Plus

Roze Supporters toont de stroeve strijd om acceptatie van lhbtq-voetbalfans

Han Lips schrijft elke dag over wat hij ziet op tv. Vandaag: De Roze Supporters.

Han Lips
De Roze Règâhs in vierdelige documentaireserie De Roze Supporters. Beeld NPO
De Roze Règâhs in vierdelige documentaireserie De Roze Supporters.Beeld NPO

Het bezoeken van een voetbalstadion vergt van een weldenkend mens de nodige morele flexibiliteit. Wie zijn clubliefde wil betonen is genoodzaakt om spreekkoren over Joden, bedreigingen aan bestuurders en geweld en vandalisme op de koop toe te nemen. Dat schijnt er nu eenmaal bij te horen.

Gelukkig zijn er ook dappere supporters die in opstand komen tegen deze gecultiveerde primitiviteit. Een clubje fans van ADO Den Haag richtte acht jaar geleden de Roze Règâhs op, die strijden voor acceptatie van lhbtq’ers in de voetbalwereld. Vaak tegen de klippen op, want in het stadion zijn de scheidsrechter, de tegenstander en de supporters in het uitvak nog steeds ‘kankerhomo’s’ of ‘vuile flikkers’. En toch zitten ze er, iedere wedstrijd weer, uitgedost in ADO- én regenboogkleuren.

De vierdelige documentaireserie De Roze Supporters, die deze week wordt uitgezonden op NPO 3, toont de stroeve strijd om acceptatie die voetbalfans met een van de norm afwijkende seksuele voorkeur moeten voeren. “Ik ben blij dat ik gewoon gezond ben en vrouwen leuk vind,” zegt een oudere Feyenoordfan, als hem gevraagd wordt wat hij vindt van de oprichting van de Roze Kameraden, een supportersvereniging voor lhbtq’s.

Die reactie is nog mild in vergelijking met wat initiatiefnemer Paul van Dorst te verduren krijgt. Hij wordt met de dood bedreigd, bij de sportschool die hij uitbaat is brand gesticht en in het stadion wordt gezongen dat homo’s niet welkom zijn. Het bestuur van Feyenoord doet niets om hem te steunen.

Hoewel de documentaire wat te lang is – anderhalf uur was ruim voldoende geweest om het verhaal te vertellen – is het te prijzen dat KRO-NCRV vier avonden achter elkaar aandacht besteedt aan dit onderwerp. Het valt te hopen dat de boodschap ook tot in de stadions en de bestuurskamers van voetbalclubs doordringt.

Reageren? hanlips@parool.nl.