Nico Dijkshoorn. Beeld Artur Krynicki
Nico Dijkshoorn.Beeld Artur Krynicki

We maken tekeningen vóórdat onze buren naar een aanleunwoning verdwijnen

PlusNico Dijkshoorn

Ik wil een actie beginnen. Een landelijke. Ik wil desnoods half zeven ’s ochtends in ochtendshows van lokale omroepen verschijnen. Maakt me niet uit. Voor het eerst in mijn leven geloof ik met hart en ziel in iets. We gaan tekeningen maken voor onze buren.

Dat komt door Mick Johan. Drummer, schrijver en liefste buurman van Nederland. Hij bezit ook het geilste filterkoffiezetapparaat van Nederland, maar dat is weer een heel ander verhaal. Hij is helaas niet mijn buurman. Mick Johan woont in Amsterdam.

Enkele dagen geleden zette hij de volgende tekst op Twitter: ‘Buurman Rob gaat naar een aanleunwoning. Hij kon de trap niet meer op. Erg verdrietig. Hij had een poster van de vrachtwagen waar hij vroeger op reed, maar ze hebben hem weggegooid voor de verhuizing. Die heb ik nagetekend voor in zijn nieuwe huis. Ik ga hem vreselijk missen.’

Onder de tekst staat, in melancholieke grijstinten, een verbijsterend mooie tekening van een vrachtwagen. Alles ontroert. Dat je Amsterdamse buurman Rob heet en niet Gerald of Pieter-Jan, dat is al prachtig. Het woord ‘aanleunwoning’ in combinatie met ‘vrachtwagen waar hij vroeger op reed’ snijdt dwars door de ziel.

Ik heb daar nooit goed over nagedacht. Ook machinebankwerkers, lassers, betonstorters en vrachtwagenchauffeurs gaan naar een aanleunwoning. Dan komen er blijkbaar mensen bij je opruimen die beslissen dat een foto van een vrachtwagen of een betonmolen niet in een aanleunwoning kan hangen. Ik weet niet wie de ‘ze’ zijn die de foto van de vrachtwagen hebben weggegooid.

Ik neem ze niets kwalijk. Ik zelf heb het huis van mijn ouders met een shovel laten ruimen. Mijn moeder had in het verzorgingshuis een nachtkastje en een elektrische fotolijst naast haar bed. Dat was het. Nu denk ik: had Mick Johan maar naast haar gewoond.

Ik weet meteen wat hij zou hebben getekend: een naaimachine.

Ik wil vandaag nu eens niet blijven hangen in zwaar aangezette melancholie en dat ik vrijdag weer schrijf over het deksel van een pot pindakaas waar ik, haha, het gezicht van André Hazes in zag.

Nee, Nederland, we gaan troostend en meevoelend tekenen, nog vóórdat onze buren naar een aanleunwoning verdwijnen. We gaan 5 mei beginnen. Zie het maar gewoon als een bevrijding. Een avondje lang tekenen, met kwastjes en een pot water op tafel. De volgende dag bij je buurvrouw aanbellen en zeggen: “Hier. Een ekster.”

Omdat je haar voor het raam hebt zien staan en weet dat het haar lievelingsvogel is. Ze neemt de tekening in ontvangst en weet: ik word gezien.

Nico Dijkshoorn schrijft twee keer per week een column voor Het Parool, en spreekt zijn bijdragen ook in.

Reageren? n.dijkshoorn@parool.nl.

Meer over