Plus

Electric Circus brengt poppen voor even tot leven

Electric Circus combineert moderne technieken met poppenspel, waardoor een vorm van theater ontstaat met ‘animatronics’.

Het gevederde meisje Viegel, naar een figuurtje in een boek van Joke van Leeuwen.   Beeld
Het gevederde meisje Viegel, naar een figuurtje in een boek van Joke van Leeuwen.

Normaal treden ze overal op in Europa. Vooral ’s zomers doen ze performances met één of meerdere robots op allerlei festivals. Grootste hit van Electric Circus, een samenwerking van Mirjam Langemeijer en Fred Abels, is Dirk, een levensechte robot in de vorm van een zwerver. Dirk heeft een lange grijze baard en hij duwt een winkelwagentje voort. Af en toe draait hij aan een klein orgeltje. Het publiek heeft in eerste instantie vaak niet door dat Dirk een robot is.

Maar nu er geen festivals zijn, zitten Langemeijer en Abels thuis. Ze hadden een expositie bedacht in de kelder van de broedplaats aan de Plantage Doklaan, maar door de lockdown zijn ze uitgeweken naar de gevel. Achter de ramen hebben ze Non-Virtual Reality gemaakt, een ­interactieve installatie die bestaat uit elektromechanische en levensechte figuren en objecten. Sensoren aan de gevel merken of iemand langsloopt, waarna de sculpturen tot leven ­komen.

Er is bijvoorbeeld een studie te zien van Dirk, een ledepop, achttien jaar oud, die door draden wordt bewogen en zo lijkt te lopen. Verderop is het allernieuwste robotje te zien. Een kop van een pop steekt uit een doos, maar zodra iemand langsloopt, duikt de kop onder de deksel. Abels: “Deze is een beetje verlegen.”

Privacy

Sommige objecten komen uit een andere ­performance van Electric Circus, Headspace. Langemeijer: “Dat is een installatie waarbij het publiek een groot kartonnen hoofd kan opzetten, een soort helm. Daarbinnen is een mechanische theatershow te zien.” Abels: “Dat is onze show van de afgelopen jaren. Als je zo’n helm opzet, ben je oog in oog met zo’n werk. Dat is voor veel mensen confronterend. Je hebt dan uiterste concentratie.”

“Het is echt gemaakt om de concentratie te concentreren. Binnen in zo’n headspace ben je van het geluid en het licht in de omgeving afgesloten. Er zijn mensen die daardoor in een soort trance komen.”

Een van de figuren uit Headspace is Bubbel Buddha, een pop van een oudere vrouw die ­geknield zit te breien. Ze richt zich tot de toeschouwer, maakt oogcontact en begint heel subtiel te glimlachen.

Langemeijer: “Mensen komen soms helemaal emotioneel uit zo’n hoofd. Er is een soort privacy waar je helemaal in kunt opgaan. Soms is het een sprookje of een landschap waar je in zit. Maar het idee was om een intieme plek te creëren waardoor mensen iets bijzonders meemaken. Zonder beeldschermen, zonder van ­tevoren opgenomen geluid. Het is echt iets wat op dat moment beweegt.”

Zonder beeldschermen, dat blijkt een belangrijk speerpunt voor Electric Circus. Abels: “Een belangrijke reden waarom we die hoofden ­gemaakt hebben, is dat je je telefoon niet kunt meenemen. We hebben een keer gespeeld in Brazilië, in een heel arme stad. Die mensen hadden allemaal net een telefoon. We stonden in een kring van mensen en 95 procent stond ­vanachter zijn telefoon naar ons te kijken. Toen kregen we langzaam een hekel aan telefoons en beeldschermen.”

Koekoeksklok

Langemeijer: “Maar het is ook de schoonheid van het tastbare, om daarmee te spelen. Dat heb je ook met stop-motionanimatiefilms. Dat is echt een wereld die bestaat en niet alleen in de computer. Dat vind ik supermooi.”

Naast een soort koekoeksklok staat een teller. Elke keer als het voorstellinkje van twee minuten is afgelopen, verspringt de teller. Hij geeft nu een getal aan van meer dan twee miljoen, maar dat komt volgens Abels omdat het ding al meer dan honderd jaar oud is. “Ik heb geen idee hoe ik hem weer op nul moet zetten.”

De koekoeksklok blijkt geen vogeltje te bevatten, maar een gevederd meisje. Langemeijer: “Ze heet Viegel, naar een figuurtje in een boek van Joke van Leeuwen. Elk uur, als de deurtjes opengaan, twijfelt ze of ze weg zal vliegen of niet. En elke keer zit ze toch weer gevangen in het mechanisme van de klok, gevangen in de tijd. Zo heb ik voor mezelf verhalen bij de objecten, maar het is aan iedereen om er zelf associaties bij te hebben. Ik wil het niet te veel invullen.”

Non-Virtual Reality van Electric Circus, t/m 9 februari in Dokhuis ­Galerie, Plantage Doklaan 8-12, dagelijks tot 22.30 uur.

Meer over