Achtergrond

Firma Van de Velde in het Scheepvaartmuseum: voor al uw zeegezichten in kleur en zwart-wit

Met de opening van Willem van de Velde & Zoon gaat een lang gekoesterde wens van het Scheepvaartmuseum in vervulling: een overzichtstentoonstelling van de grootste 17de-eeuwse zeeschilders.

Het Parool
Het verzamelen van de Nederlandse vloot voor de Vierdaagse Zeeslag, een schilderij van Willem van de Velde de Jonge  uit 1670. Beeld Het Scheepvaartmuseum
Het verzamelen van de Nederlandse vloot voor de Vierdaagse Zeeslag, een schilderij van Willem van de Velde de Jonge uit 1670.Beeld Het Scheepvaartmuseum

Het is bijna onvoorstelbaar dat er niet eerder een tentoonstelling is gewijd aan het werk van Willem van de Velde (1611-1693) en zijn gelijknamige zoon (1633-1707). De kunstenaars zetten in de 17de eeuw het maritieme genre op de kaart en kregen internationaal navolging. Aan hun werk is veel af te lezen over de toen zo belangrijke scheepvaart. En ze hadden ook nog eens een fenomenale productie: niet minder dan 2500 tekeningen en 800 schilderijen.

Willem van de Velde & Zoon is niet alleen de eerste overzichtstentoonstelling van deze 17de-eeuwse meesters. Het is ook de grootste tentoonstelling die het Scheepvaartmuseum ooit gemaakt heeft, in oppervlakte en aantal werken. En ook nog eens perfect uitgevoerd. Hier wordt een moeilijk te overtreffen standaard gezet.

Het leeuwendeel van de tentoonstelling bevindt zich op de bovenste, tweede etage. Het startpunt is een tweesprong: links naar Willem van de Velde de Oude, rechts naar de Jonge. Zo wordt de eigenheid van beide kunstenaars benadrukt. Wel duiken ze steeds in elkaars verhaal op. Ze werkten immers hun hele leven samen en beïnvloedden elkaar in niet geringe mate.

Uiterst levendige taferelen

De Oude werd geboren in Vlaanderen en verhuisde in 1636 naar Amsterdam, toen de belangrijkste havenstad ter wereld, the place to be voor een scheepstekenaar. Hij begon als leverancier van achtergrondtafereeltjes, maar al snel werd zijn werk op autonome waarde geschat. Van de Velde werd geroemd om zijn oog voor detail: zijn schepen klopten tot op de laatste plank en spijker. Om een hele driemaster af te beelden paste hij in vroeg werk een perspectivische truc toe om zowel boegspriet, zijkant en spiegel in beeld te krijgen. In latere werken zijn die raar gebogen schepen verdwenen en kiest hij ervoor exemplaren vanuit verschillende hoeken te tonen of hetzelfde schip gewoon twee keer.

Van de Velde werkte niet alleen vanaf de wal. In 1653 scheepte hij in om als eerste tekenaar live verslag te doen van een zeeslag. Met zijn snelle, wendbare galjoot voer hij tussen de oorlogsbodems en schetste op een rol aan elkaar geplakt papier terwijl de kanonskogels hem om de oren vlogen. Die schetsen, die hij ‘journaels’ noemde, voegde hij in zijn atelier samen met detailstudies waardoor uiterst levendige taferelen ontstonden, vol aan flarden geschoten zeilen, drenkelingen die elkaar op drijfhout hijsen en bruinvissen die ertussendoor zwemmen.

Tegenover het ‘embedded journalism’ van de oude Van de Velde staat het kunstenaarschap van de Jonge. Die maakte geen pentekeningen maar olieverfschilderijen en verhief sfeer boven precieze weergave. Zijn schepen zijn speelbal van woeste golven of liggen in een lieflijke baai. In het geval van een zeeslag hangt steevast een donkere donderwolk boven de verliezer terwijl de winnaar baadt in glorieus licht.

Winckel

De Admiraliteit, die in het Scheepvaartmuseum haar zeemagazijn had, was een belangrijke opdrachtgever voor de Van de Veldes. Ze woonden zelf niet ver weg, aan de Koningsweg, in een pand met een uithangbord waarop ‘winckel’ stond. Want zo zagen de schilders hun familiebedrijf ook: als een adres waar je kon shoppen voor scheepsportretten in kleur en zwart-wit.

Dat kwalitatief hoogstaande totaalpakket was precies wat de Engelse koning zo waardeerde in de firma Van de Velde. Charles II bood vader en zoon in 1672 een royaal salaris en Queen’s House in Greenwich als woonplaats om zijn eerste koninklijke marineschilders te worden. Nederland beleefde net zijn rampjaar, met aanvallen door Engelse, Franse en Duitse troepen, waardoor de kunstmarkt finaal in elkaar stortte, dus hapten de Van de Veldes graag toe. De zeeslagen vereeuwigden ze nu als Engels succesverhaal. De Jonge schilderde zelfs de brandende wrakken van 170 Nederlandse schepen die in 1666 ten prooi vielen aan admiraal Robert Holmes.

Aan de andere kant van het Kanaal inspireerden vader en zoon een generatie marineschilders, onder wie William Turner die ‘This is why I paint!’ zou hebben uitgeroepen bij het zien van een Van de Velde. Het Scheepvaartmuseum toont mooie voorbeelden van navolgers, waardoor deze toch al rijke tentoonstelling nog completer is – zonder zich te vertillen aan overdaad. Door de ruime opzet en scherpe tekstbordjes die de blik telkens net anders richten, verveelt deze toch uitgebreide vlootschouw geen seconde.

Willem van de Velde & Zoon: t/m 27 maart in Scheepvaartmuseum Amsterdam

Meer over