Theodor Holman. Beeld Artur Krynicki
Theodor Holman.Beeld Artur Krynicki

Zuid-Afrika is dichterbij dan je denkt, zei ze. Het was een mantra tegen verdriet

PlusTheodor Holman

Theodor Holman

Als ‘vrienden van de grootouders’ maakten we hun huwelijk mee.

Geen echte receptie, want daarvoor was ‘geen tijd en moeilijk te organiseren in verband met corona’. Per paar gingen we een handje geven aan het bruidspaar dat ons eigenlijk alleen maar van naam kende. We gaven ons cadeautje af (een Ajaxrompertje voor het aanstaande kind), maakten een kort praatje (‘We vinden jullie moedig’) en voegden ons weer even op gepaste afstand bij de overige gasten.

De vader van de bruid keek op z’n horloge.

“Ze moeten opschieten, ze moeten zo naar Schiphol.”

“Laat ze maar, het komt goed,” zei z’n vrouw.

Een andere gast, een gekromd vrouwtje, zei tegen de moeder van de bruid op een mierzoete toon: “Voor altijd hè? Vind je dat niet erg, Lies?”

“Zuid-Afrika is dichterbij dan je denkt.”

Het antwoord had ze zeker al duizend keer moeten geven; het was ook een mantra tegen haar eigen verdriet.

“En ben je erbij als ze hun kind krijgen?”

Sadisme is de suikerpot voor gevoelsarmen.

“Nee... Dat kan niet!”

Op weg naar de uitgang kwamen we de grootvader tegen.

“Zo, binnenkort overgrootvader... Leuk Frits.”

Hij haalde zijn schouders op.

“Vader worden was leuk, grootvader worden was leuk, overgrootvader worden vind je leuk voor je kind en kleinkind en je vrouw.”

“Jij vindt het toch ook wel bijzonder?”

“Bijzonder? Ach… Iets wat koeien ook doen vind ik niet bijzonder… Maar wat is er bijzonder? Dat mijn geslacht doorgaat? En dan gaan ze ook nog emigreren. Dat heeft iets van verlies.”

“Verlies?”

“Ja, ze kunnen blijkbaar hier niet aarden... Dat ik 77 moet worden om zo’n woord goed te begrijpen. Geen toekomst meer in je vaderland... Ik vraag me af, weet je dat als je 23 bent?”

“Ze kunnen beiden wat. Waar maak je je druk om?”

“Je bent straks een stipje op de groepsfoto op de schoorsteen…. En dat is de opa van pappa, zeggen ze later.”

Hij begeleidt ons naar de uitgang.

“Straks gaan we naar Schiphol. Dan ga ik mijn vrouw en mijn dochter troosten. En ik zelf... Ik ga later met de hond wandelen in de duinen, daarna naar het voetbal kijken, dan nog een glas cognac drinken en dan naar bed.” En dan: “Een achterkleinkind loopt je als het ware tegemoet. Jij ziet nog een klein stukje weg voor je, hij weet niet wat zich achter de horizon bevindt.”

Theodor Holman (1953) is columnist, schrijver, televisie- en radiomaker. Elke dag, uitgezonderd zondag, lees je hier zijn column. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? t.holman@parool.nl.

Meer over