Karin Spaink. Beeld Artur Krynicki
Karin Spaink.Beeld Artur Krynicki

Je spreekt niet van een ‘explosie’ als je écht vindt dat trans zijn oké is

PlusKarin Spaink

Karin Spaink

Er verschijnen tegenwoordig veel artikelen waarin de zorgverlening aan en de positie van trans mensen ter discussie worden gesteld. Ze worden steevast geïntroduceerd met een plichtpleging: ‘Niet dat er iets mis is met trans mensen, maar...’. Het is de obligate knieval, die als vrijbrief dient om precies dat te doen wat je zegt niet te doen: discrimineren.

Want vervolgens leggen de maar-mensen uit dat er sprake is van een zorgwekkende trend. Er zou een ‘explosie’ zijn van trans mensen, vooral van pubermeisjes die zich jongen voelen, en mensen zouden ‘te makkelijk’ in transitie mogen gaan. Vooral de notie dat iemand niet langer verplicht een pakket van ingrepen hoeft te doorlopen voordat ze hun geslachtsaanduiding op hun identiteitsbewijs kunnen veranderen, roept protest op.

Wat opvalt: het zijn vooral gendervaste mensen die zulke bezwaren aanvoeren. Het doet me denken aan mannen die vrouwen haarfijn uiteggen hoe zij zich dienen te gedragen om ‘succesvol’ te zijn, of heteroseksuele mensen die uiteenzetten wat homoseksuelen niet moeten doen indien ze ‘aanvaard’ willen worden.

‘Vragen stellen’, noemden deze maar-mensen het. Dat verklaart niet waarom kranten zulke stukken met enige gretigheid afdrukken. Je spreekt niet van een ‘explosie’ als je écht vindt dat trans zijn oké is. Mij lijkt het conditionele acceptatie. ‘Ze’ moeten eerst aan ‘onze’ voorwaarden voldoen, anders is de boot aan.

Dat tegenwoordig meer mensen zichzelf als trans benoemen, lijkt me een logisch uitvloeisel van hun bredere acceptatie. Homoseksuele (en biseksuele) mensen zijn nu ook zichtbaarder dan in de jaren ’60 of ’70, nu heteroseksuelen hen eindelijk normaler zijn gaan vinden. Dan spreek je toch niet van een ‘explosie’ of ‘een zorgelijke trend’?

En ja, dat een arts zich vergewist van iemands klaarheid eer hij of zij ingrijpt in een gezond lichaam, vind ik begrijpelijk. Alleen hoeft dat geen verplicht traject van twee jaar te zijn, plus een wachttijd van twee jaar. Bovendien dunkt me dat artsen dergelijke vragen best vaker mogen stellen, bijvoorbeeld bij cosmetische chirurgie.

Het meest bizar vind ik de claim dat wanneer trans vrouwen niet eerst een heel traject hebben doorlopen eer ze hun geslachtsaanduiding mogen veranderen, dat de positie van vrouwen zou schaden. Je kunt uitstekend opkomen voor vrouwenrechten zonder trans vrouwen uit te sluiten, laat staan te discrimineren.

Het inmiddels klassieke wc-verweer is al helemaal abjecte onzin: ‘gewone’ mannen zouden dan zomaar de vrouwen-wc kunnen inlopen en daar vrouwen lastigvallen, en niemand die daar dan nog iets tegen kan doen. Je mag nergens een ander lastigvallen: niet als vrouw, niet als man, en niet als trans man of vrouw. En heus: geweld tegen vrouwen komt niet van trans vrouwen, maar van mannen.

Voor trans mensen zelf is de vrouwen-wc overigens vaak een stuk veiliger. In de ‘heren’ loopt iedereen die non-binair of trans is, zelf gevaar: er zijn te veel mannen die hun eigen verbazing of verwarring als een affront opvatten, en dan agressief worden.

Karin Spaink schrijft elke week een column voor Het Parool. Lees al haar columns hier terug.

Meer over