Lale Gül. Beeld Artur Krynicki
Lale Gül.Beeld Artur Krynicki

Vrijheid van godsdienst klinkt leuk, maar wat is dat dan?

PlusLale Gül

Lale Gül

Een tijdje geleden heeft de Roosevelt Foundation mij verzocht om vrijheidscolleges te verzorgen in verschillende steden door heel het land. In het college reflecteer ik op wat vrijheid voor mij betekent en wat anno nu de uitdagingen en begrenzingen zijn op dit gebied.

In 1941 introduceerde Franklin Roosevelt, toenmalig president van de Verenigde Staten, vier vrijheden waar elk mens recht op zou moeten hebben. In een geslaagde wereld volgens Roosevelt heeft ieder mens het recht om zijn mening te uiten, mag ieder mens een god aanbidden op de manier zoals hij wil, moet ieder mens gevrijwaard blijven van angst en onderdrukking en moet iedereen gevrijwaard zijn van gebrek en honger.

Dat klinkt overzichtelijk en helder op het eerste oog, maar er zijn een hoop kanttekeningen bij te plaatsen. Daar ga ik in mijn college ook op in, want wat betekent bijvoorbeeld het begrip godsdienstvrijheid? Houdt dat ook in dat je tijdens een pandemie nog steeds bijeenkomsten mag houden in de kerk, terwijl niet-kerken dat niet mogen?

Houdt het in dat je peuters en kleuters mag besnijden, omdat het moet van je geloof?

Houdt het in dat je elke week een maagd offert op een altaar, als je geloof dat voorschrijft?

Houdt het in dat iedereen een religieuze school naar wens kan oprichten en daarvoor kan putten uit de staatskas, terwijl ouders buiten het onderwijs om al genoeg mogelijkheden hebben om hun kinderen religieus op te voeden?

Houdt het in dat je de evolutietheorie mag overslaan als die niet strookt met het heilige boek?

Mienke de Wilde, een rechtenstudent uit Nijmegen, stapte enkele jaren terug naar de rechter toen haar rijbewijsfoto werd geweigerd, omdat ze een vergiet op haar hoofd droeg. In de regels voor pasfoto’s staat dat het hoofd niet bedekt mag zijn, maar dat er een uitzondering wordt gemaakt voor religieuze kleding, zoals een hoofddoek of een tulband. Haar hoofddeksel was ook religieus, maar haar eis werd afgewezen, waarop ze in hoger beroep ging.

De Kerk van het Vliegend Spaghettimonster is begin deze eeuw bedacht door een Amerikaan uit protest tegen gevestigde godsdiensten. Het vergiet is een van de regels van het pastafarisme, maar de Raad van State bepaalde even dat dat geen godsdienst of levensovertuiging is. Daarom kon er geen uitzondering worden gemaakt.

Voor mij is het nog steeds één groot vraagstuk hoe een rechter kan bepalen wat door mag gaan voor godsdienst en wat niet. Tegenwoordig speelt de discussie of boa’s en politieagenten religieuze kleding mogen dragen. Dan is mijn antwoord: alleen als je ook een vergiet mag dragen.

Vrijheid is helaas zelden eenduidig en eendimensionaal. De een zijn vrijheid betekent de ander zijn onvrijheid. De een zijn verzetsstrijder is de ander zijn terrorist. De een zijn cartoonist is de ander zijn ordinaire provocateur.

We zouden veel duidelijker moeten afbakenen welke vrijheden wij willen voorstaan met zijn allen.

Lale Gül schrijft elke week een column voor Het Parool. Lees al haar columns hier terug.

Reageren? l.gul@parool.nl

Meer over