Opinie

Opinie: ‘We moeten kritischer zijn op het antisemitische tweetgedrag van politici’

Forum voor Democratievoorman Thierry Baudet bij een demonstratie. Volgens recent onderzoek besteedden FVD-politici meer dan 10 procent van hun activiteit op Twitter aan het liken en retweeten van ‘diffuus antisemitische’ accounts. Beeld SEM VAN DER WAL/ANP
Forum voor Democratievoorman Thierry Baudet bij een demonstratie. Volgens recent onderzoek besteedden FVD-politici meer dan 10 procent van hun activiteit op Twitter aan het liken en retweeten van ‘diffuus antisemitische’ accounts.Beeld SEM VAN DER WAL/ANP

Na een breed gedragen taboe op antisemitische uitingen in de decennia na de Holocaust komen alle oude clichés weer aan de oppervlakte, constateert Emile Schrijver. Ook daarom moeten we kritischer zijn op het antisemitische tweetgedrag van politici.

Emile Schrijver

Het is onmogelijk voorbij te gaan aan de rol die Forum voor Democratie speelt in het salonfähig maken van antisemitisch gedachtegoed. Een recent verschenen onderzoek vanuit de universiteiten van Leiden en Antwerpen, met de heldere titel Hoe Forum-politici antisemitisme versterken op Twitter, biedt een ontluisterende data-analyse van de antisemitische inhoud van accounts die worden geretweet door FVD-politici.

De onderzoekers maken onderscheid tussen, wat zij noemen, hardcore en diffuus antisemitisme. Deze tweede categorie bevat antisemitische stereotypen, die deel uitmaken van complottheorieën als QAnon en The Great Reset. Uitgangspunt daarbij is de angst dat de Joden (Rothschild, Soros) wereldwijd aan de touwtjes trekken en met die wereld niet het beste voor hebben. Meer dan 10 procent van hun activiteit op Twitter besteedden FVD-politici aan het liken en retweeten van zulke ‘diffuus antisemitische’ accounts. Voor PVV-politici is dat 2 procent, voor de andere partijen nul.

Een tweet uit het onderzoek ‘Hoe Forum-politici antisemitisme versterken op Twitter’. Het account is geretweet door Camille Meloen (die in Ede verkiesbaar was voor Forum voor Democratie ) en Brent Hadderingh (raadslid in Almere).

In NRC van 30 mei wordt de interessante vraag opgeworpen waarom dit onderzoek niet tot meer ophef leidt. Collega Bart Wallet van de Universiteit van Amsterdam merkt terecht op dat antisemitische complottheorieën opleven ‘als mensen hun greep op de realiteit verliezen… Theorieën over Joden, vrijmetselaars, jezuïeten… die spelen op omdat ze in het cultureel archief zitten. En omdat ze eeuwenoud zijn, lijken ze plausibel.’

Historische context

Ik was blij met de historische accenten die Wallet aanbracht, want ik heb steeds vaker het gevoel dat we juist als het over antisemitisme gaat te vaak vanuit terecht gevoelde acute zorg reageren, maar veel minder op basis van evenwichtige informatie. Ik las het onderzoek over Forum op een moment dat ik ook middenin een recent bij Uitgeverij Prometheus verschenen boek zat, Een korte geschiedenis van het antisemitisme van Peter Schäfer.

Schäfer, inmiddels emeritus, is een van de grootste kenners van de Joodse cultuur en geschiedenis van onze tijd en was recent directeur van het Joods Museum in Berlijn. Hij plaatst het antisemitisme in een veel ruimere historische context dan we vandaag de dag gewend zijn. Als uitgangspunt voor zijn opvallend toegankelijk geschreven boek formuleert hij: ‘antisemitisme is een veranderlijk, veelgelaagd en open systeem dat zich in de loop van zijn geschiedenis voortdurend verrijkt met nieuwe facetten en zichzelf in verschillende maatschappelijke constellaties telkens weer opnieuw uitvindt. Oudere ‘beproefde’ elementen blijven een constante en worden door nieuwe elementen beslist niet gerelativeerd, maar juist geïntensiveerd.’

Schäfer gebruikt de term antisemitisme bewust voor alle vormen van Jodenhaat, ook al is die (nooit helemaal onomstreden) term pas in de 19de eeuw gemunt. Hij biedt de lezer een overvloed aan meest onbekende bronnen, die vooral laten zien dat velen het christendom ten onrechte als bakermat van onze hedendaagse antisemitisme zien.

Ook in de Grieks-Romeinse oudheid werden Joden al weggezet als mensen- en vreemdelingenhaters, wat op schrijnende wijze blijkt uit een fragment van een satirisch gedicht dat in de eerste eeuw na Christus door Petronius, een hoveling aan het hof van keizer Nero, werd geschreven: ‘De jood, ook al aanbidt hij zijn varkensgod | en roept hij de hoogste hoogten van de hemel aan, | als hij niet met een mes de zoom van zijn penis afsnijdt | en de eikel blootlegt in de vorm van een knoop, | dan zal hij, verjaagd door het volk, emigreren naar de Griekse steden | en niet beven voor het vasten op sabbat dat is opgelegd door de wet.’

Oude clichés

Via het Nieuwe Testament, de ‘joodse doorn in het vlees van het christendom’, de islam, de christelijke middeleeuwen, de vroegmoderne tijd, de Verlichting en de tijd van de wereldoorlogen tot op heden, eindigt Schäfers boek bij ‘de terugkeer van wat verdrongen werd’.

Dat is de fase waarin we ons nu bevinden. Na een breed gedragen taboe op antisemitische uitingen in de decennia na de Holocaust komen alle oude clichés weer aan de oppervlakte. We moeten daarom uitwassen als het tweetgedrag van politici kritisch volgen, in kaart brengen, duiden en vooral blijven tegenspreken.

We moeten ook niet alleen maar praten over antisemitisme tegen de achtergrond van de Holocaust, want als er iets duidelijk is, dan is het dat antisemitisme deel uitmaakt van het fundament van wat we als onze westerse beschaving beschouwen. Het is daarom ook van het grootste belang dat we nooit in de valkuil vallen van het bagatelliseren van antisemitisme, want zijn eeuwenoude geschiedenis laat zien hoe onterecht die gemakzucht is.

Zowel het Leids-Antwerpse onderzoek als het boek van Schäfer stemmen niet per se tot optimisme, maar ze maken wel, op heel verschillende wijze, duidelijk dat er werk aan de winkel is, en ook nog wel even blijft.

Emile Schrijver (1962) is algemeen directeur van het Joods Cultureel Kwartier en het Joods Museum en bijzonder hoogleraar Geschiedenis van het Joodse Boek aan de Universiteit van Amsterdam. Beeld
Emile Schrijver (1962) is algemeen directeur van het Joods Cultureel Kwartier en het Joods Museum en bijzonder hoogleraar Geschiedenis van het Joodse Boek aan de Universiteit van Amsterdam.
Meer over