PlusLezersbrieven

Opinie: ‘Toen New York nog Nieuw Amsterdam was, riepen Nederlandse zeelui al ‘okaai’’

Dit zijn de ingezonden brieven van vandaag. Ook een bijdrage leveren? Lees hier hoe dat kan.

Het Parool
null Beeld Getty Images/EyeEm
Beeld Getty Images/EyeEm

‘Toen New York nog Nieuw Amsterdam was, riepen Nederlandse zeelui al ‘okaai’’

Weer een leuke aflevering van Punten en Komma's afgelopen zaterdag. Ik schrijf altijd ‘okee’ al is dat niet volgens het groene boekje of Van Dale. Het is dan maar volgens het, laten we zeggen, rood-wit-blauwe boekje, want het is Nederlands en geen Frans. Ik heb mij lang geleden laten vertellen, dat okee ook echt van Nederlandse afkomst is.

Toen New York nog Nieuw Amsterdam was, hadden Nederlanders het ook in de haven voor het zeggen bij het laden en lossen. Als de lading door de hijskraan of laadboom aan de hijskabel boven de kade hing en vervolgens daar neergezet werd, riep de voorman ‘oppe kaai’ (op de kade). Dan wist de kraandrijver of degene die de lier bediende, dat hij nog iets meer loos (slack) moest geven, zodat de bootwerkers de hijskabelhaak konden losmaken van de ladingstrop. Die kreet klonk als ‘okaai’ dus op z’n Amerikaans ‘okay’. En betekende dus zoiets al veilig geland, klaar of akkoord.

Ik heb in een vorig leven gevaren als stuurman en heb deze verklaring zelf in Amerika gehoord. Ik heb trouwens in de vijftiger jaren bootwerkers in de haven van Antwerpen (waar men toen nog met stoomkranen en vrachtsleeën werkte) nog wel eens horen roepen ‘oppekaai’ als een lading op de kade geland was. Ik houd me dus maar aan deze, toch wel voor de hand liggende, verklaring. Net zoals Jan-Kees voor ‘yankee’.

Kees Ruig, Malden

‘Moeten energiebedrijven niet eens stoppen met het sponsoren van voetbalclubs?’

Jarenlang werden wij bestookt door de energiebedrijven om maar vooral bij hen afnemer te worden. We werden zelfs gelokt met het eerste jaar een bonus van 300 euro als we maar zouden komen, maar nu de energieprijzen torenhoog zijn willen ze geen nieuwe klanten meer! Zou het niet een idee zijn dat energiebedrijven stoppen met de miljoenencontracten voor sponsoring van bijvoorbeeld voetbalclubs en het daarmee bespaarde geld gebruiken om de consument wat lagere prijzen te bieden?

G. Kool, Monnickendam

‘Ik was blij met de Pride, toen het nog geen commerciële zwelgpartij was’

Na het zoveelste negatieve stukje over verandering bij Pride – nu weer ‘We waren zo blij met Pride. Moet ik nu terug de kast in?’ van Mieke Martelhoff – wil ik als oudere homo toch wat positiefs zeggen. Ik was ook blij met Pride, met de eerste versies, toen het nog niet die – inderdaad – massale, commerciële zwelgpartij was die het nu is geworden. Vermaak waarvoor zoveel hetero’s en gezinnetjes naar de stad komen dat het wel Koningsdag lijkt; waar alles geld kost en dat nog maar weinig met emancipatie en bevrijding te maken heeft.

Wat is het verschil met elk willekeurig festival – behalve die botenparade dan? Een botenparade die zo elitair en hoogdrempelig geworden is dat de gemiddelde queerpersoon er geen toegang toe heeft. Daar mag best wat aan veranderen en het mag best wat diverser.

Mieke Martelhoff en andere Priders van het eerste uur hoeven natuurlijk helemaal niet terug de kast in, ze moeten alleen een stapje terug doen, en ruimte maken voor meer jeugd en voor meer activisme. Dat is hard nodig om de toenemende aanvallen op ‘ons’ vanuit radicaal rechtse en religieuze hoek te kunnen weerstaan.

Henkjan van Vliet, Amsterdam

Meer over