Natascha van Weezel. Beeld Artur Krynicki
Natascha van Weezel.Beeld Artur Krynicki

In zekere zin is Israël mijn verzekeringspolis

PlusNatascha van Weezel

Natascha van Weezel

De afgelopen tijd verbleef ik voor werk in Israël. Ik vond het fijn én verwarrend om daar te zijn. Ik hou van de cultuur, van het temperament van de mensen, van de intensiteit van het leven. Ik heb alleen grote moeite met de politieke koers die het land vaart. Zo ben ik een aantal keer op de West Bank geweest en was ik geschokt door de manier waarop Palestijnen daar behandeld worden. Israël voelt voor mij als een familielid dat je eigenlijk niet kunt uitstaan, maar waar je toch altijd van blijft houden.

Als ik eerlijk ben, heb ik getwijfeld of ik een column over dit onderwerp wilde schrijven.

Zodra je de woorden ‘Israël’ of ‘Palestina’ opschrijft krijg je gegarandeerd gedonder.

Ik weet nu al dat mijn mailbox gaat overlopen met woedende reacties. Sommige mensen uit de Joodse gemeenschap zullen me ‘landverrader’ noemen, omdat ik het waag om openlijk kritiek te leveren op Israël. En fanatieke pro-Palestijnen zullen me verwijten dat ik een ‘fascist’ ben, aangezien ik zeg dat ik van Israël houd. Je kunt het werkelijk nooit goed doen met dit thema.

Nog geen maand geleden keek een kennis me bijvoorbeeld vol walging aan toen ik vertelde dat ik naar Israël zou gaan. Haar antwoord: “Door daar geld uit te geven steun je die apartheidsstaat.” Haar woorden sneden door mijn ziel. Net als de spandoeken die vorig jaar mei op meerdere plekken in Amsterdam hingen. Aanleiding daarvoor was de kortstondige oorlog tussen Israël en Gaza. ‘From the river to the sea, Palestine will be free,’ stond daarop. Dit betekent: doek Israël gewoon op en maak er Palestina van. Radicale Palestijnen, zoals die van Hamas, vinden zelfs dat alle Joden uit dat gebied verjaagd moeten worden.

Tijdens mijn meest recente bezoek aan Israël sprak ik een Joodse vrouw van 85 jaar. Ze is een hardcore ‘peacenik’, iemand die voor vrede strijdt. Tot twee jaar geleden ging ze elke week naar een checkpoint om in de gaten te houden of de Palestijnen daar wel correct behandeld werden. Willen de fanatieke pro-Palestijnen werkelijk dat zij Israël verlaat? Ik ging ook uit eten met mijn oom en tante, allebei Holocaustoverlevenden. Ze verloren hun ouders in de kampen en wilden na de oorlog niet langer in Europa leven. Israël was hun verzekeringspolis, daar konden ze meteen terecht. Moeten zij na zeventig jaar soms terug naar Europa?

In zekere zin is Israël ook míjn verzekeringspolis. Ik denk niet dat er binnenkort een nieuwe holocaust komt en ik hou te veel van Amsterdam om weg te willen. Maar áls ik moet vluchten voor antisemitisme of vervolging kan ik altijd daarheen. Dat is een troostende gedachte. Het zou alleen zoveel meer troostend zijn als Israël ook een land was waar Palestijnen zich veilig en gerespecteerd konden voelen.

Natascha van Weezel (1986) is journalist. Elke maandag schrijft ze een column voor Het Parool.

Reageren? natascha@parool.nl.

Meer over