Maarten Moll. Beeld Sjoukje Bierma
Maarten Moll.Beeld Sjoukje Bierma

Niks geen dronkenschap, ik zag zonnepanelen op het dak

PlusMaarten Moll

Maarten Moll

Ik kende Fré Cohen niet.

Misschien ooit haar naam ergens gelezen.

Ook van het bestaan van de Fré Cohenbrug was ik niet op de hoogte. Terwijl die brug toch niet al te ver bij mijn huis vandaag ligt.

Deze Brug 341, we vinden haar in de Zaaiersweg in Betondorp, kreeg in 2016 de naam Fré Cohenbrug. Regelmatig overheen gereden, over die brug over de Molenwetering, vlakbij de Rinus Michelsbrug.

Frederika Sophia ‘Fré’ Cohen, geboren in Amsterdam, was kunstenaar en graficus, en bij haar leven horen de getallen 1903 en 1943.

Nu weet ik veel meer over haar. Dat komt weer door kunstenaar Edith Brouwer die een boek over Fré Cohen schreef: De letterkast. Een roman, gestoeld op feiten.

Bovendien is vanaf deze week een tentoonstelling over haar te zien in Museum Het Schip, in de Spaarndammerbuurt. Ze ontwierp bijvoorbeeld het omslag van het Giroboekje (tik ‘giroboekje’ in op je zoekmachine en grote kans dat er een ‘o ja!’ volgt). Maar ook affiches, brochures en boekomslagen, ze was steeds op zoek naar vernieuwende vormen. Prachtig werk.

(En weer heel veel beelden erbij in het geheugen.)

Fré Cohen woonde dus enige tijd op de Zaaiersweg.

En een tijdje in de Schoolstraat in Diemen

Ik woon tussen die twee Fré Cohenadressen in.

Nooit geweten.

In het huis op de Zaaiersweg, voor de oorlog, was haar leven nog zorgeloos.

In de Schoolstraat was dat anders. Want daar zat Fré Cohen in de Tweede Wereldoorlog vanwege haar Joodse achtergrond ondergedoken. Voor nummer 43 zijn vier Stolpersteine in het trottoir vereeuwigd. Waar Marcus Israëls, zijn vrouw Maria Israëls-De Beer en hun dochter Astrid zaten ondergedoken. Tot ze werden verraden en in Auschwitz werden vermoord. Die vierde steen is voor zoon Alfred, die naar Zwitserland vluchtte en de oorlog overleefde.

Maar ik moest vijf huizen verder zijn. Fré Cohen zat daar ondergedoken bij het gezin van haar vriendin Rie Keesje-Hillebregt.

Daar stond ik voor het huis, Schoolstraat 53.

Hier had ze dus gewoond (als je onderduiken zo kunt noemen). Hier had ze gelopen, gefietst.

Nu zou ik de historische sensatie moeten ondergaan. Dat je opeens overvallen wordt door een gevoel even in het verleden te staan. Door de befaamde historicus Johan Huizinga omschreven als ‘een dronkenschap van een ogenblik’.

Maar niks geen dronkenschap.

Ik zag zonnepanelen op het dak.

En op de deur geloof ik zo’n sticker waarop staat dat het huis een alarm heeft.

Een gewoon huis.

Fré Cohen verbleef hier niet heel lang. Ze had veel opdrachten en werkte gewoon door. ‘Als ze klaar is’, schrijft Brouwer, ‘pakt ze alles bij elkaar en gaat de straat op. Ze brengt werk naar verschillende opdrachtgevers. Rie haat dat. ‘Je loopt te veel risico, Fré! Je haar is dan wel rood, maar je ziet er nog steeds uit als een Jodin,’ zegt ze.’

Na op verschillende onderduikadressen te hebben verbleven, wordt ze op een boerderij bij Borne opgepakt. Ze slikt meteen pillen en overlijdt drie dagen later.

Je moet het weten, van Schoolstraat 53, anders zou je er achteloos voorbijlopen.

Maarten Moll schrijft over dagelijkse beslommeringen in de stad. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? m.moll@parool.nl

Meer over