PlusConcertrecensie

Damon Albarn en het Concertgebouworkest zorgen voor onvergetelijke avond in Gashouder

Damon Albarn trad op in de Gashouder samen met het Concertgebouworkest en een ensemble uit Mali, naar een idee van Pierre Audi. Conclusie: missie geslaagd.

Erik Voermans
De samenwerking tussen het Concertgebouworkest en voormalig Gorillaz-voorman Damon Albarn trekt een jong publiek naar de Gashouder.  Beeld Marcel Molle
De samenwerking tussen het Concertgebouworkest en voormalig Gorillaz-voorman Damon Albarn trekt een jong publiek naar de Gashouder.Beeld Marcel Molle

Over de stoep naar de ingang van de Gashouder op het terrein van de Westergasfabriek staat een lange, slingerende rij mensen te wachten tot ze naar binnen mogen. Het toegangsritueel kan iedereen inmiddels dromen. QR-code laten zien, identiteitsbewijs tonen, dank u mompelen als de portier je een prettig concert wenst, en vervolgens bij de toegang tot de zaal nog een keer je kaartje laten scannen en begrijpend knikken als je de weg naar de garderobe wordt gewezen, ook al weet je allang dat je daar geen gebruik van zult maken.

Eenmaal binnen zie je dat de Gashouder is veranderd is een sfeervolle, zelfs chique zaal, met loodgrijze, vierkante tapijttegels op de vloer en met lange, golvende gordijnen op de bovenkant van de muur van het ronde gebouw. Overal staan stoelen in groepjes van twee, keurig op de benodigde corona-afstand, wat betekent dat er straks 450 mensen zullen zitten, terwijl er plaats is voor minstens duizend.

Die 450 mensen gaan luisteren naar het Koninklijk Concertgebouworkest (KCO), dat zal optreden met de Britse inbetweenie Damon Albarn, die beroemd werd als voorman van de bands Blur en Gorillaz, maar die zich nadien steeds meer profileerde als muzikale kruisbestuiver. Hij maakte soundtracks voor films, schreef drie opera’s, werkte uitgebreid samen met Afrikaanse musici en maakte vorig jaar met The Nearer The Fountain, More Pure The Stream Flows een tweede, sferische, melodieuze soloplaat met veel elektronica.

Pierre Audi

De samenwerking van Albarn met het KCO komt uit de koker van Pierre Audi, van beroep creatieve vulkaan, die gedurende drie seizoenen de rol zal spelen van ‘artistiek partner’ met als taak out of the box te denken, op zoek naar verrassende samenwerkingen.

Het artistiek partnerschap begon door corona met een valse start. Een project met de Chinese componist Tan Dun kon geen doorgang vinden en is uitgesteld. De twee avonden met Damon Albarn konden gelukkig wel doorgaan.

Terwijl de verslaggever naar een plaatsje zoekt, ziet hij Audi staan. Even informeren naar het achterliggende idee. “Het Concertgebouworkest is een orkest met veel jonge mensen,” zegt Audi, “en die willen meer dan alleen Mahler en Bruckner. “Dat wil het publiek ook en het is aan ons naar aantrekkelijke combinaties te zoeken die tot meer diversiteit zal leiden.”

Een blik op de binnenstromende mensen leert in elk geval al dat er een veel jonger publiek dan bij het KCO gebruikelijk is, is gevonden. Aan de blik van Audi te zien, is hij daar blij mee.

KCO van het podium geblazen

We gaan zitten. Het orkest zit op een zeer breed podium. Aan weerskanten hangen grote videoschermen, waarop live close-ups van de musici te zien zijn en van dirigent André de Ridder.

Het programma is een intrigerende combinatie van delen uit Olivier Messiaens Éclairs sur l’au-delà, waarin aperiodische virtuoze ritmiek en vogelzang hoogtij vieren, en stukken uit Albarns opera Le Vol du Boli, en uit Mali Music, gekenmerkt door net zo virtuoze, maar periodische en onwaarschijnlijk lekker groovende Afrikaanse ritmes.

Je mag het niet zeggen, maar het achtkoppige Malinese ensemble met onder anderen Mamadou Diabaté op de 21-snarige kora in de gelederen, blaast het versterkt spelende KCO finaal van het podium. Het is dat de regels het verboden, maar anders had de verslaggever alle corona-ellende van zich afgedanst, terwijl hij normaal gesproken nog met geen tien karrenpaarden de dansvloer op te trekken is.

De vocale momenten van Albarn komen niet erg goed uit de verf – hij zingt onvast – en ook de ‘wereldpremière’ van zijn orkestwerk Loops is een sof. Dilettantische muziek waar zelfs elementair vakmanschap aan ontbreekt. Gelukkig weet hij dat zelf ook: na afloop dankt hij het orkest en de arrangeurs, “who made my pretty basic music sound great.”

Niettemin: een onvergetelijke avond.

Meer over