null

PlusAchtergrond

De eigenzinnige Natsuko fascineert: je wil horen wat ze te zeggen heeft

Beeld Getty Images/Westend61

In haar wereldwijde bestsellerroman Borsten en eitjes laat Mieko Kawakami (1976) zien wat het betekent om arm en vrouw te zijn in de Japanse patriarchale samenleving. Haar hoofdpersonage, schrijfster Natsuko, heeft geen zin in een man, maar wil wél een kind.

Dieuwertje Mertens

Het eerste deel van het tweedelige Borsten en eitjes zou je kunnen lezen als een op zichzelf staand verhaal, of een inleiding, waarin de achtergrond van de verteller wordt geschetst. Natsuko begint haar verhaal in de zomer van 2008: ‘Als je wilt weten hoe arm iemand vroeger was, vraag dan simpelweg naar het aantal ramen in het huis waarin diegene is opgegroeid.’

Ze groeit op in een spelonkachtige eenkamerwoning in havenstad Osaka, waar ze woont met haar kleine, werkloze vader met losse handjes (door zijn lengte steevast te benoemen, lijkt ze ook haar onverholen minachting te willen benadrukken), een hardwerkende moeder en haar grote zus Makiko. Op een dag verdwijnt haar vader, waarop haar moeder samen met haar twee dochters de biezen pakt om in een ander deel van de stad bij oma Komi te gaan wonen. Op haar dertiende sterft haar moeder, twee jaar later haar oma. De twee zussen moeten het dan alleen zien te rooien.

Borstvergroting

In 2008 woont de dertigjarig Natsuko in Tokio en werkt ze fulltime in een boekhandel. Er is weinig veranderd: Ze is nog steeds arm, ze heeft amper een sociaal leven en hoewel ze veel schrijft voor haar blog is er geen uitzicht op een bestaan als schrijver.

Haar zus Makiko komt na jaren bij haar op bezoek met haar dochter Midoriko. De ware reden voor het bezoek blijkt haar voornemen om in Tokio een borstvergroting te ondergaan bij een malafide plastisch chirurg. Natsuko, die al vroeg is gestopt met nadenken over haar lichaam, begrijpt niet waarom. De lezer snapt het prima: Makiko ziet er afgeleefd en armoedig uit, maar haar voorkomen is bepalend voor de fooien die ze krijgt, voor haar marktwaarde. De concurrentie in de bar is jong en alleen al daarom moordend. Kawakami laat zien dat een vrouwenlijf altijd begeerlijk moet zijn voor mannen – en vrouwen doen alles om daaraan tegemoet te komen.

In het tweede, meest omvangrijke deel van de roman maakt Kawakami een sprong van acht jaar. We zijn in de zomer van 2016 beland. Die indeling is ook een knipoog naar haar naam Natsuko Natsume: tweemaal het schrijfteken voor ‘zomer’.

Stond de zomer van 2008 nog in het teken van armoede en borsten, acht jaar later gaat het beter met Natsuko. Dit deel draait om vruchtbaarheid in zowel literair als biologisch opzicht: hier komen de ‘eitjes’ om de hoek kijken.

Natsuko heeft inmiddels een verhalenbundel gepubliceerd en leeft van het schrijven, al gaat dat niet zonder slag of stoot. Haar (mannelijke) redacteur belt haar dronken op en zegt: ‘Jij zult nooit een originele roman schrijven. Een ware auteur zul je al helemaal nooit worden. (..) Hoe oud ben je eigenlijk?’ Deze tirade hakt er goed in, maar maakt haar ook kwaad, lezen we. Haar reactie, de woede of de nasleep van dit telefoontje worden niet beschreven. Ze vertelt in plaats van de woede te tonen.

Scheiding lichaam en geest

Natsuko is origineel en op z’n tijd ook grappig, maar ze lijkt soms vooral uit een stem te bestaan. Ze registreert, maar ze belichaamt het verhaal niet. Zou Kawakami de scheiding tussen lichaam en geest, die onderdeel is van Natsuko, gewoon heel consequent hebben doorgevoerd? Ooit had Natsuko een vriendje. Ze hield van hem, maar seks vond ze verschrikkelijk. Gevoelens van lust kent ze niet. Olivia Laing beschrijft in Ieder een lichaam hoe honger en slechte fysieke omstandigheden (zoals armoede) een scheiding tussen lichaam en geest teweeg kunnen brengen. Misschien is Natsuko aseksueel of emotioneel beschadigd?

Het is goed dat Kawakami dit soort psychologische duidingen bij de lezer laat, die wellicht ook geconfronteerd wordt met zijn eigen normatieve (bekrompen) opvattingen. Want waarom mankeer je iets als je zoals Natsuko geen behoefte hebt aan een fysieke relatie met een man (over andere genders wordt niet gerept)?

Eitjes

Tegen haar veertigste, na een aanloop van 188 pagina’s, begint Natsuko ontzettend te verlangen naar een kind. Daarom verdiept ze zich in kunstmatige inseminatie met donorsperma (kid). Dat is in Japan, net als ivf, echter alleen beschikbaar voor heterostellen met vruchtbaarheidsproblemen, niet voor alleenstaande vrouwen of homostellen.

Tijdens haar zoektocht naar informatie over kid ontmoet Natsuko Jun Aiwaza en Yuriko Zen, die zich beiden gedupeerd voelen door kid. Jun omdat de donatie in Japan (nog steeds) anoniem is en hij zijn vader dus waarschijnlijk nooit zal ontmoeten en Yuriko omdat ze een verschrikkelijke jeugd had. ‘Waarom wil je een kind?’ vraag ze en ze schetst een prachtig moreel dilemma over een huisje in het bos waar tien kinderen liggen te slapen. ‘(...) Er bestaat geen vreugde of geluk of verdriet of leed, omdat ze allemaal slapen. Dan kom je voor een keuze te staan. Je kunt al die tien kinderen wekken of ze allemaal laten slapen. Als je ze allemaal wakker maakt, zijn negen van die tien kinderen blij dat je ze hebt gewekt. Op dat ene kind na (...) voor wie direct duidelijk is dat het vanaf zijn geboorte tot aan zijn dood zal worden gekweld door een pijn die erger is dan sterven.’

Uitgesproken reacties

Maar Natsuko wil zwanger worden. De reacties in haar omgeving zijn uitgesproken. Haar feministisch schrijversvriendin verkeert in jubelstemming, haar zus vindt het belachelijk. Jun biedt haar echter een luisterend oor en ze wordt verliefd op hem.

Veelzeggend is het moment dat ze aan hem denkt en haar hand in haar slipje steekt in een poging gevoelens van opwinding op te roepen. Het doet haar niets. Ze vraagt zich af: ‘Waarom moeten de gevoelens die je hebt voor een ander en dit gedeelte van het lichaam zo nauw met elkaar verbonden zijn?’

Natsuko emancipeert op het moment dat ze een kinderwens krijgt. En naarmate haar vastberadenheid toeneemt, krijgen de vrouwen in haar omgeving ook meer vorm en kleur. Ze is al omringd door vrouwen die niet aan de heteronorm voldoen: haar zus en schrijversvriendin zijn alleenstaande moeders en haar redacteur is bewust kinderloos.

Borsten en eitjes doet op sommige vlakken onevenwichtig aan. Het hoofdthema van de roman kent een te lange aanloop en de wijze waarop Kawakami de kinderwens en emancipatie van Natsuko omschrijft is krachtig, maar verhoudingsgewijs te vluchtig. Toch fascineert de eigenzinnige Natsuko: je wil horen wat ze te zeggen heeft.

null Beeld

Mieko Kawakami: Borsten en eitjes

Vertaald door Maarten Liebregts, Uitgeverij Podium, €24,99, 496 blz.

Meer over