Patrick Meershoek. Beeld Artur Krynicki
Patrick Meershoek.Beeld Artur Krynicki

Ook voor het slavernijmuseum geldt: wie betaalt, bepaalt

PlusPatrick Meershoek

Patrick Meershoek

De Amsterdamse plannen voor een slavernijmuseum zijn door het bevoegd cultureel gezag enthousiast ontvangen. In een gezamenlijk advies aan de minister schreven de Raad voor Cultuur en de Amsterdamse Kunstraad dat het museum er al lang had moeten zijn en dat er vooral niet moet worden beknibbeld op de uitgaven voor een onderkomen met allure.

Als dat maar goed gaat, was mijn eerste gedachte, en trouwens ook mijn tweede. Die sombere houding is het vak eigen, vrees ik. Terwijl de andere aanwezigen in feestzaal Concordia uitgelaten de polonaise lopen, staart de journalist langs de kant zwijgend in een bierglas dat naar zijn oordeel toch stukken meer halfleeg is dan halfvol.

In dit geval werd mijn twijfel gewekt door een paar verbeterpunten die terloops in het advies werden voorgesteld. Er was kritiek op de keuze om het museum vooral te wijden aan de trans-Atlantische slavernij, met de aanbeveling ook de slavernij in Azië meteen mee te pakken. En het gebouw kan wat de raden betreft ook prima buiten Amsterdam staan.

Ik herinnerde mij een bijeenkomst in het Bijlmer Parktheater waar jaren terug al eens werd gesproken met de Surinaamse en Antilliaanse gemeenschap over hun verlangen naar een museum over de geschiedenis van de voorouders. Ook toen was de verbreding van het thema ter sprake gebracht, wat de gemoederen vrijwel meteen tot het kookpunt deed stijgen.

Er werd gewezen op het standbeeld van Anton de Kom in de Bijlmer, ook een verzoek dat uit de gemeenschap voortkwam. Het plan ging de wasstraat in van de culturele instituties en kwam eruit als het beeld van een naakte man. Een prachtig beeld, wat mij betreft, maar het was beslist niet wat de initiatiefnemers voor ogen had gestaan.

Het is vrijwel onvermijdelijk dat een plan aangepast de eindstreep haalt, zeker als er een flinke som geld mee gemoeid is. De schrijver levert een filmscenario in over een melancholieke gouvernante in de herfst van haar leven, en ziet bij de première stomverbaasd hoe zij, geheel in leer gestoken, van de legerstaf opdracht krijgt een vijandelijk wapendepot op te blazen.

Ook in de cultuur geldt: wie betaalt, bepaalt. De tientallen miljoenen voor het slavernijmuseum zullen grotendeels moeten worden opgehoest door het kabinet, en dat betekent dat er vanuit Den Haag ook harde eisen kunnen worden gesteld aan de inhoud, de organisatie, het onderkomen en de plek. Bedankt voor het mooie plan, vanaf hier nemen wij het over.

Het zou mooi zijn als het met het slavernijmuseum lukt om het anders te doen. Dat de kwartiermakers die binnenkort door de gemeente worden aangesteld, er ook in slagen de Antilliaanse en Surinaamse gemeenschap te blijven betrekken bij de uitvoering. Zodat de mensen om wie het gaat ook na de opening trots en tevreden kunnen zeggen: dit is ons museum.

Patrick Meershoek is verslaggever van Het Parool en schrijft elke woensdag een column. Lees alle columns hier terug.

Reageren? patrick@parool.nl.

Meer over