijtbetuiging van de voormalige president televisiegeschiedenis zou schrijven en zijn eigen carrière op weg zou helpen.

Nixon en de zijnen zagen Frost als een makkelijk te nemen hindernis richting rehabilitatie, die bovendien (win-win) met een flinke zak geld voor de deur stond. En zo staat in Frost/Nixon veel meer op het spel dan de waarheid over Watergate.

De twee voornaamste acteurs zijn als tegenpolen volstrekt aan elkaar gewaagd. Michael Sheen (die doorbrak als Tony Blair in The Queen) is perfect als de televisieman, één en al glanzend opportunisme en spectaculair geföhnd haar, dat doodsangst moet maskeren.

En Frank Langella is een formidabele Nixon (een Oscarnominatie kan niet uitblijven), die niet alleen mimiek, stem en gestalte raak treft, maar van de gevallen president een grootse tragische figuur maakt, een man die de stap van machtigste man ter wereld naar banneling nog niet heeft verwerkt.

Morgan en Howard hadden de uren durende televisie-interviews als basis voor een reconstructie, maar aarzelen niet om een aantal fictieve elementen toe te voegen, die het drama dragen. Zeer geslaagd is de verhouding van Frost en Nixon met hun secondanten: Sam Rockwell en Oliver Platt aan de zijde van Frost en Kevin Bacon als trouwe vazal van de president.

Aan de vooravond van het laatste interview, als Frost eindelijk het pantser van Nixon weet te doorbreken, zit een lange scène waarin Nixon Frost thuis opbelt. Deze dronken monoloog is een kunststuk van Langella - alsof je een reus heel langzaam ziet omvallen, in het besef dat zijn dagen zijn geteld. Het is ook een meesterzet van scenarist Morgan. Nixon claimt de volgende dag dat hij niets meer van het gesprek weet, maar hij beseft tegelijkertijd dat hij een doodzonde heeft begaan in het duel: hij heeft een moment van zwakte getoond. (MARK MOORMAN)

www.frostnixon.net

Meer over