Johan Fretz. Beeld Artur Krynicki
Johan Fretz.Beeld Artur Krynicki

Mensen als Cora van Nieuwenhuizen kunnen alleen onder professionele begeleiding een moreel kompas opstellen

PlusJohan Fretz

Johan Fretz

Verslaggever Jorn Jonker draaide bij Nieuwsuur de duimschroeven aan. Maar Cora van Nieuwenhuizen, vroegtijdig opgestapt als minister van Infrastructuur en Waterstaat om lobbyist te worden voor de energiesector, bleef bij haar grijsgedraaide plaat. Ze hield zich keurig aan alle regels, zei ze. Waarschijnlijk had ze goed naar Sywert van Lienden gekeken. Misschien had ze net als hij een moreel kompas laten opstellen (sommige mensen kunnen dat niet zelf, maar alleen onder professionele begeleiding à 200 euro per uur). In elk geval had ze ‘geen beleidsinhoudelijke bemoeienis gehad met het energiebeleid’. Maar ze had toch bij de begrotingsgesprekken gezeten in de ministerraad, vroeg Jonker terecht. Dat gaf haar toch een voorsprong? En kon ze niet gewoon haar eigen morele grens hanteren, aangezien haar overstap in Brussel nooit had gemogen en tot voor kort in Nederland ook niet? Nee dus.

“Dan zou je helemaal geen enkele baan meer kunnen doen,” zei Van Nieuwenhuizen. Misschien kent ze inderdaad geen mensen met andere banen. Ik wel. Mensen voor wie zij en haar partij gratuit stonden te klappen op het balkon, om ze vervolgens af te schepen met een fooi, en hun structureel betere beloning te blokkeren. Maar ik vermoed dat de salariëring van zulke beroepen tekortschiet voor Van Nieuwenhuizens gewenste levensstandaard.

Vermoedelijk heeft ze nog even gecorrespondeerd met partijgenoot Bruno Bruins, voormalig minister van Volksgezondheid die commissaris werd bij Intravacc, overheidsinstituut voor vaccinonderzoek. Of met Bart de Liefde. Die verliet in 2016 vroegtijdig de VVD-fractie om lobbyist te worden bij Uber, nadat hij zich als woordvoerder mededinging (!) veelvuldig zeer lovend over Uber had uitgelaten. Wat Bart de Liefde tegenwoordig doet? Hij is Head Goverment Affairs Nederland bij Apple.

Van Nieuwenhuizens overstap laat zien hoe de VVD, alle beloftes over een andere bestuurscultuur ten spijt, lak heeft aan elke vorm van ethiek. De woede daarover is terecht, maar waait snel weer over. Van Nieuwenhuizen zit over een paar maanden lekker op het ministerie mee te praten over het energiebeleid, met voorkennis, voor 2,5 keer de balkenendenorm, en geen haan die daar dan nog naar kraait.

Maar doordat de ophef zich in Nederland altijd richt op de persoon, verdwijnt de kern van het probleem steeds weer naar de achtergrond. In dit geval: politiek en lobby zijn te innig verstrengeld. Dat ondermijnt de onafhankelijkheid van ons politieke bestel. Zeker nu de Kamer bestaat uit talloze kleine fracties, die dus geen tijd of mankracht hebben om alle onderwerpen zelf grondig te bestuderen, zullen lobbyisten maar al te graag hun diensten aanbieden.

Het is hoog tijd voor een algeheel lobbyverbod van tien jaar voor oud-bewindspersonen en oud-Kamerleden. Dan is vrijwel iedereen die ze op het Binnenhof kenden, vertrokken. (Hoewel: over tien jaar zijn wij vast toe aan Rutte VII.) En daarnaast: ophouden met het populistisch shamen van oud-politici die gebruik maken van wachtgeld. Juist wachtgeld maakt onafhankelijk bij een beroep met zo’n hemelhoog afbreukrisico. Al hebben sommige ministers voor het afbreken van hun geloofwaardigheid niemand nodig. Dat blijkt maar weer.

Johan Fretz is schrijver en theatermaker. Hij schrijft elke zaterdag een column voor Het Parool.

Meer over