Theodor Holman. Beeld Artur Krynicki
Theodor Holman.Beeld Artur Krynicki

Laat Wilders zeggen wat hij wil. Ik hoorde geen ‘racisme’

PlusTheodor Holman

Theodor Holman

Mijn vader bekeek mijn vondst. Hij schoof zijn bril naar boven en hield de steen vlak voor zijn ogen.

“Dit is een fossiel… Misschien wel duizenden en duizenden jaren oud. Ik denk van een schelp of zo, of een zeedier.”

“Wat is een fossiel?”

“Een versteende plant of dier.”

“Hier is geen zee.”

“Maar heel vroeger wel.”

Even later kwamen we in het Franse dorpje langs de begraafplaats. Ik werd bang. Die rechtopstaande stenen waren dat versteende mensen?

Mijn vader stelde me gerust.

Maar toch. Hoe kon iets wat ooit had geleefd steen worden?

Toen ik ouder was, hoorde ik hoe klei, modder en zand een dekentje legden om het gestorven plantje of diertje en afzetting vervolgens zorgde voor verstening.

Dat merkwaardige proces van hoe iets dat levend was mettertijd steen kon worden, kreeg later metaforische eigenschappen. Een fossiel werd bijvoorbeeld een beschrijving van iemand die onwrikbare opvattingen had.

En nu ben ik aan de beurt.

Eerst begon de verstening in mijn gewrichten en thans heeft ze mijn oude hippie-idealen bereikt.

Ik wil niet mee met taalvernieuwingen. Gisteren werd ik gecorrigeerd toen ik het had over slaven in plaats van ‘tot slaaf gemaakten’. Ik vind dat niet alleen een lelijk begrip, maar ook onjuist. Tot vrouw, moeder, slaaf, gemaakte geeft een proces aan. Het einde van dat proces is dat iemand vrouw, moeder of slaaf is. Ik verander daarin niet meer. Taal die te veel door idealisme wordt beïnvloed, verliest invloed en zeggingskracht.

Soms heb ik opvattingen die lijken te sterven en die ik graag levend wil houden. Dat vrijheid van meningsuiting een noodzaak is binnen een levendige democratie; dat alles gezegd mag worden; dat Kamerleden in de Kamer mogen schelden, beledigen, onfatsoenlijk mogen zijn.

Ze hoeven niet te argumenteren of te onderbouwen of iets ‘aan te geven’. Het lijkt mij verstandig, maar je kunt voor iets anders kiezen. Afstandelijk woordgebruik lijkt me ook wijs, maar is niet van node. Corrigeer elkaar.

Gisteren was het zoveelste debat waarin Wilders tekeer ging en bleek er wederom een Kamer die hem zijn woorden wilde laten terugnemen. Ze riepen zelfs de hulp in van de voorzitter.

Laat Wilders zeggen wat hij wil. Ik hoorde dinsdag geen ‘racisme’, maar hij werd er wel van beschuldigd. Zelfs racistische uitspraken zou hij, wat mij betreft, in de Kamer mogen doen, zoals hij er ook van beschuldigd mag worden. Wij, kiezers, beoordelen dat wel.

Maar ik ben al een halffossiel.

Theodor Holman (1953) is columnist, schrijver, televisie- en radiomaker. Elke dag, uitgezonderd zondag, lees je hier zijn column. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? t.holman@parool.nl.

Meer over