PlusOperarecensie

De ‘Tosca’ van De Nationale Opera is een theatrale, orkestrale en vocale triomf

De nieuwe Tosca ging dinsdagavond in première en hakte er diep in, onder meer dankzij het meeslepende spel van het Nederlands Philharmonisch orkest en de vindingrijke regie van Barrie Kosky.

Erik Voermans
‘Tosca’ is de bloederigste en de onstellendste van al Puccini’s opera’s.

 Beeld Marco Borggreve
‘Tosca’ is de bloederigste en de onstellendste van al Puccini’s opera’s.Beeld Marco Borggreve

Met drie moorden en een zelfmoord is Tosca de bloederigste van al Puccini’s opera’s. En vanwege de sadistische hyperschurk Scarpia, politiechef van Rome, die niet terugschrikt voor de gruwelijkste martelingen, is het ook de ontstellendste. Het hoeft dus niet te verbazen dat het altijd hard gaat met de kaartjes alsTosca op het programma staat, want in de kunsten is weinig lekkerder dan je verlustigen aan andermans ellende.

Voor de laatste Tosca bij De Nationale Opera moesten we terug naar 1998. In de bak zat destijds het Concertgebouworkest onder Riccardo Chailly. Op het toneel stond de geweldige Bryn Terfel als Scarpia, met in zijn armen poes Jaap. Het was een indrukwekkende voorstelling, die niet meer te overtreffen leek.

Leek. Want de nieuwe Tosca, die woensdagavond bij DNO in première ging en nog tot 8 mei is te zien, hakte er minstens zo diep in, dankzij het meeslepende spel van het Nederlands Philharmonisch orkest onder leiding van de nieuwe chef Lorenzo Viotti en dankzij de regie van Barrie Kosky. Aan het einde van de eerste akte bedacht hij zelfs zó’n magistrale en verpletterende coup de théâtre, dat het een doodzonde zou zijn de verrassing hier weg te geven.

Vindingrijk

Kosky plaatste de tweede akte in Scarpia’s keuken, met daarin een luik naar een martelkamer en een koelkast vol zalm, wodka en sinaasappelen – goed voor een paar seconden comic relief in dit bedrijf vol psycho-horror, machtswellust en radeloosheid, waarin de politiechef speelt met de afgehakte vingers van zijn slachtoffer, de schilder Cavaradossi. De claustrofobische sfeer contrasteerde fraai met de ruimtelijkheid van akte een en drie.

In het derde bedrijf, met een zwaargewonde Cavaradossi geketend aan een muur, wachtend op de voltrekking van zijn doodsvonnis, ebde de spanning wat weg, om pas terug te keren bij de prijsaria ‘E lucevan le stelle’, door tenor Joshua Guerrero aanvankelijk zacht en kwetsbaar gezongen, wat de dramatische kracht van de slotzin sterk vergrootte.

Uiteraard ontbrak ook Tosca’s fameuze sprong van de Engelenburcht niet. Opnieuw toonde Kosky hier zijn grote theatrale vindingrijkheid.

Prachtige zang

De zangers waren zeer goed. Bariton Gevorg Hakobyan was een angstaanjagende Scarpia en Joshua Guerrero een overtuigende Cavaradossi. Ook sopraan Malin Byström als Tosca zong prachtig en wist de ontreddering waaruit de aria ‘Vissi d’arte’ uit voortkwam (schitterend moment) zeer geloofwaardig over te brengen.

Opmerkelijk was wel dat ook Kosky geen oplossing paraat had voor dat ene merkwaardige gat in het libretto: hoe wist Tosca dat consul Angelotti zich had verstopt in de put in Cavaradossi’s tuin?

Opera
Tosca, Puccini

Door De Nationale Opera
Nederlands Philharmonisch Orkest en Koor van DNO o.l.v. Lorenzo Viotti
Regie Barrie Kosky
Gehoord 12/4, Nationale Opera & Ballet
Nog te zien t/m 8 mei, aldaar

Meer over