Theodor Holman. Beeld Artur Krynicki
Theodor Holman.Beeld Artur Krynicki

‘Omikron is een soort Pieter Omtzigt die vragen stelt’

PlusTheodor Holman

Theodor Holman

Gisteren kwam mijn patiënt R. (54) weer op therapie.

Als psychiater letten we ook op het uiterlijk. Heeft iemand een verzorgd uiterlijk, hoe is hij gekleed, is hij vermoeid, etcetera.

R. heb ik in twee jaar tien jaar ouder zien worden. Maar hij was nu gekleed in gele basketbalschoenen, een strakke spijkerbroek en een T-shirt met korte mouwen; alsof hij op een skateboard was binnengekomen.

‘Egoprobleem,’ noteerde ik wederom.

“Ik lach niet meer zo…,” begon hij het gesprek.

“Ik begrijp dat mijn lachen een vorm van angst is. Een muur waarmee ik de ander op afstand houd en tegelijkertijd probeer ik hem zachter te maken. Ik wil hem ook laten lachen…”

Ik zweeg, zoals het een psychiater betaamt.

“Maar het lachen werkt niet meer. Hoe meer ik lach, hoe agressiever de ander wordt. En ik begrijp het. Het is het resultaat van mijn falen. Hoewel, objectief gezien, neemt mijn succes niet noemenswaardig af. Daar begrijp ik zelf trouwens niets van. Maar ik heb gefaald. Het is me ook… te veel…”

Ik schoof de tissues wat naar hem toe.

“Weet je,” ging hij voort, terwijl hij zijn bril poetste omdat die zogenaamd beslagen was, “wie zijn mijn echte vrienden? Dat is mijn werk. Ik kan met iedereen best goed opschieten, terwijl ik steeds meer vijanden heb. Ik snap dat niet. Ik ben mezelf een raadsel. Ik ben iemand die niet doof en blind is voor zijn eigen fouten, maar ik ben wel doof en blind als anderen die ook zien en mij dat vertellen.”

‘Eenzaam,’ schreef ik op.

“Ik zou best mijn functie willen verlaten. Echt waar. Maar wat heb ik dan bereikt? Hoe laat ik dan mijn land achter? Ik ben historicus, maar hoe zal de geschiedenis over mij oordelen? Wie denkt er nog positief over Churchill? Over Kennedy? Over het Knil? Over Indië in het algemeen? Over de VOC? Over Drees of Den Uyl? Noem maar op.

R. begon te huilen.

“En nu is die omikron in het land. Het houdt maar niet op. Omikron, een soort Pieter Omtzigt die vragen stelt – ja, ik zeg dat omdat alles hier toch onder het ambtsgeheim valt. Slag op slag krijg ik te verduren. Ik heb zo’n medelijden met mezelf. Juist omdat er verder niemand is die medelijden met me heeft. Ik huil omdat ik mijn medelijden met mij totaal niet verdien.”

Theodor Holman (1953) is columnist, schrijver, televisie- en radiomaker. Elke dag, uitgezonderd zondag, lees je hier zijn column. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? t.holman@parool.nl.

Meer over