PlusMuziekrecensie

De hartverscheurende madrigalen van Monteverdi

Claudio Monteverdi (1567-1643) stond aan de wieg van een volgende stap in de ontwikkeling van het madrigaal. Deze ontwikkeling leidde uiteindelijk tot het ontstaan van de opera. Dirigent Philippe Herreweghe (75) maakte met zijn koor Collegium Vocale Gent een prachtige opname van Monteverdi’s Il quarto libro de madrigali a cinque voci.

Erik Voermans
null Beeld

Het madrigaal is een korte, puur vocale, polyfone compositie voor twee tot acht (maar meestal van drie tot zes) stemmen op niet-religieuze teksten. Het ontstond in de veertiende eeuw en groeide in de vijftiende en zestiende eeuw (de periode van de renaissance) uit tot de populairste compositievorm van zijn tijd, vooral in Italië.

De kampioen van het vroege madrigaal was de blinde Francesco Landini, maar uiteindelijk bogen alle renaissance-componisten van naam en faam zich over het genre. Van Adriaan Willaert, Vlaming in Italiaanse dienst, Cypriano de Rore, Andrea Gabrieli, Palestrina en Lassus, om maar eens enkele van de grootste geweldenaren te noemen.

Tekstuitdrukking

Het madrigaal sloeg ook aan in Engeland, waar William Byrd, Orlando Gibbons en vooral John Dowland onsterfelijke voorbeelden leverden. In Nederland komt die eer toe aan Sweelinck, al zitten we dan inmiddels in de barok. En in Duitsland was er Heinrich Schütz.

In Italië streefden, in de late renaissance, componisten als Gesualdo, Marenzio en Luzzaschi persoonlijker en virtuozer varianten na, die werden gekenmerkt door avontuurlijk gebruik van chromatiek en onverwachte harmonische wendingen, altijd in dienst van de tekstuitdrukking.

Het madrigaal bleef daarna een geliefd genre, tot in onze tijd toe, met voorbeelden van componisten als György Ligeti, George Crumb, Mauricio Kagel en Gavin Bryars.

Belangrijkste naam

Maar de belangrijkste naam is nog niet genoemd: Claudio Monteverdi (1567-1643), die aan de wieg stond van een volgende stap in de ontwikkeling van het madrigaal, die voerde van een polyfone schrijfwijze in de oude stijl naar homofonie en uiteindelijk naar monodie, wat zoveel wil zeggen als één zangstem met akkoordenbegeleiding. Deze ontwikkeling leidde daarna tot het ontstaan van de opera en de wereld zou daarna nooit meer dezelfde zijn.

Monteverdi schreef acht boeken met madrigalen, alle verbijsterende proeven van muzikaliteit en compositorische inventie en ook interessant omdat ze zijn ontwikkeling als componist zo mooi in kaart brengen. Het vierde boek, is het scharnierpunt van wat de prima pratica wordt genoemd, de oude stijl, naar de seconda pratica, de nieuwe stijl. Kort samengevat ging de oude stijl over knappe contrapuntische stemvoering, terwijl de nieuwe stijl meer nadruk legde op het accentueren van de tekst.

Zielenpijn

Zoals met alle vernieuwingen, stuitte Monteverdi’s nieuwe madrigalen op weerstand van de oude garde. Het gevolg was een beroemd geworden twist tussen de componist, begin dertig, en de zestigjarige muziektheoreticus Giovanni Maria Artusi, die Monteverdi in zijn voordeel beslechtte, domweg omdat hij aan de gunstige kant van de tijd stond.

Dirigent Philippe Herreweghe heeft met zijn koor Collegium Vocale Gent een prachtige opname gemaakt van Il quarto libro de madrigali a cinque voci, dat de overkoepelende albumtitel Anima dolorosa heeft gekregen. De titel is raak, want alle madrigalen gaan over gesneuvelde liefde en zielenpijn.

De meeste teksten zijn van Giovanni Battista Guarini, zoals Che se tu se’il cor mio, waar Monteverdi op de woorden dolor, lagrime en tormenti zulke hartverscheurende dissonanten plaatst dat je hart krimpt van plaatsvervangend liefdesverdriet.

De uitvoeringen, sterk vanuit de tekst gezongen, zijn zeer fraai.

Klassiek

Collegium Vocale Gent/Herreweghe
Monteverdi: Il quarto libro de madrigali
(Phi/Outthere Music France)

Meer over